Er is nu altijd wel een camera bij

iMedia worden de gewone media, zegt Marc Chavannes.

Hier zijn multimediarede.

‘Er is niet alleen het nodige in de journalistiek veranderd, maar vooral ook daarbuiten. Voor mediabedrijven, journalisten én burgers geldt dat eenrichtingsverkeer niet langer de norm is. De ‘oude media’ (kranten en omroepen) verliezen hun collectief alleenrecht op het onthullen van wat gisteren onbekend was.’

Bekijk een voorbeeld van ‘nieuwe’ journalistiek op ad.nl, voor een filmpje van Pascal Triep, die door messteken omkwam.

‘In de Verenigde Staten hebben 24-uurs nieuws-tv-zenders zich binnen twintig jaar ontwikkeld van innovatieve nieuwsbronnen tot ‘infotainment’-kanalen, waar opinie als nieuws wordt aangeboden. De klassieke tv-nieuwsvoorziening is zo gemarginaliseerd dat het soms lijkt of de satirische nieuwsprogramma’s van Jon Stewart en Stephen Colbert op kabelstation Comedy Central het meest relevante politieke nieuws brengen.

Bekijk de programma’s van Jon Stewart en Stephen Colbert op comedycentral.com

‘In ons deel van de wereld staat de serieuze journalistiek ook onder druk, vooral op radio en tv. (…) Ondanks de kijkcijferopleving van Nederland 1 na de nieuwe zenderindeling, zie ik op termijn geen andere begaanbare weg dan concentratie op de publieke rol. Het verbaast dat men in de Nederlandse omroepdiscussie zo vaak de BBC als voorbeeld neemt en zich weinig laat inspireren door Amerika’s National Public Radio en Public Broadcasting Service. Die worden letterlijk door het publiek in de lucht gehouden, op lokaal niveau. Zij bedrijven voor een toegewijd publiek omroepjournalistiek die de toekomst heeft.’

Bekijk npr.org, de site van Amerika’s National Public Radio en pbs.org, de site van de Public Broadcasting Service

‘Nieuwsfeiten zijn overal en van iedereen. (...) De vraag is acuut hoeveel gemeenschappelijkheid overblijft om een democratische samenleving op te baseren. Bij wijze van geloofsartikel is mijn antwoord dat er altijd burgers zullen zijn die zich opwinden over de buurt, het onderwijs, de belastingen, de zeespiegel of de oorlog. Hun bijdrage, dat is wat je burgerschap noemt. De vervlechting van hun mening met wat anderen vinden, dat is wat je democratie noemt.’

Een voorbeeld van burgeractivisme op het world wide web: pledgebank.com

‘Als nogmaals de Amerikaanse ervaring een aanwijzing mag zijn van wat ons te wachten kan staan, dan is te zien dat – ondanks een lagere opkomst bij verkiezingen dan men in Europa gewend is – in de VS de politieke participatie bloeit. Volgens het jongste onderzoek van het Pew Internet & American Life Project gebruikte bij de Congresverkiezingen van november 2006 een derde van alle Amerikanen internet als middel om campagnenieuws te verzamelen en uit te wisselen. 23 procent van de politieke internetgebruikers was ook actief: zij discussieerden online, zij organiseerden avonden en zamelden geld in voor kandidaten of hun favoriete thema’s.’

Ga naar pewinternet.org/ppf/r/199/report_display.asp voor het geciteerde onderzoek

‘(...) de macht van de webmieren [is] nu al onmiskenbaar. Er is altijd wel iemand die een camera bij zich heeft. De Republikein George Allen liep in november [tijdens de Amerikaanse Congresverkiezingen van 7 , red.] herverkiezing op zijn Senaatszetel in Virginia en hoop op het Witte Huis mis dankzij de videocamera die [in augustus, drie maanden voor de verkiezingen, red.] één racistische campagne-uitglijder vastlegde. YouTube deed de rest.’

Kijk op YouTube hoe Allen een cameraman voor ‘Macaca’ (Bantu voor ‘aap’) uitmaakt

‘Is er ook al iets te melden van het webdemocratisch front in Europa? Pippa Norris van de Kennedy School of Government aan Harvard heeft onderzoek gedaan naar de invloed van internet op politiek activisme van burgers. Zij stelde aan de hand van de Eurosurvey-enquête in 19 Europese landen (...) een index samen van kiezersbetrokkenheid. (…) Wat blijkt? Hoe meer men internet gebruikt, des te politiek actiever Europese burgers zijn. Norris vond ook sterker activisme van internetgebruikers ten opzichte van niet-websurfers wanneer het ging om concrete doelen, consumentenacties, lokale kwesties en sociale problemen.’

Norris’ onderzoek staat in de International Journal of Electronic Government Research, 1 (1), blz. 20-39, Jan-Maart 2005

‘Deze bescheiden uitkomst geeft onbedoeld een indicatie van de rol die de journalistiek zou kunnen vervullen (...). iMedia zullen de gewone media zijn. Willen zij hun rol ten dienste van de democratie blijven vervullen, dan zullen die iMedia behalve overzicht vooral kennis en inzicht moeten bieden in zaken waarop de burger zijn politieke activiteiten richt. Zo kunnen journalistiek en burgerschap in het internettijdperk op vruchtbare wijze bij elkaar komen.’

Lees de integrale versie van de oratie via nrc.nl/opinie