De Oostenrijkse clans der Automachers

Gaat het grote Volkswagen concern overgenomen worden door het kleine Porsche? Schandalen rond en gemarchandeer door twee clans van Oostenrijkse automakers.

Ferdinand Piëch, erfgenaam van het Porsche-fortuin, ziet zichzelf als een ‘dwarse durfal’. In de media wordt hem arrogantie en machtshonger verweten. Foto AP Ferdinand Piech, chairman of the board of management of German car maker Volkswagen AG, looks out of his car while he leaves the annual press conference in Wolfsburg, northern Germany Thursday, March 22, 2001. (AP Photo/Joerg Sarbach) Associated Press

Hij is een manager met een ongelooflijk slechte pers. Arrogant. Machtsbelust. Ongrijpbaar. Zegt men.

Hij is ook een ondernemer met een lange staat van dienst en een technicus met talent. Hij is de telg uit een beroemde autodynastie. Hij is allang financieel onafhankelijk. En hij weet van geen ophouden.

Ferdinand Piëch. Kleinzoon van Ferdinand Porsche, de ontwerper van de Volkswagen Kever. Verliefd op auto’s en autotechniek. Vijf jaar baas van Audi. Negen jaar bestuursvoorzitter bij Volkswagen. Nu voorzitter van de raad van commissarissen bij VW en – door afkomst – aandeelhouder en commissaris bij Porsche.

Binnenkort wordt hij 70. De meeste mensen denken dan aan tijd met de kleinkinderen, of aan tochten met een zeewaardig jacht. Piëch heeft twaalf kinderen én een hypermodern jacht. Maar hij denkt niet aan uitrusten. Integendeel. Hij vergaart steeds meer macht. Als het aan hem ligt blijft hij nog een paar jaar bij Volkswagen. Een beslissing over zijn toekomst daar valt dit voorjaar.

De familiegeschiedenis gaat terug tot de tijd van de Donaumonarchie. Het geld. De snelle auto’s. De grote schandalen bij Volkswagen die hem niet blijvend beschadigden. De affaires, die hem in de roddelpers katapulteerden.

Piëch polariseert ook. De journaliste Rita Stiens omschreef hem in haar boek Der Automacher in 1999 als een man met „ongetemde ambitie, egocentrisch, sociaal onaangepast en uiterst wantrouwend”. Een man die „zijn eigen kosmos verheft tot de maatstaf voor alles”. Hij is „zwijgzaam”, „gesloten” en „gek op presteren”.

In zijn eigen levensbeschrijving, getiteld Auto.Biografie, laat Piëch de lezer kennismaken met een techneut die in zijn jonge jaren niet goed kan lezen en spellen en die altijd wil winnen. Piëch ziet zichzelf graag als dwarse durfal. Zo ontwikkelt hij meer dan eens een motor of zelfs een complete auto zonder dat hij daar toestemming of budget voor heeft. Eenmaal in machtsposities houdt hij de touwtjes strak in handen. Het ideale model voor een ontwikkelteam kijkt hij af bij zijn opa. Topmensen op hun vakgebied „werken onafhankelijk van elkaar en in het midden zet iemand als ik de puzzel in elkaar”.

Piëchs achtergrond en zijn macht wakkeren speculaties aan. Volgens sommigen staat Piëch aan de vooravond van zijn grootste coup: de overname van het grote Volkswagen door het kleine Porsche. Bewijzen voor een aanstaande machtsgreep zijn er niet. Wel aanwijzingen. Indirect bewijs. Genoeg stof, in elk geval, om de mythe te voeden. Sinds een jaar is Porsche al de grootste aandeelhouder van VW.

Stuttgart, vorige maand. Terwijl de aandeelhouders van Porsche met een speciale Porsche-tram langs de besneeuwde oevers van de Neckar naar de Porsche-Arena rijden, zit Piëch al op het podium. Alleen. Een opgewekte, bijna-kale man. In beige pak met wit hemd en gele das.

Piëch zit in de Porsche-Arena op de tweede rij. De rij van de commissarissen. Naast hem zit zijn broer. Even verderop zitten de neefjes. De Porsches.

De bolides uit Stuttgart-Zuffenhausen zijn peperduur en razendsnel. Technisch vernuft in een behaaglijke wolk van zinloze luxe. De slagroom op het kapitalisme. Het bedrijf dat die symbolen van succes en vrije markt produceert, is een familiebedrijf. De macht is dankzij aandelen met voorkeursrecht in handen van twee van oorsprong Oostenrijkse clans, de Porsches en de Piëchs.

Een jaarvergadering heeft dan ook iets familiairs. De president-commissaris maakt grappen met de notaris. Wolfgang Porsche bedankt scheidende bestuurders namens de familie. Eén commissaris, geen familie, verwijst naar de florissante jaarcijfers en verzucht dat het jammer is dat ‘meneer Porsche’ en ‘mevrouw Piëch’ dit niet meer mogen meemaken. Meneer Porsche is Ferry Porsche, de grondlegger van de autofabriek. Mevrouw Piëch, geboren Louise Porsche, is de moeder van Ferdinand.

Porsche is, ondanks beursnotering, een familiebedrijf. Volkswagen is ondanks beursnotering een politiek bedrijf. Het personeel is er goed georganiseerd en heeft een stevige afvaardiging in de raad van commissarissen. De regionale politiek heeft grote invloed omdat deelstaat Nedersaksen een belang heeft van ongeveer 20 procent en twee commissarissen mag leveren. Eén ‘politieke’ zetel wordt bezet door de deelstaatpremier, voorheen Gerhard Schröder (SPD), nu Christian Wulff (CDU). Dankzij een omstreden beschermingsconstructie, vastgelegd in wet (zie: De Volkswagen Wet), kunnen personeel en politiek belangrijke beslissingen samen naar hun hand zetten.

Piëch kwam begin jaren negentig aan de macht dankzij de steun van Gerhard Schröder én van de machtige vakbond IG Metall. In de loop der jaren wist hij het personeel te vriend te houden – ondanks soms pijnlijke ingrepen. Een sleutelrol was daarbij weggelegd voor de innovatieve personeelschef Peter Hartz, die het personeel tot grote flexibiliteit kon overhalen.

Vorige maand werd Hartz veroordeeld tot twee jaar voorwaardelijk omdat hij de voorzitter van de ondernemingsraad met miljoenenbonussen en bordeelbezoek op kosten van de zaak had omgekocht. Op Piëch geeft die kwestie vooralsnog niet af: Hartz verklaarde voor de rechtbank dat hij zelfstandig handelde.

Terwijl Hartz de personeelsvertegenwoordigers fêteerde, probeerde Piëch met VW door te stoten naar het duurdere marktsegment. Hij kocht kostbare merken, Bugatti, en liet een luxe sedan ontwikkelen, de Phaeton. Nadat hij in 2001 de macht had overgedragen aan zijn kroonprins, Bernd Pischetsrieder, verweten analisten Piëch dat hij te veel oog had gehad voor het topsegment en te weinig aandacht had besteed aan de stijgende kosten bij de productie van de middenklassers. De auto’s van VW waren te duur. De nieuwe man moest dat euvel verhelpen. Piëch werd voorzitter van de raad van commissarissen en leek daarmee aan de laatste etappe van zijn loopbaan te beginnen.

Eind 2005 komt de grote verrassing. Porsche koopt een belang in Volkswagen. Piëch haalt het familiekapitaal binnen. De invloedrijke president-commissaris krijgt via de deelneming nog meer macht en maakt daar prompt gebruik van. Pischetsrieder moet vertrekken, niet veel later gevolgd door Wolfgang Bernhard, verantwoordelijk voor automerk Volkswagen, een doortastende saneerder, niet geliefd bij het personeel.

Het concern krijgt een nieuwe structuur en een nieuwe top. Martin Winterkorn, afkomstig van Audi, neemt het roer over.

De aandeelhouders van Porsche waren in eerste instantie verbijsterd. Met Porsche gaat het goed, met Volkswagen niet. Wat hebben we daar te zoeken, vroegen zij vorig jaar ontdaan. Inmiddels is de kritiek weggeëbd.

Voor Porsche-aandeelhouders is de kapitaalsinjectie in VW namelijk een gouden zet gebleken. Porsche verdiende in louter zes maanden 520 miljoen euro aan het belang van 27,4 procent.

De invloed van Porsche in Wolfsburg zal in de komende maanden nog verder groeien. Het belang wordt opgevoerd tot 29,9 procent – bij 30 procent moet Porsche een bod op alle aandelen uitbrengen.

Porsche, nu met twee commissarissen vertegenwoordigd, streeft naar een zetel extra. Daarnaast zullen ook de operationele banden tussen de fabrikanten worden aangehaald.

Er zijn aanwijzingen dat Porsche meer wil. De aandeelhouders keurden een uitbreiding van het geplaatste kapitaal goed, waardoor de directie snel genoeg geld op kan halen om een meerderheid in VW te verwerven. Porsche toont spierballen.

De aandeelhouder manifesteert zich ook op een ander vlak. Porsche pleit vóór afschaffing van de Volkswagen Wet, die het stemrecht van elke aandeelhouder beperkt tot 20 procent, ongeacht de omvang van het belang. Ook vindt Wiedeking dat Nedersaksen zich eigenlijk uit het concern moet terugtrekken. „Politici hebben in een onderneming in principe niets te zoeken.”

De Porsches hebben nu in Stuttgart meer macht dan de Piëchs, die maar twee commissarissen leveren. In de wandelgangen zag men daarin een deal.

Meer macht voor de Porsches in Stuttgart in ruil voor een verlenging van het commissariaat van Ferdinand Piëch in Wolfsburg.