In Rotterdam doen ‘zorgkinderen’ geen Citotoets

De Citotoets moet verplicht worden voor alle leerlingen, zei minister Van der Hoeven in het najaar. Maar in Rotterdam doen „enkele honderden” leerlingen weer niet mee.

Het speelde al enige jaren in Amsterdam en Rotterdam, en vorig jaar promoveerde het tot een landelijke kwestie. Sommige zwakke basisschoolleerlingen deden in groep 8 niet mee aan de Cito-eindtoets. Critici vonden dat scholen daarmee ten onrechte hun gemiddelde score opvijzelden.

In Rotterdam maakten 365 van 5.500 leerlingen in groep 8 vorig jaar geen Citotoets. Leefbaar Rotterdam riep het gemeentebestuur in een motie op om met de schoolbesturen in gesprek te gaan om „de Citotoets voor iedere Rotterdamse basisschoolleerling verplicht te stellen”.

Voorlopig heeft die motie niet geholpen. Opnieuw zullen „enkele honderden” leerlingen in Rotterdam niet aan de Citotoets deelnemen, zegt Marian Mulder van de gemeentelijke dienst Jeugd, Onderwijs en Samenleving. De Rotterdamse basisscholen, zegt zij, hebben nu eenmaal met elkaar afgesproken dat ‘zorgleerlingen’ niet verplicht de toets hoeven maken. Het gesprek dat de gemeente zou voeren met de schoolbesturen is nog „gaande”, zegt wethouder Geluk (Onderwijs, CDA).

Onder zorgleerlingen verstaan de Rotterdamse scholen zowel leerlingen die naar het praktijkonderwijs gaan als basisscholieren die in aanmerking komen voor leerwegondersteunend onderwijs (lwoo). Praktijkonderwijs is bestemd voor leerlingen die zelfs met hulp geen vmbo-diploma kunnen halen, zij leren in de praktijk. Lwoo is bedoeld voor leerlingen die wel in staat zijn een vmbo-diploma te halen, maar daarvoor substantiële extra hulp nodig hebben.

Er zijn nog steeds leerlingen die in groep 8 geen toets maken, maar dat betekent niet dat zij helemaal niet worden getest. Juist deze leerlingen beginnen al een paar jaar vóór groep 8 met een apart toetstraject om te bepalen welk type vervolgonderwijs het best bij hen past: praktijkonderwijs of lwoo.

Door deze twee categorieën op één hoop te gooien, gaan de Rotterdamse scholen in tegen het advies van het Cito. Leerlingen die – al dan niet met ondersteuning – naar het vmbo gaan, kunnen volgens een Cito-woordvoerster óf de gewone Citotoets óf de niveautoets maken. Deze laatste toets is een in begrijpelijker taal opgestelde variant op de Citotoets, waarvan de scores kunnen worden omgerekend naar ‘echte’ Cito-scores. Door toekomstige lwoo-leerlingen deze toets te laten maken, tellen de scores van deze leerlingen mee in de gemiddelde score van een school.

En dat is precies waar het de Tweede Kamer afgelopen jaar om te doen was. PvdA-onderwijswoordvoerster Mariëtte Hamer vroeg minister Van der Hoeven (Onderwijs, CDA) in een motie om maatregelen die moesten voorkomen dat scholen ten onrechte pronken met een gemiddelde score waarin de score van de zwakste leerlingen niet is meegeteld.

De minister beloofde de Kamer in oktober vorig jaar per brief dat voortaan de Cito-scores van alle scholen worden bepaald „inclusief de scores van lwoo-leerlingen”. Voor lwoo-leerlingen die in groep 8 geen enkele toets maken „berekent de inspectie een landelijk gemiddelde Cito-score voor lwoo-leerlingen”. „Als een school bij één of meer lwoo-leerlingen geen Cito-eindtoets of niveautoets heeft afgenomen, rekent de inspectie per lwoo-leerling deze gemiddelde score mee in de schoolscore”, aldus de brief. Op termijn moet elke basisschoolleerling een eindtoets maken in groep 8, schrijft Van der Hoeven, in elk geval voor taal en rekenen. Die verplichting gaat mogelijk volgend jaar al in.

Om alle leerlingen een eindtoets te laten maken, moet er een wet komen die ingrijpt in de autonomie van de scholen. Zonder zo’n wet kunnen scholen niet worden gedwongen om hun leerlingen de Citotoets te laten doen. Voorlopig is de motie van Leefbaar Rotterdam dus onuitvoerbaar.

Wethouder Geluk zegt dat hij toekomstige landelijke wetgeving zal volgen, maar hij begrijpt goed dat er weer leerlingen zijn die niet meedoen aan de Citotoets. „Voor sommige kinderen met een laag IQ is die toets nu eenmaal een kwelling. Het gaat me niet om de gemiddelde score van de scholen, maar om het belang van het kind.” Geluk voelt er wel voor om onderscheid te gaan maken tussen toekomstige praktijkschool- en lwoo-leerlingen. „Ik zal de scholen adviseren die laatste groep in elk geval te laten meedoen aan de Citotoets.”

Anita Fähmel, het Leefbaar-raadslid dat de motie indiende, zegt dat Geluk „erg laat” is met zijn gesprek met scholen. Volgend jaar, zegt ze, zullen echt alle leerlingen de toets maken, ook zij die naar het praktijkonderwijs gaan. „Dat die kinderen onder druk zouden staan, is gezeur. Het hele leven is één toets.”

    • Derk Walters