Nu

22.15 uur. Ik sluit mijn pc af. Uren hebben we, op de datingsite, gechat. En hóé, webcams aan, ze mag er zijn! „Zal ik naar je toe komen?!” „Is goed!?” antwoordt zij. „Dan kom ik, nú!” Ik sprint naar ‘t Amstel, spring op een trein, stap over in Utrecht, in Zeist op de bus. Ik

22.15 uur. Ik sluit mijn pc af. Uren hebben we, op de datingsite, gechat. En hóé, webcams aan, ze mag er zijn!

„Zal ik naar je toe komen?!”

„Is goed!?” antwoordt zij.

„Dan kom ik, nú!”

Ik sprint naar ‘t Amstel, spring op een trein, stap over in Utrecht, in Zeist op de bus. Ik sms: „Ik ben er bijna!”

Zij antwoordt: „Néé! Dit kan écht niet. Is dit een grapje?”

„Mooi niet, en het kan wél, als je maar wíl!”

Doorn, Ik ben er, stap over in een schilderij van Hopper: een tl-verlichte abri in een donker woud, ragfijne regen daalt neer.

 Zij sms’t: „Nee, dit wil ik écht niet. Goede reis terug!”

Met de laatste bus naar Utrecht, daar de nachtnettrein naar A’dam C.S.

Taxi, thuis: 01.47 uur.

Cor van der Wijk