Gif drinken zonder het te weten

Stomdronken en dakloze Polen zorgen voor overlast in Rotterdam. De gemeente roept de hulp van de ambassadeur in. „Spiritus geeft een agressieve dronk.”

Drie Poolse alcoholisten mag hij inmiddels tot zijn klantenkring rekenen, en hun fysieke staat stemt hem niet vrolijk. „Deze jongens drinken niet alleen fors, ze drinken ook nog eens de verkeerde alcohol. Niet de ethanol die u en ik nuttigen zodra we een glaasje wijn achteroverslaan, maar methanol. Dat is puur vergif.”

Frans Sikken is huisarts in Rotterdam en als vrijwilliger verbonden aan de Nico Adriaans Stichting, die in de Pauluskerk zorg en opvang biedt aan junks en daklozen. Afgelopen zomer trof hij daar de eerste aan lager wal geraakte Pool aan. „Iemand die dacht een mooie toekomst in Nederland te kunnen opbouwen, maar toen die droombaan uitbleef uit frustratie naar de fles greep. En dat is in zijn geval spiritus.”

Spiritus (alcoholpercentage 85 procent) geldt in Polen als een populaire armendrank. In Nederland echter bevat het het giftige methanol, dat bij overmatig gebruik leidt tot leverkwalen, blindheid en uiteindelijk de dood. Maar dat schrikt de Polen niet af. „Spiritus is spiritus, lijken ze te denken: lekker goedkoop, makkelijk verkrijgbaar en je raakt compleet toedeledokie”, weet hoofdredacteur Sander de Kramer van daklozenkrant STRAATmagazine.

‘Spiritusdrinkers’ worden ze dan ook genoemd, de naar schatting twintig dak- en thuisloze Polen die door het Rotterdamse stadscentrum zwerven en daar volgens gemeente en politie voor overlast zorgen. „Kleine vergrijpen, zoals diefstalletjes, bedelarij en openbare dronkenschap, gepleegd door een relatief kleine groep notoire buitenslapers, maar we willen voorkomen dat het probleem zich gaat uitbreiden”, zegt Robbert van Heiningen van het Bureau Veilig. Eén Pool is al overleden als gevolg van spiritusgebruik in combinatie met algehele lichamelijke verwaarlozing. „We willen ze graag helpen, maar door de taalbarrière én hun verslaving zijn ze moeilijk benaderbaar. Spiritus geeft een agressieve dronk”, zegt Van Heiningen, die spreekt van „een bijna onbehandelbare groep zonder enige toekomst in Nederland”.

Als EU-ingezetenen beschikken de Polen over een legale verblijfstatus in Nederland. Uitzetten kan daarom niet. De gemeente heeft inmiddels de hulp ingroepen van de Poolse ambassade in Den Haag. Volgende week schuiven beide partijen aan voor overleg. Van Heiningen: „We hebben de groep redelijk in kaart weten te brengen, maar wat we niet weten, zijn hun eventuele criminele antecedenten.” Mochten ze die hebben, „dan zouden ze op justitiële gronden alsnog uitgeleverd kunnen worden”.

Een toename in het aantal meldingen over Poolse probleemdrinkers was voor de GGD Rotterdam-Rijnmond drie maanden geleden aanleiding een speciaal Meldpunt Oost-Europeanen te openen. „Wij anticiperen op het nieuwe Europa”, verklaart woordvoerder Jelle Zijlstra het initiatief. Sinds 1 januari zijn ook Bulgarije en Roemenië lid van de EU.

In navolging van de Polen kunnen sindsdien ook ingezetenen uit die landen in Nederland niet terugvallen op de medische basiszorgvoorzieningen, waar illegalen onder bepaalde voorwaarden wel een beroep op kunnen doen. „Omdat ze nu EU-burger zijn, dreigen de probleemgevallen onder de Oost-Europeanen tussen wal en schip te belanden, ook al hebben ziekenhuizen een zorgplicht voor onverzekerden”, zegt Zijlstra.

Sander de Kramer juicht het initiatief van de GGD toe. Een betere voorlichting kan volgens hem veel ellende voorkomen. „Het probleem mag in omvang dan niet zo groot zijn – of misschien moet ik zeggen ‘nóg niet’ – het ware probleem is dat die jongens gif drinken, zonder dat ze het zelf beseffen. Ze helpen zichzelf compleet de vernieling in.”

Dat weet ook pastoor Slawomir Trypuc van de Poolse parochiekerk aan de Beukelsdijk. Hij waakt niettemin voor stigmatisering. „Dit is geen exclusief Pools probleem.” Trypuc zegt machteloos te staan. „Bijna dagelijks krijgen wij telefoontjes met de vraag of wij niet iets kunnen doen. Helaas is het antwoord ‘nee’. Wij bieden slechts pastorale zorg.”