Prijs arbeidsmigratie niet de hemel in

Bevordering van immigratie is geen oplossing voor de vergrijzing. Integendeel, de economische groei wordt er door geremd omdat hoogopgeleiden vertrekken.

Lei Delsen

Hoofddocent Economie aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Lid van de multidisciplinaire studiegroep ‘Migratie’ van het Soeterbeeck Programma van deze universiteit. Mede-auteur van het binnenkort te verschijnen boek ‘Mythen en misverstanden over migratie’.

Onder de kop ‘Vier de komst van migranten, haal alles uit hen wat ze in zich hebben – en dat is veel’ (Opinie & Debat, 27 januari) tellen Halleh Ghorashi, Ruud Lubbers en Naema Tahir de zegeningen van vrije arbeidsmigratie en houden zij een pleidooi voor open grenzen, waarbij migranten de maximale vrijheid moeten hebben om heen en weer te reizen tussen land van herkomst en land(en) van bestemming. Zij benadrukken de positieve invloed op bijvoorbeeld de Nederlandse samenleving en de economie en de voordelen voor de landen waar ze vandaan komen. Arbeidsmigratie wordt ook gezien als oplossing voor de vergrijzing in Europa.

Dat migratie voordelig kan zijn voor het individu of een sector betekent niet automatisch ook economisch voordeel voor de samenleving als geheel. In de praktijk is geen sprake van een win-winsituatie. Want er zijn altijd verliezers van internationale migratie: bepaalde landen of bepaalde groepen in het ontvangende en het zendende land. Internationale migratie gaat gepaard met inkomensherverdeling tussen landen, regio’s en tussen productiefactoren die aanzienlijk groter is dan het eventuele immigratiesurplus.

Op de Europese arbeidsmarkten doen zich twee tegenstrijdige trends voor: aan de ene kant klagen werkgevers over een gebrek aan geschoolde arbeid; aan de andere kant is sprake van hoge werkloosheid, met name onder laagopgeleide mensen. Verwacht mag worden dat dit in de toekomst alleen maar sterker zal worden. Landen van de Europese Unie bereiden zich momenteel voor op de ‘battle for brains’. Terecht merken de auteurs op dat een ‘braindrain’ een zeer reële bedreiging vormt, vooral voor de allerarmste ontwikkelingslanden. Het voorgestelde selectieve migratiebeleid dat in de behoefte van de EU voorziet zal deze bedreiging echter alleen maar groter maken.

Volgens Ghorashi c.s. moet ‘circulaire’ migratie gestimuleerd worden als antwoord op de braindrain. Migranten moeten tijdelijk terug kunnen gaan naar hun land om de in Nederland opgedane kennis en ervaring over te brengen. Maar retourmigratie en circulaire migratie waarvan de auteurs veel verwachten, zal niet tot stand komen omdat migratie leidt tot het economisch uit elkaar groeien van rijke en arme landen. De landen van herkomst hebben sociaal en economisch het nakijken.

De dichtbevolkte gebieden van Europa vormen ook de economische kernen van Europa. Hier zijn de meeste banen, bedrijven en voorzieningen, en de beste infrastructuur. Als keerzijde van de medaille komt hier echter ook de hoogste vervuiling, de meeste congestie en de minste natuur voor. Hierdoor is de kans op negatieve externe effecten (overbevolking en verslechtering van het milieu) van netto immigratie relatief hoog. Deze externe effecten krijgen in de migratieliteratuur en bij de bepaling van de economische gevolgen van migratie ten onrechte weinig of geen aandacht.

Van alle landen van de EU heeft Nederland het grootste vertrekoverschot. De meerderheid van deze emigranten heeft de Nederlandse nationaliteit. Nederland is veranderd van een immigratieland naar een emigratieland. Deels hangt dit samen met de conjunctuur, deels met het restrictieve immigratiebeleid van Nederland. Echter de bevolkingsdruk is de belangrijkste verklarende factor. Uit onderzoek van het Nederland Interdisciplinair Demografisch Instituut (NIDI) blijkt dat niet zozeer de financiële prikkels, maar de kwaliteit van de samenleving (milieudruk) en de demografische druk – de bevolkingsdichtheid – belangrijke motieven zijn om te emigreren. Mensen die Nederland verlaten zijn relatief jong en relatief hoog opgeleid en hebben vaker een hoog inkomen. Emigratie en immigratie staan dus in verband met elkaar: het zijn communicerende vaten.

Bevordering van immigratie is geen oplossing voor vergrijzing en ontgroening. Integendeel, immigratie vergroot arbeidsmarktproblemen, veroorzaakt door het feit dat de bevolking toeneemt en remt de economische groei omdat immigratie hoogopgeleiden aanzet het land te verlaten. Het beleid dient zich niet te richten op de kwantiteit, maar op de kwaliteit van de beroepsbevolking. Met andere woorden: investeren in menselijk kapitaal, in kennis van jongeren en oudere werknemers.

Het artikel van Halleh Ghorashi, Ruud Lubbers en Naema Tahir is na te lezen op www.nrc.nl/opinie

    • Lei Delsen