Warmtegordijn en terrasverwarming

Vijf jaar geleden was het `waarschijnlijk` dat de mens veroorzaker is van de opwarming van de aarde. Nu wordt het door de VN al `zeer waarschijnlijk` genoemd. Straks weten we het misschien zeker, maar dan is het te laat. Ondertussen gaande uitstoot van CO2 en de verspilling van fossiele brandstoffen onverminderd door.

Energiemisbruik is overal. `s Nachts rijd je in België op de snelweg in een zee van licht. Heb je daar geen koplampen voor? Mijn grootste ergernis is het `stoken in de buitenlucht` dat de laatste jaren buitenproportionele vormen heeft aangenomen. Ik hoor er niemand over, zelfs GroenLinks niet. Maar `warmtegordijn` en `terrasverwarming` zijn de vloekwoorden van de 21ste eeuw.

Het was altijd simpel: als het koud is doe je de deur dicht en ga je lekker binnen zitten. Loop nu in de winter door een willekeurige winkelstraat en de warmte blaast je van alle kanten tegemoet. Winkelpuien staan open, allemaal met warmtegordijn. Twintigduizend watt is niks. En waarom? Het moet van de baas, zeggen ze, of omdat de concurrent het ook doet.

Terrasverwarming, nog zoiets onzaligs. Welke onbenul heeft dat bedacht? Terrassen zijn er om lekker buiten te kunnen zitten als het weer het toelaat. Loop eens over de Oude Markt in Enschede: in de winter hangen de straalkachels er de buitenlucht te verwarmen voor een handjevol verdwaalde gasten, terwijl binnen ruimte zat is. Het is het toppunt van welvaartsgekte en zou verboden moeten worden.