Tekort aan technici voor de luchtvaart

Lolke van der Heide

Er zijn veel te weinig onderhoudstechnici voor vliegtuigen in Nederland. Twee grote innovatieprojecten van de overheid komen hierdoor in gevaar. Het Consortium Luchtvaartonderwijs, waarin ROC’s en de Koninklijke Luchtmacht samenwerken, vreest dat het bestaande personeelstekort de komende jaren nog „explosief” zal toenemen.

De Nederlandse vliegtuigonderhoudsbranche telt nu ruim 6.000 arbeidsplaatsen. Jaarlijks zijn 580 nieuwe monteurs en technici nodig om het verloop van personeel en de groei van de sector op te vangen, maar het onderwijs levert gemiddeld slechts 330 leerlingen af. Nederland wil zich onder de naam Maintenance Valley, een project van overheid en bedrijfsleven, juist profileren als een knooppunt van onderhoud van civiele en militaire vliegtuigen. Maar in een arbeidsmarktonderzoek van het Luchtvaartonderwijs staat dat Maintenance Valley in gevaar komt door het gebrek aan technici. Ook het Innovatieplatform, dat van Nederland in 2010 „een koploper” in de Europese kenniseconomie wil maken, zal de gevolgen van het tekort voelen.

Peter Somers, hoofd van KLM Engineering & Maintenance, de onderhoudsdivisie van KLM, noemt als oorzaak van het personeelstekort dat minder jongeren ervoor kiezen monteur of grondwerktuigkundige te worden. „Ze vinden techniek niet sexy meer, het heeft een vuilehandenimago. Leerlingen willen tegenwoordig allemaal een hogere opleiding volgen en dan een baan met een leaseauto en een dik salaris.” KLM stelt ook dat de kwaliteit van het technisch onderwijs in Nederland achteruit is gegaan. „We hadden laatst een jongen met een diploma die niet wist hoe groot een vierkante meter was”, zegt Ryanne van der Eijk, productie unit manager bij het onderhoud van Boeing 747’s bij KLM.

Maandblad M:pagina 36-46