Het gebaar van de maker

Sinds Georges Mélies is film een magisch medium. De filmmaker zet zijn publiek met wat handgebaren en formules op het verkeerde been. Kijk maar naar de illusionisten in The Prestige.

TPC-7526 Christian Bale (Alfred Borden) and Piper Perabo (Julia McCullough) in Warner Bros. PicturesÕ and Touchstone PicturesÕ ÒThe Prestige,Ó directed by Christopher Nolan. The film stars Hugh Jackman, Christian Bale, Michael Caine and Scarlett Johansson. Duhamel, Francois

Auguste en Louis Lumière waren in 1895 de eersten die erin slaagden bewegende beelden te projecteren. Toch legden ze daarmee niet de grondslag voor massacultuur van de filmindustrie. Want die bestond in feite al: aan het eind van de negentiende eeuw was in de grote steden van Amerika en Europa een hele bedrijfstak ontstaan, van goochelaars en illusionisten, van toverlantaarns en andere trucages waarmee het proletariaat kon worden gehypnotiseerd. De cinematograaf, de uitvinding van de Lumieres, zou die industrie geheel veranderen, maar was in eerste instantie niet meer dan een van de attracties in de varietétheaters.

Net als in The Illusionist van regisseur Neil Burger, die vorige maand in premiere ging, speelt The Prestige van Christopher Nolan op die locaties. Het zijn allebei films over goochelaars die de grenzen van hun vak verleggen, en daarmee dicht in de buurt van het begin van de cinema komen.

In Burgers film zijn de Weense politiemannen die de magie van de illusionist Eisenheim onderzoeken, getuige van een van de eerste filmprojecties in hun stad. In The Prestige wordt de bouw van het mysterieuze apparaat waarmee de belangrijkste act van de film wordt uitgevoerd, geobserveerd door spionnen van Thomas Edison – uitvinder en filmpionier.

Illusionisten waren de eerste filmregisseurs, is de suggestie. Maar tegelijk dringt zich een groot verschil met de meeste hedendaagse filmmakers op. Waar die zich schuil houden achter de dromen die ze creëren, staan deze entertainers juist tussen hun publiek en hun trucs in.

De eerste les die Michael Caine, ontwerper van goochelapparaten in The Prestige, geeft, is het belangrijkst: om te beginnen laat de goochelaar zijn publiek iets schijnbaar gewoons zien. Zonder het zich te realiseren heeft het zich zo aan hem overgeleverd. Dat is ook de manier waarop het verhaal in The Prestige wordt opgebouwd. Lang blijven de goochelacts relatief onbeduidend, maar de gesprekken van de personages leiden ons een wereld binnen waarin alles al betekenis krijgt.

Die goochelmanieren waren kenmerkend voor de allereerste korte films die de Franse regisseur Georges Mélies direct na de eerste kennismaking met de uitvinding van de Lumieres begon te maken. In zijn films verschijnt Mélies meestal eerst zelf in beeld, als tovenaar of artiest, en laat de toeschouwer via nadrukkelijke handbewegingen kennis maken met de de vrouw die hij een metamorfose gaat laten ondergaan of het hoofd dat hij zal laten verdwijnen; hij is de man die de wereld beheerst.

Het is opvallend dat zulke gebaren juist nu terugkeren. De filmindustrie heeft zich de afgelopen jaren bijna volledig uitgeleverd aan de bedrijven die met digitale animaties alles kunnen overtuigend oproepen, van wonderbaarlijke gedaanteverwisselingen tot veldslagen tussen fantasiewezens.

Daarbij blijven de effecten die na de lange opbouw in The Prestige worden gebruikt ver achter, maar door de aanwezigheid van de illusionisten is de doeltreffendheid des te groter. Omdat de illusies geen willekeurige parade van trucs vormen. Ze zijn onderdeel van een machtsspel, het eigendom van personages die er misbruik van kunnen maken of het leven van ander mee kunnen verwoesten.

Dat moet de fascinatie van het allereerste begin van de cinema zijn geweest: de wetenschap dat iemand controle over je waarnemingen kan uitoefenen.