Leuk, op een koe gaan zitten

Bezoekersaantallen in natuurgebieden blijven stijgen. De kans dat er iets gebeurt neemt toe.

Daarom worden de beesten van de wandelaars gescheiden.

Bezoekers van natuurgebieden wordt aangeraden minimaal 25 meter afstand te houden van Schotse Hooglanders. Foto Rien Zilvold rheden de imbosch schotse highland runderen foto rien zilvold schotse hooglanders Zilvold, Rien

Boswachter Hans van Dijk staat midden in Nationaal Park Veluwezoom en wijst naar een poel, ooit aangelegd als drinkplaats voor grote grazers die het natuurgebied mooi en gezond moeten houden. De poel ligt op vijf meter afstand van het wandelpad en is daarvan gescheiden door een hek. „Met de wetenschap van nu hadden we de poel niet zo dicht bij het pad aangelegd”, zegt hij. „De kans op een confrontatie is te groot.”

Wandelaars en Schotse Hooglanders komen op deze plaats in het Gelders natuurgebied wel héél dicht in elkaars buurt. „Weet je wat er dan gebeurt?” zegt beleidsmedewerker Harm Piek van Natuurmonumenten. „Mensen zien dat hek en gaan de dieren voederen. Dat is gevaarlijk. Als het boterhamzakje op is, gaan de dieren aan het zakje snuffelen en worden ze opdringerig. Als even later een bezoeker in het natuurgebied rondloopt zonder boterhamzakje, kunnen de dieren gaan duwen, bijten en schoppen.”

Vrijwel nooit raken mens en dier in natuurgebieden slaags. In twintig jaar tijd hebben zich welgeteld veertien confrontaties tussen grazers en publiek voorgedaan, dat wil zeggen op in totaal dertig miljoen bezoeken in honderdveertig Nederlandse natuurgebieden. Het is een fractie van het aantal ongevallen, 22.000 per jaar, dat mensen door wandelen in de natuur overkomt, of tijdens het paardrijden, bijna 10.000 per jaar, of in eigen tuin, 4.500 per jaar.

Niettemin neemt Vereniging Natuurmonumenten maatregelen. De bezoekersaantallen in de natuurgebieden blijven immers groeien en daarmee stijgt ook de kans op een ontmoeting tussen mens en dier. „Je moest eens weten wat mensen allemaal uithalen”, zegt Harm Piek. „Ze gooien met stenen en stokken of pesten de dieren door een hond erop af te sturen.” Veel bezoekers zijn bovendien onvoorzichtig. „Ze pakken hun kind, zetten het op de rug van een koe en maken er een foto van.”

Sinds kort hangen langs de wandelpaden bordjes met waarschuwingen: De dieren die in dit gebied grazen, kunnen onvoorspelbaar reageren. Op het drukste punt in het nationaal park, de Carolinahoeve, is een pad verplaatst en is een doorgaans vrij toegankelijk weiland afgerasterd, omdat daar in de zomer veel hooglanders in de schaduw het pad blokkeren. Bezoekers wordt aangeraden minimaal 25 meter afstand te houden. Piek: „Toon respect voor de dieren, het is hun terrein, jij bent de gast.”

Etholoog Simone van den Boogaart van Wageningen Universiteit heeft de interactie onderzocht tussen bezoeker en Schotse Hooglander (Bos taurus) in het nationaal park. Daaruit blijkt dat deze dieren in een druk bezocht deel van het natuurgebied minder snel reageren op naderend publiek dan hun soortgenoten in eenzamere omstandigheden. „De kudde in het gebied met een hoge bezoekersdruk heeft een kortere afstand waarop het alertheid vertoont en zich terugtrekt of aanvalt”, aldus het onderzoek.

Waar Hooglanders in een rustig gebied al reageren als hun „persoonlijke ruimte” op zes tot zeven meter wordt verstoord, daar beginnen de Hooglanders in drukke gebieden pas woest met hun kop te schudden als bezoekers hen tot twee meter zijn genaderd. Maar áls ze reageren, is dat even heftig als minder druk bezochte dieren.

Wie als bezoeker langs de wilde dieren loopt en slechts stil staat om ze te bekijken, hoeft niets te vrezen. „De Schotse Hooglanders reageerden hier meestal op door de bezoekers te negeren of door te kijken.”

Gevaarlijk wordt het pas als je grazers als Hooglanders, Galloway runderen, Limousin koeien en Konik paarden actief gaat benaderen. „Ik heb me afgevraagd waarom mensen dat doen”, zegt Simone van den Boogaart. „Tijdens mijn onderzoek liep een vierjarig jongetje op een stier af. Ik zei tegen zijn vader dat hij het kind beter kon terughalen. Maar dat was helemaal niet nodig, zei de man, zijn kinderen hadden al vaak genoeg koeien in een weiland zien staan. Mensen zien het dus niet als gevaar. Dat vind ik schokkend.”