Afrikaanse bloeddiamanten nog steeds in de handel

Volgens Bram Vermeulen komt DiCaprio met zijn aanklacht tegen diamanten als mosterd na de maaltijd (NRC Handelsblad, 24 januari). De film `Blood Diamond` zet opnieuw conflictdiamanten in de schijnwerpers, terwijl de meeste bloedige Afrikaanse burgeroorlogen voorbij zijn en een certificeringsysteem consumenten zou garanderen dat zij met hun diamantaankoop geen oorlog steunen.

Het Nederlands instituut voor Zuidelijk Afrika (NiZA), aanvoerder van de campagne `Fatal Transactions` tegen grondstoffenhandel uit conflictgebieden, vindt de timing juist perfect. Juist nú zijn er kansen om álle diamanten te laten bijdragen aan ontwikkeling, zoals dat in Zuid-Afrika en Botswana al gebeurt.

Het internationale certificeringsysteem is een enorme stap vooruit. De uitvoering laat echter te wensen over. Onafhankelijke controles ontbreken en juweliers hebben geen idee waar de diamanten die ze verkopen vandaan komen. Juist om te voorkomen dat de `historische film` Blood Diamond weer realiteit wordt, moeten nú de mazen in het systeem gedicht worden.

Echter, het certificeringsysteem garandeert niet dat de diamanten niet door kinderen of dwangarbeiders zijn gedolven, dat er geen mensen voor zijn vermoord of mishandeld of andere mensenrechten met voeten zijn getreden. Een diamant uit Angola, waar het de regering koud laat hoe het de bevolking vergaat, zolang de diamantinkomsten maar op zijn conto worden bijgeschreven, mag officieel geen conflictdiamant heten.

Toch kleeft er nog wel degelijk bloed aan. Vermeulen heeft gelijk: de situatie in Congolese goudmijnen is niet veel beter. Ook daar wordt actie tegen gevoerd. Maar moeten we accepteren dat er vuile diamanten bij onze juweliers liggen, alleen omdat het goud van de ring waarin ze gevat zijn, misschien ook wel smerig is?