Pardonregeling biedt ‘nieuwe’ asielzoekers geen hoop

Asieladvocaten zijn blij met de pardonregeling voor ‘oude’ asielzoekers. Maar ze voorzien dat er over vier jaar weer een pardon nodig is voor hun opvolgers.

De pardonregeling die door de nieuwe coalitie van CDA, PvdA en ChristenUnie is afgesproken, zal niet alle problemen met lang in Nederland verblijvende asielzoekers oplossen, zeggen vluchtelingenorganisaties en asieladvocaten. Hoewel de politieke partijen die aan de basis van het pardon staan de regeling een „enorme verbetering” noemen, erkennen ook zij dit probleem.

De regeling geldt namelijk alleen voor mensen die nog onder de oude Vreemdelingenwet (voor 1 april 2001) hun eerste asielaanvraag deden. Maar zonder een oplossing voor asielzoekers die onder de nieuwe wet vallen en soms ook al jarenlang op een vergunning wachten, zal de roep om een nieuw pardon aan het eind van deze kabinetsperiode opnieuw klinken, zeggen asieladvocaten.

Er ontstaat alweer een „nieuw stuwmeer aan schrijnende gevallen”, volgens asieladvocaat Michel Collet. Hij noemt het voorbeeld van alleenstaande minderjarige asielzoekers, die door „het stringentere beleid” geen vergunning krijgen, maar tot hun achttiende jaar in Nederland op uitzetting wachten.

Veel asielzoekers zijn geïntegreerd in de lokale gemeenschap, en hebben daar een leven opgebouwd. Hun kinderen zitten al jaren in Nederland op school, zijn soms hier geboren. Ze wachten al jaren op het antwoord op de vraag of ze in Nederland mogen blijven of niet – door achterstanden bij de Immigratie- en Naturalisatiedienst, lange procedures of omdat hun status door de situatie in hun land van herkomst verandert. Die „slepende onzekerheid” en „schrijnende omstandigheden” waren voor de Tweede Kamer reden om – direct na de verkiezingen eind vorig jaar – een pardon te bepleiten voor de asielzoekers die nog onder de oude Vreemdelingenwet vallen.

„De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat er ook onder de nieuwe wet al van dit soort oude gevallen zitten”, zegt Kamerlid Wim van de Camp (CDA) – die bij de debatten over een uitzettingsstop nog fel tegen een toekomstige pardonregeling was. Juist vanwege „dit soort parallelle vergelijkingen” tussen de oude en nieuwe wet was het CDA altijd tegen een pardon. In het nieuwe regeerakkoord verbindt ook zijn partij zich aan de regeling. Maar Van de Camp is zijn zorgen over de inrichting van het pardon „absoluut niet kwijt”.

Ook uit de evaluatie van de nieuwe Vreemdelingenwet blijkt dat jarenlange procedures nog steeds mogelijk zijn. Dat was voor de Adviescommissie Vreemdelingenzaken (ACVZ) reden om afgelopen weekend opnieuw te pleiten voor een aanpassing van de procedure. „Er is zich onder de nieuwe wet weer een residu aan het vormen van zaken die veel langer dan een jaar duren” , zei T. van Os van den Abeelen, voorzitter van de ACVZ, in het tv-programma Buitenhof. Dat is volgens hem minder dan onder de oude wet, maar „het is toch voldoende om je daar erg zorgen over te maken”.

De les die je moet trekken, zegt Edwin Huizing, directeur van Vluchtelingenwerk, is dat je mensen niet zo lang in een asielprocedure moet laten zitten. Die boodschap hebben de onderhandelaars van het nieuwe regeerakkoord ook gehoord. Ze willen daarom de Vreemdelingenwet aanpassen om vertraging te voorkomen.

Maar voor de ‘nieuwe wetters’ biedt noch de pardonregeling, noch een aanpassing van de wet een oplossing. Waarom eigenlijk niet? Het was niet politiek haalbaar. De oude wet, daar zijn ook tegenstanders van een pardonregeling het over eens, had te veel gaten en problemen. Om voor de vluchtelingen die daar onder vallen was – na een constitutionele crisis – nog een politiek compromis te bereiken. Maar verder willen CDA en PvdA niet gaan.

Van de Camp begrijpt de kritiek van asieladvocaten dat ook ‘nieuwe wetters’ onder een pardonregeling zouden moeten vallen. „Zij willen die mensen helpen.” Maar bij het Kamerlid speelt ook „de angst voor de aanzuigende werking” een rol. Er is nou eenmaal, zegt hij, een spanning tussen het belang van de overheid en van de burger. Zijn nieuwe coalitiegenoot Dijsselbloem (PvdA) noemt nog een reden om het bij de ‘oude wetters’ te laten: „Als we ook nieuwe gevallen meenemen, dan krijg je elke vijf jaar discussie over een pardon. Dat is niet gewenst, dan komt er een beloning voor het rekken van procedures.”

Wat gebeurt er dan met de vluchtelingen die tussen de pardonregeling en de aanpassing van de nieuwe wet vallen? Betrokkenen beantwoorden die vraag eerst met de opmerking dat het wel om een veel kleinere groep gaat dan de 26.000 die steeds bij de huidige pardonregeling worden genoemd. „Maar dat wil niet zeggen dat we ze vergeten”, zegt Edwin Huizing van Vluchtelingenwerk. Kamerlid Van de Camp: „Daar moeten we in een ander traject over nadenken.”

Vluchtelingenorganisaties geven op www.pardonnu.nl informatie over de pardonregeling.