Leef voort met een eigen fonds

Zelf je vermogen, of een deel daarvan, in een eigen fonds stoppen en daarmee cultuur- of natuurprojecten steunen wordt steeds populairder. Het Prins Prins Bernhard Cultuurfonds beheert inmiddels al 195 fondsen op naam.

Het door Jan Wolkers ontworpen glasmonument ter nagedachtenis aan Hugo van Min op begraafplaats Driehuis Westerveld Grafmonument voor Hugo van WIN,uitgevoerd in glas door Jan Wolkers. foto VINCENT MENTZEL/NRCH==F/C==Driehuis-Westerveld, 24 januari 2007 Mentzel, Vincent

‘Mijn oom Hugo kon een mopperkont zijn, maar zodra het over glas ging, zag je zijn ogen glimmen”, zegt Ernst van Win. „Dat was zijn grote liefde.” Hugo van Win, dropfabrikant en importeur van Engelse levensmiddelen, was een hartstochtelijk glasverzamelaar. Vooral jugendstil- en art-decostukken konden op zijn belangstelling rekenen. Omdat hij als zakenman succesvol was, kon hij het zich permitteren een enorme collectie op te bouwen.

Zijn huis aan de Amsterdamse P.C. Hooftstraat was tot aan de nok gevuld met bijzondere glasvoorwerpen. Toen hij in 2004 op 83-jarige leeftijd overleed, werd de glascollectie geveild bij Sotheby’s. Liefhebbers van over de hele wereld kwamen daar op af, want er zaten unieke stukken bij, zoals een object dat gemaakt is door Fabergé in samenwerking met Tiffany’s. Toch wilde Van Win zijn collectie niet nalaten aan een museum. Als verzamelaar zag hij het liefst dat andere verzamelaars zijn stukken zouden kopen. Musea steunde hij op een andere manier. Zo deed hij een schenking aan museum Boymans van Beuningen in Rotterdam om glaswerk van Frank Lloyd Wright aan te schaffen.

Ook schonk hij veel aan het Nationaal Glasmuseum Leerdam. Van Win deed niet alleen individuele giften, hij richtte eind jaren negentig ook een fonds op. Het Hugo van Win Glasfonds, ondergebracht bij het Prins Bernhard Cultuurfonds, is bedoeld om glaskunst te stimuleren. Jonge glaskunstenaars kunnen er aankloppen voor financiële bijdragen voor vervolgopleidingen in het buitenland of om hun atelier in te richten, maar musea die hun collectie willen uitbreiden komen ook in aanmerking voor een donatie. Het fonds is ook bestemd voor publicaties over glaskunst. Jaarlijks kan het fonds zo’n 30.000 euro schenken.

„De laatste jaren betrok hij mij bij zijn activiteiten”, zegt zijn neef Ernst. „Ik ben advocaat en ik werd zijn executeur-testamentair. Hij vertelde me alles over zijn fonds. Hij dacht buitengewoon goed na over de manier waarop hij zijn geld wilde gebruiken. Een deel van zijn nalatenschap ging ook naar andere goede doelen, zoals het Aidsfonds, Unicef en de Vereniging Rembrandt.”

Het Hugo van Win Glasfonds beschikt over ruim 1 miljoen euro. Het rendement wordt gebruikt en de hoofdsom blijft intact, zodat het fonds altijd blijft bestaan. „Dat vond hij belangrijk. Hij had geen kinderen en toch wilde hij iets nalaten.”

Aanvragen voor het Glasfonds worden behandeld door een onafhankelijke commissie van deskundigen. „Ze doen dat zorgvuldig en professioneel. Zelf zou ik dat niet kunnen, maar ik ben inmiddels wel een liefhebber van glaskunst.”

Na het overlijden van Hugo van Win vroegen zijn vrienden en familieleden aan Jan Wolkers of hij een glasmonument wilde ontwerpen. Sinds oktober vorig jaar staat op begraafplaats Driehuis Westerveld een glasobject van ruim twee meter hoog ter nagedachtenis aan Hugo van Win.

Ronald Dijkstra en Marijke Dijkstra-Visser richtten in 2002 samen het Dijkstra-Visserfonds op. Hij is piloot, zij amateurfluitist. „Ik zou me een prachtig instrument kunnen veroorloven, maar dat vind ik een beetje belachelijk, want daar heb ik het talent niet voor”, zegt Marijke Dijkstra. Met haar zilveren Yamaha-fluit is ze dik tevreden. Ze besteedt haar geld liever aan goede instrumenten voor fluitisten die over veel talent beschikken.

Op advies van het Prins Bernhard Cultuurfonds besloten de Dijkstra-Vissers zich met hun fonds echter niet exclusief te richten op de kleine groep van fluitisten, maar op alle blaasinstrumentalisten. In het fonds zit 80.000 euro. Het rendement wordt gebruikt om getalenteerde blazers te ondersteunen, bij de aanschaf van een instrument of het volgen van een cursus of een masterclass. Het fonds wordt beheerd door het Prins Bernhard Cultuurfonds. Zij beleggen het geld en ze behandelen de aanvragen. Alleen bij twijfelgevallen wordt het echtpaar Dijkstra-Visser ingeschakeld.

„Bijvoorbeeld toen een blokfluitiste in Armenië een opleiding wilde volgen om duduk te spelen”, zegt Marijke Dijkstra, „Van dat instrument had ik nog nooit gehoord, maar op de Balkan is het een normaal blaasinstrument. Die aanvraag is gehonoreerd.” Voor de Dijkstra-Vissers was het feit dat ze geen kinderen hebben misschien wel de belangrijkste reden om een fonds op te richten. „Bovendien wilden we dat er met ons vermogen iets moois gebeurt als we er zelf niet meer zijn.”

Het echtpaar heeft inmiddels vastgelegd dat na hun overlijden een tweede fonds wordt opgericht. Dat krijgt de naam ‘t Verborghen Gebreck’ en het is bestemd voor het restaureren van monumentenpanden.

„Maar geven met de warme hand is bevredigender”, zegt Dijkstra. „We worden vaak uitgenodigd door jonge musici en we ontmoeten zoveel verschillende mensen. Laatst hebben we nog een masterclass bijgewoond van een Engelse fluitist die ik al jaren bewonder. Het is ontzettend leuk om te zien wat er met je geld gebeurt.”

    • Wilma van Hoeflaken