Arnon mag er slechts door tralies gluren

In het kamp Guantánamo Bay op Cuba houden de VS honderden terreurverdachten vast zonder proces.

Schrijver Arnon Grunberg doet een poging tot een bezoek. Deel 1 van een serie.

Een van de meest exclusieve vakantiebestemmingen is dezer dagen ongetwijfeld Guantánamo Bay, door ingewijden genoemd ‘Gitmo’. Ik spreek niet over de ongeveer 395 gevangenen die daar [sinds de Amerikaanse inval in Afghanistan van 2001] vastzitten als enemy combatants. Ik heb het over de gestage stroom van hoogwaardigheidsbekleders, advocaten, afgezanten van het Rode Kruis en journalisten die de enemy combatants bezoeken.

Bezoeken in de ware zin van het woord is slechts mogelijk voor het Rode Kruis, hoewel het Rode Kruis geen mededelingen mag doen over zijn bevindingen daar, en de advocaten, hoewel ook die niet altijd met hun cliënten kunnen spreken. Hoogwaardigheidsbekleders en journalisten mogen slechts door de tralies gluren. De reis naar deze exclusieve bestemming begint met bijbelcitaten. Lang voor de journalist voet op Gitmo kan zetten, heeft hij een reeks van e-mails moeten uitwisselen met de Joint Task Force Guantánamo (JTFGTMO) die op Gitmo is ingezet om de enemy combatants te bewaken, te ondervragen en in leven te houden.

Onderaan de mails van JTFGTMO verschijnen teksten uit de bijbel. Een greep uit de citaten: ‘Wie van jullie kan door zich zorgen te maken ook maar één el aan zijn levensduur toevoegen?’ (Mattheus 6:27) ‘En wij weten dat voor wie God liefhebben, voor wie volgens zijn voornemen geroepen zijn, alles bijdraagt aan het goede.’ (Romeinen 8:28)

Maar het vaakst sluit JTF zijn e-mails af met het aforisme ‘dood de zonde, anders zal de zonde jou doden’. Eerst dacht ik dat JTFGTMO dit aforisme zelf verzonnen had. Maar het blijkt uit de koker van de theoloog John Owen te komen. Kennelijk had ik de zonde in mij zelf gedood, want na een aantal procedures kreeg ik bericht dat ik welkom was op Gitmo.

Ik moest wel wachten. De weekenden op Gitmo zijn mediavrij. De journalist arriveert maandag en gaat donderdag weer weg. Hij heeft de keuze om vanaf Fort Lauderdale-Hollywood International Airport, Florida, met Air Sunshine of Lynx Air International naar Gitmo te vliegen. Air Sunshine viel af. Er zijn grenzen aan de ironie. Na enig zoeken vond ik verleden week maandag de balie van Lynx Air. Ik ging in de rij staan met een paar Filippijnse gastarbeiders, van wie er veel op Gitmo werken.

Volgens een advocaat die ik op Gitmo heb ontmoet, verdienen de gastarbeiders daar minder dan twee dollar per uur. De Filippijnen in de rij leken geen idee te hebben waar ze heengingen, maar ze hadden de begeerde area clearance.

Wie incheckt voor Gitmo, moet eerst en vooral zijn area clearance laten zien. Een document dat de drager ervan toestemming geeft de marinebasis te betreden. Voor de kampen op Gitmo is een aparte clearance nodig. Als het papier bestudeerd is, word je door Lynx Air gewogen. (Een vrouwelijke collega die een dag eerder wilde vertrekken, kreeg op haar vraag of er nog plaats was in het vliegtuig van Lynx Air te horen: „Dat hangt er vanaf hoeveel je weegt.”)

Na het wegen zei de jongen van Lynx tegen me: „Kom om drie uur hier terug.” Om drie uur stond ik weer voor de balie. Samen met de Filippijnse gastarbeiders, wat mannen die advocaten zouden kunnen zijn of misschien ook diplomaten en twee collega’s. Net als toeristen herken je journalisten meteen.

Plotseling riep de jongen van Lynx Air: „Volg mij.” We volgden hem gedwee. Hij deed een deur open, wij stonden voor een piepklein vliegtuigje. Snel stapten wij in. Aan veiligheidscontroles werd niet meer gedaan.

In het vliegtuigje kun je niet staan, een wc ontbreekt, net als stewardessen. Je kijkt tijdens het vliegen recht in de cockpit, wat instructief is. De vlucht duurt langer dan noodzakelijk, omdat Amerikaanse luchtvaartmaatschappijen niet door het Cubaanse luchtruim mogen. Alleen tijdens het landen op Gitmo wordt een klein stukje Cubaans luchtruim doorkruist. Cuba is toeschietelijker geworden op dit gebied.

In een loods stond een man in burger die nog een keer mijn area clearance bekeek, een soldaat wierp een vluchtige blik in mijn computertas. Toen stond ik buiten in de regen. Het Amerikaanse leger zou mij afhalen, maar er was geen leger te bekennen.

„Waar moet je heen?” vroeg een medepassagier.

„Geen idee”, zei ik.

„Ja, dan kan ik je ook geen lift geven.”

Snel voegden twee collega’s zich bij me. Michelle en Pete, ze werkten allebei voor de Toronto Star. Hij als fotograaf, zij als reporter.

„Is dit je eerste keer op Gitmo?”, vroeg Michelle. Ik knikte.

„Wij zijn hier al een keer geweest”, zei Pete. Nog geen vijf minuten was ik hier en nu was ik al ontmaskerd als Gitmo-maagd.En weer moest ik aan dat aforisme van de JTFGTMO denken. ‘Dood de zonde, anders zal de zonde jou doden.’

Lees op de site van Grunberg over de University of Love:www.arnongrunberg.com