Stop Amerika’s vijfde colonne in Midden-Europa

Het nieuws staat op de binnenpagina’s. Het mist daardoor de algemene belangstelling. Maar het beantwoordt de vragen die menigeen stelt: zijn er aan Europa – nauwkeuriger: de Europese Unie – grenzen gesteld en zo ja, waar en op grond waarvan worden die getrokken? Antwoorden komen niet van de Europese instellingen, ook niet van Europese staten die zichzelf graag als gids zien. Amerika beantwoordt die vragen, en het antwoord is van militaire aard – historisch niet opmerkelijk wanneer het om grenzen gaat.

De VS zijn momenteel in verregaande onderhandelingen met een aantal nieuwe lidstaten van de EU – met Polen en Tsjechië over de opbouw van een schild tegen vijandelijke raketten, met Roemenië en Bulgarije over het gebruik van de Amerikaanse bases aldaar waarvandaan doelen in het Midden-Oosten kunnen worden bestookt. Hongarije beschikt al enkele jaren over zo’n Amerikaans steunpunt. De landen worden over de streep getrokken met beloftes van levering van modern wapentuig tegen schappelijke prijzen en hoogwaardige ondersteuning van militaire training.

Al eerder had Washington aangegeven bases in het West-Europese NAVO-territoir, stammend uit de Koude oorlog, te sluiten en een nieuwe aanvals- en verdedigingslinie verder naar het Oosten te willen aanleggen. Dat laatste begint nu vorm te krijgen.

Van de kant van de Europese Unie valt er tot dusver nauwelijks een reactie waar te nemen, alhoewel de Amerikaanse voornemens direct de Europese veiligheid raken. Het ontbreken van een Europees veiligheidsbeleid dat die naam verdient, breekt de EU op. Niets staat immers de betrokken landen in de weg om in deze kwestie hun eigen koers te varen.

Sterker, zij kunnen volhouden dat zij als nieuwe leden ook van de NAVO een belangrijke bijdrage gaan leveren aan de gezamenlijke veiligheid. De op hun grondgebied gestationeerde raketverdediging moet immers ook een opgestoken paraplu zijn boven het voor inkomende projectielen kwetsbare Midden- en West-Europa.

Bij deze voorstelling van zaken zijn overigens wel een paar kritische kanttekeningen te maken. Tot dusver zijn de Amerikaanse proeven met antiraketraketten nauwelijks succesvol geweest. Maar dit weerhoudt de regering-Bush er niet van tot plaatsing te besluiten en op zoek te gaan naar geschikte locaties.

Belangrijker dan technische onvolkomenheden is het strategische concept dat Amerika met betrekking tot Oost-Europa voor ogen heeft. Een nieuw vijandbeeld is daarbij bron van inspiratie. De politieke islam in het Midden-Oosten en in Centraal-Azië heeft in het Amerikaanse denken de plaats ingenomen van de Sovjet-Unie uit de tijd van de Koude Oorlog. De politieke islam vindt volgens deze gedachtegang zijn belangrijkste inspiratiebron en beschermer in Iran.

Het is intussen weinig waarschijnlijk dat het zogenoemde Nieuwe Europa (Rumsfeld) de Amerikaanse zorgen deelt. Het vreest vooral pressie van zijn Oosterbuur, de Russische Federatie, en het probeert die vrees de baas te blijven door zo dicht mogelijk aan te schurken tegen het Westen, in casu de NAVO en Amerika. De EU is in die wijze van zien economisch belangrijk, maar politiek en militair onbetrouwbaar.

Europa’s militaire macht is betrekkelijk en staat, voor zover nucleair, in dienst van nationale belangen. Sinds Duitsland een exclusief gasleverantieverdrag met Moskou sloot dat Polen omzeilt, is in dat land bovendien de politieke betrouwbaarheid van West-Europa verder ter discussie komen te staan. West-Europa aan het ‘Russische infuus’ is geen geloofwaardige verdediger van Oost-Europese belangen, luidt de slotsom.

Is Amerika’s nieuwe vijandbeeld in overeenstemming te brengen met Europa’s existentiële belang? Het antwoord is nee. De politieke islam is een reactie op ruim honderd jaar westers opportunisme. Het is verstandiger de historische achtergrond te erkennen en daaruit consequenties te trekken.

Het advies van de speciale commissie onder voorzitterschap van ex-minister Baker om althans met landen als Syrië en Iran in gesprek te komen, was een eerste voorzichtige stap in die richting. De EU was voorloper geweest met haar verkenning in Teheran omtrent Irans nucleaire plannen, maar zij heeft zich uiteindelijk neergelegd bij de Amerikaanse aanpak om door middel van sancties en dreigementen de ayatollahs tot toegeven te dwingen.

Europa’s nervositeit over de gang van zaken kwam onlangs aan de oppervlakte met het voornemen van president Chirac een eigen missie naar Teheran te sturen. Dat stuitte op Amerikaans verzet en een beperkte muiterij binnen de Franse diplomatie. Vervolgens liet Chirac zich vorige week tegenover journalisten ontvallen dat het met het Iraanse gevaar wel meeviel. Het ging hem meer om de proliferatie in het algemeen. Ook die uitspraak viel buiten wat binnen de tegenwoordige Westerse context als acceptabel werd geacht, en de Franse president moest opnieuw retireren.

Als Europa er zich bij neerlegt dat Amerika bepaalt waar Europa’s grenzen liggen en hoe die verdedigd worden tegen wat Amerika beschouwt als de nieuwe vijand, wordt Europa’s manoeuvreerruimte praktisch nihil. De VS sluiten dan de EU op in een agressief veiligheidsconcept waarvan de gevolgen in Irak en Afghanistan elke dag opnieuw zijn te registreren.

Preventieve oorlogen leiden tot vernietigende reacties in Europa zelf. Ook zonder raketten is dat de bewezen werkelijkheid. Amerika’s vijfde colonne in Midden-Europa dient te worden gestopt voor het te laat is.

J.H. Sampiemon is medewerker van NRC Handelsblad.