Italië kiest voor voetbal zonder fans

Slechts vijf Italiaanse voetbalstadions zijn veilig.

In de onveilige stadions wordt voorlopig geen publiek meer toegelaten.

De Italiaanse voetbalcompetitie wordt mogelijk al komend weekend hervat. Maar in stadions die niet aan de veiligheidseisen voldoen, zal zonder publiek worden gespeeld, totdat de clubs en gemeenten de vereiste aanpassingen hebben aangebracht. Dat is de belangrijkste uitkomst van het overleg tussen de Italiaanse regering en de sportwereld gisteravond, nadat vrijdagavond honderd gewonden en een dode zijn gevallen tijdens de wedstrijd Catania-Palermo.

„Ik weet dat het vreemd is om voetbalwedstrijden zonder publiek te spelen”, zei minister Giuliano Amato van Binnenlandse Zaken. „Maar het is nog vreemder dat iemand sterft voor dit spel.” Morgen zal de ministerraad het pakket met maatregelen verder uitwerken. Daarna beslist de voetbalfederatie of het haalbaar is om zaterdag weer te voetballen.

„Veiligheid voor alles”, zal volgens Gianni Petrucci, voorzitter van het Italiaans Olympisch Comité het uitgangspunt zijn. Op dit moment voldoen maar vijf stadions aan de veiligheidseisen die al door de vorige regering waren opgesteld. Hierdoor zullen veel clubs de komende periode hun wedstrijden zonder publiek moeten spelen.

Franco Soldati, voorzitter Udinese noemde het besluit „een klap” voor zijn vereniging. „We hebben 14.000 abonnementhouders. Wie gaat die vergoeden?” Het stadion van deze kleine Noord-Italiaanse club heeft geen videosurveillance buiten, geen draaipoortjes en slechts een capaciteit van 10.000 plaatsen, terwijl er 14.000 abonnementshouders zijn.

Er komt ook een verbod op de grosverkoop van kaartjes aan uitspelende clubs. Het georganiseerde groepsvervoer naar uitwedstrijden heeft gefaald, oordeelt het kabinet. Supporters mogen alleen nog individueel kaartjes kopen. Deze maatregel treft de leiders van de ‘ultras’ direct in de portemonnee. Clubs hebben deze supportersbazen vaak de organisatie van de reizen naar uitwedstrijden toegestaan in de hoop een goede relatie met hen op te bouwen. Dergelijke deals heeft de regering nu ook verboden, omdat duidelijk is geworden dat clubvoorzitters zijn bedreigd en afgeperst, als ze supporters niet voldoende lucratieve handel boden in reizen, maar ook in shirtjes, petjes, sjaaltjes en gadgets.

Supporters die zich tijdens wedstrijden hebben misdragen, maar ook zij die dat potentieel zouden kunnen doen, zullen voortaan voor de wedstrijd in hechtenis worden genomen. Clubs krijgen de plicht een aandeel te nemen in de stadions, zodat ze zich meer verantwoordelijk zullen opstellen bij de exploitatie en beveiliging. Uiteindelijk wil de politie zich terugtrekken uit de stadions en de controle binnen overdragen aan clubstewards.

Ook op dit gebied is nog een lange weg te gaan, bleek vandaag in Catania. Toen politieagenten het stadion wilden onderzoeken, werden zij aangevallen door een steward. Hij wilde verhinderen dat zijn woning vlak bij het stadion werd geopend. Daar was een reeks stokken, staven en vuurwerkbommen opgeslagen. De politie vermoed nu dat de rellen van vrijdag lang van tevoren waren gepland, dat medewerkers van de club betrokken waren, en dat mogelijk ook de maffia een rol in het geheel heeft gespeeld.

Gistermiddag is in de Siciliaanse stad in het bijzijn van duizenden personen de omgekomen agent Filippo Raciti begraven. De ceremonie was live te volgen op tv. Het was een emotionele gebeurtenis met veel agenten met natte ogen. De kijkers zagen hoe de jonge weduwe van de vermoorde agent zich vol onbegrip tot de supporters richtte die haar man met stenen en vuurwerk hebben bekogeld. Ze veroordeelde de „onvolwassenheid en domheid” van de jongeren die „zo gauw ze een agent zien volstromen met haat”.

Volgens Alfio Ferrara, agent die naast de door een steen getroffen Raciti stond, gaat het al lang niet meer om supporters die elkaar bevechten. „Ze hebben het op ons, de politie, gemunt.” Getuige de graffiti die in veel Italiaanse steden dit weekend op de muren is verschenen, lijkt hij gelijk te hebben. „10, 100, 1.000, Raciti’s”, stond er vanmorgen ineens op een muur voor een lyceum in Rome.

    • Bas Mesters