Boeren tegen verplichte afdrachten

De productschappen waaraan ondernemers wettelijk verplicht zijn geld af te dragen, moeten worden opgeheven zodat ondernemers zelf verantwoordelijkheid kunnen nemen voor hun beleid.

Dit heeft een groep agrariërs vandaag tijdens een demonstratie op het Plein in Den Haag geëist in een manifest dat werd aangeboden aan vertegenwoordigers van alle politieke partijen. De Nieuwe Vrije Agrarische Federatie (NVAF) meent dat de dubbele rol van de productschappen, regelgeving en belangenbehartiging, niet meer van deze tijd is. Regelgeving moet terug naar de overheid, en belangenbehartiging moet naar particuliere organisaties die direct verantwoording verschuldigd zijn aan hun leden. Productschappen kennen geen leden, maar ‘dragende organisaties’.

Voor het Tweede Kamergebouw kreeg de NVAF onmiddellijk volledige steun van Tweede Kamerlid Charlie Aptroot (VVD) die de productschappen „dwingelandij uit de vorige eeuw” noemde, die „het vrije ondernemerschap aantast”. Volgens Aptroot zullen de productschappen mettertijd verdwijnen. Behalve de VVD was het echter alleen de Socialistische Partij die zich bij monde van Kamerlid Paul Ulenbelt voorwaardelijk tegen de productschappen uitsprak. „Productschappen moeten er zijn voor de boeren, als dat niet verandert zullen wij de VVD steunen.”

Alle agrariërs in Nederland zijn verplicht geld af te dragen aan het productschap in hun sector. „Ik betaal 2,6 procent van mijn omzet”, zegt NVAF-woordvoerder en bloembollenkweker Pieter Hoff. Individuele ondernemers hebben echter geen enkele invloed op het beleid van productschappen. Dit loopt indirect via de ‘dragende organisaties’, maar daarbij horen bijvoorbeeld ook de vakbonden.

In ruil voor de afdracht levert een productschap „onderzoek en promotie”, stelt Dirk Duijzer, voorzitter van het Productschap Tuinbouw, die in de sector nog steeds „grote steun” voor zijn organisatie constateert.