Princess bouwt fabriek in China

Volgende maand opent Princess, verkoper van huishoudelijke apparatuur, zijn eerste eigen fabriek in China. Dat zegt directeur en eigenaar Aad Ouborg. In de fabriek gaat het Nederlandse merk onder meer bakplaten en blenders produceren. In totaal gaat het om tien producten.

De stap is opmerkelijk omdat Princess sinds het ontstaan van het merk in 1994 zijn producten wel al in China liet fabriceren maar dan in fabrieken van anderen. Destijds was het bedrijf nog een voorloper in het uitbesteden van productie aan Chinese bedrijven, dat tegenwoordig door veel bedrijven gebeurt.

95 procent van de producten die Princess verkoopt, waaronder ook scheerapparaten, friteuses en koffiezetapparaten, komt uit China. „Destijds werden we voor gek verklaard. En nu geloof ik in een nieuwe benadering, waarin we niet alles aan de Chinezen overlaten”, zegt Ouborg.

Met de fabriek in Nimgbo, twee uur rijden van Shanghai, krijgt het bedrijf er in één klap 600 werknemers bij. Op dit moment heeft Princess 100 man voor zich werken, vooral in productontwikkeling, marketing en verkoop. Verder laat Princess producten ontwerpen door bekende designers als Philps Starck en Jan des Bouvrie en is het bekend door zijn samenwerking met kok Cas Spijkers. Princess heeft een omzet van rond de 60 miljoen euro en het merk wordt verkocht in 70 landen. Sinds drie jaar heeft het bedrijf ook een eigen platenlabel met artiesten als Karin Bloemen en Gordon en het heeft eigen hotels in Oostenrijk en Thailand.

Princess sloot in de jaren negentig al een joint venture met het Chinese bedrijf Willie Ng voor een fabriek in de provincie Guangdong. In dat bedrijf zijn de 1500 werknemers in dienst van de Chinese partner en is het machinepark eigendom van Ouborg.

Ouborg gaat ook drie verkoopkantoren in China openen en heeft daar 45 mensen voor in dienst genomen. „De Chinese markt is moeilijk, want er zijn wel duizend merken. We verkopen ons daar echt als ‘European Design’. Je moet een statusartikel zijn. Ik verwacht dat we daar snel kunnen groeien.”