Parlementaire Enquête

Mariëtte Hamer, onderwijsspecialist voor de Partij van de Arbeid in de Tweede Kamer, kwam deze week met het moedige voorstel tot een parlementaire enquête naar de onderwijsvernieuwingen. Moedig omdat de meeste initiatieven tot vernieuwing niet alleen afkomstig waren uit de koker van haar partij maar ook onder de verantwoordelijkheid van PvdA-bewindslieden werden doorgevoerd. Niet alleen moedig, ook heel verstandig, want doordat de PvdA steeds het voortouw nam wordt te gemakkelijk vergeten dat de initiatieven meestal ook door de meeste andere partijen werden gesteund.

Voor CDA-Kamerlid Jan de Vries hoeft het allemaal niet. Hij vindt dat er al genoeg is onderzocht en geadviseerd. Daarmee slaat wakkere Jan de spijker op de kop. Want inderdaad, als er één terrein is waarop voor ieder denkbaar probleem een adviesraad of commissie in het leven wordt geroepen, dan is dat wel het onderwijs. Vervolgens wordt er een projectmanagement geïnstalleerd om de adviezen te ‘implementeren’. Als leraren ontdekken wat die vernieuwingen inhouden, beginnen zij te sputteren. Zij zijn nooit gehoord want hun stem speelt geen rol in al die adviesraden en commissies. Vervolgens komen de ouders tot de ontdekking wat die vernieuwingen inhouden en begint er geleidelijk een maatschappelijk protest op te klinken. En ten slotte zijn er de leerlingen en studenten die van alle kanten te horen krijgen dat ze, om in de termen van Bert Bakker te spreken, te stom zijn om voor de duvel te dansen terwijl zij er toch ook niets aan kunnen doen dat onderwijsvernieuwingen ondoordacht worden ingevoerd of door bestuurders worden misbruikt om op personeel te bezuinigen.

Wat we steeds weer zien is het door Hamer gesignaleerde patroon: politieke consensus, aanvankelijk enthousiasme, spoedig gevolgd door algemene onvrede. Als men van het verleden had geleerd zou dit patroon niet tot op de dag van vandaag zich telkens herhalen zoals nu weer het geval is met het competentieleren in het mbo. Daarom is zo’n enquête bittere noodzaak en daarom ook is het onzin te menen dat terugblikken geen zin zou hebben. Als maatregelen keer op keer anders uitpakken dan beoogd, en als daar bovendien een bepaald telkens terugkerend patroon in valt te ontdekken dan wil je toch weten hoe dat komt en hoe dat in de toekomst kan worden voorkomen.

In tegenstelling tot wat De Vries meent is er niet genoeg, maar juist te veel geadviseerd en wat nog veel erger is, door de verkeerde mensen. Het waren allemaal blauwdrukken van buitenstaanders en onderwijsbonzen met vaak heel specifieke belangen, die, samen met Kamerleden, een ondoorzichtig web vormen van nu eens belangenverstrengeling en dan weer een collectieve tunnelvisie.

De belangenclubs zijn direct na het horen van de plannen gaan rondbazuinen dat ze niets verwachten van een parlementair onderzoek, terwijl het de enige manier is om dat web van belangenverstrengeling te ontrafelen. Moedig daarom van Hamer dat ze te kennen heeft gegeven hoe dan ook aan haar plannen vast te houden, ondanks de weerstand daartegen bij mensen die liever niet worden herinnerd aan de rol die zij daarbij hebben gespeeld. Zoals bijvoorbeeld Marleen Barth, de voorzitter van de CNV Onderwijsbond, die meteen te kennen gaf geen behoefte te hebben aan een parlementair onderzoek. Elk vogeltje zingt zoals het gebekt is, maar het bijzondere aan vogeltje Barth is dat haar deuntje afhankelijk is van de boom waarin zij zit: onderwijsjournalist voor Trouw, lid van de Tweede Kamer voor de Partij van de Arbeid, voorzitter van een Christelijke Onderwijsbond. Telkens een ander deuntje.

lgm.prick@worldonline.nl

    • Leo Prick