Straf als molest kind niet is gemeld

Het Openbaar Ministerie (OM) in Rotterdam gaat het strafrecht inzetten om gevallen van kindermishandeling eerder aan te kunnen pakken. Hulpverleners die van mishandling op de hoogte zijn, maar er geen melding van maken, moeten desnoods worden vervolgd.

Dat zei hoofdofficier Henk Korvinus gisteren bij de presentatie van de jaarcijfers en het jaarplan 2007 van het Rotterdamse OM. Daar komen volgens Korvinus slechts de meest schrijnende gevallen aan bod, terwijl afgelopen jaar bij het Advies- en Meldpunt Kindermishandeling in Rotterdam ruim duizend meldingen binnenkwamen. „Zodra wij in beeld komen is het al te laat , want het kind is dood of zwaar mishandeld. Je maakt mij niet wijs dat daar niet al menig gebroken ledemaat aan vooraf is gegaan.”

Korvinus pleit voor „nauwer en intensiever contact” tussen de betrokken hulpverlenende instanties, zoals consultatiebureau, bureau Jeugdzorg, Advies- en Meldpunt Kindermishandeling, Raad voor de Kinderbescherming en GGD. „De politie moet eerder geïnformeerd worden. Hulpverleners hebben de neiging te denken: we lossen het wel op. Dat lukt dus vaak niet. De informatie moet worden gedeeld.”

Het strafrecht kan volgens Korvinus dienen als „stok achter de deur”. „Zo kunnen we mensen motiveren hun cursus of therapie af te maken. Zodat ze leren dat communicatie meer is dan de handen laten spreken.” Dat werkt volgens hem preventief. „De slachtoffers van nu zijn de daders van de volgende generatie.”

Dat hulpverleners huiverig zijn voor inmenging van justitie, door de kans op vervolging na eventuele nalatigheid, beseft de hoofdofficier. „Maar uiteindelijk hebben we allemaal hetzelfde voor ogen: kinderen laten opgroeien in een veilige omgeving.” Met „meer dan gemiddelde belangstelling” volgt Korvinus de zaak die het OM in Den Haag heeft aangespannen (dood door schuld) tegen de gezinsvoogd, die medeverantwoordelijk wordt geacht voor de dood van Savanna. De peuter stierf in september 2004 na mishandeling.