Glanerbrug – Haarmühle

Joyce Roodnat wandelt door Nederland en de rest van de wereld. Deze week in Twente

De grenspalen staan pal. Hoe verweerd ze ook zijn, met putjes en broksels, ze geven geen krimp. Europese eenheid? Grensposten gesloten? Me hoela, denken ze. Ze schikken hun slobkousen van bekermos (dat beter bekertjesmos had kunnen heten, maar dat is een ander verhaal), en waken op wallen, onder struiken, langs verdronken voorheen-veenland en aan sloten en beekjes. Voor ieders bestwil. Die ene invalide slagboom, in rood en wit en roest, is het van harte met ze eens.

We volgen de grens met Duitsland door het Aamsveense toendralandschap, en soms lopen we er bovenop. Een grens zie je niet en ik ervaar hem toch. Verbeelding? Inderdaad. En wat dan nog. Verbeelding kan danig reëel aanvoelen.

Schel zonlicht viert het landschap. Het verdiept het veelvormige dorre geel, het brengt de gebladderde kalkwitte berkenstammen aan het trillen terwijl het hun twijgenkronen een taupe zweem verschaft.

Het vriest net niet, maar de vorst van de afgelopen nacht laat zich nog gelden. Hij verhardde de dikke drab op de paden: geen bemodderde schoenen of natte voeten, wel zwikkende enkels. De varenresten lijken ingelegd in gesponnen suiker, de scherpe halmen van de pitrus staan per geïsoleerde pol op de ijsvlaktetjes. In alle geulen zweven verfomfaaide vellen ijs. Het ijs klampt zich vast aan wallekant en waterplant, het kwam los van het water dat het voortbracht. Er zijn rond lopende lijnen in geëtst, kringen, ellipsen, pantervachtmotieven.

De amazone met wie ik wandel trekt de aandacht van twee paarden. Op grote afstand keren ze hun gebleste hoofden met haar mee. Ze volgen haar zo lang ze kunnen, stapvoets net als zij. Maar nu gaat ze een eindje draven want ze heeft het koud.

Ho. Ze staat stil en trekt een twijg met trosjes rode erwten naar zich toe. „Kijk”, zegt ze. „Gelderse roos. Die vruchtjes zitten vol antivries, die malen niet om de vorst.”

Via wijde weilanden en een naar vers hout geurend bosgebied waar de laatste storm heeft voorzien in gesplinterde stronken van afgeknapte bomen, voert de wandelroute naar een volgend veenmoeras.

In het Witte Veen nemen laaglevend licht en vroege avondwolken de hemel over. De toppen van de gagelstruiken kleuren violet. Het geel wordt broos, de berkenstammen zijn nu, met trillende witte vegen, geschilderd door een impressionist. In een greppel ligt een kleine platte fles met een blauw etiket. Wodka on ice.

15 km. Kaarten 38, 39, 40 uit: Noaberpad. Uitg. NIVON i.s.m. Wandelplatform-LAW, 2000. Taxi Haaksbergen: 0535727001 of 0535737475.