Een thriller van de geest

In de film Porte aperte laat Gianni Amelio zien dat de doodstraf nooit doorsnee is.

Een doorsnee man wordt een doorsnee moordenaar die veroordeeld zal worden tot een doorsnee doodstraf: voor het vuurpeloton achter de muur van het kerkhof van Palermo.

Zo overzichtelijk lag dat, in 1938 in Italië. Volgens een claim van het fascistische bewind van Benito Mussolini hadden alle burgers er recht op om veilig te slapen achter porte aperte, met hun deuren open. Vandaar dat moordenaars eenvoudig uit het leven verwijderd moesten worden.

Eenvoudig?

Een doorsnee moordenaar bestaat niet en de doodstraf is nooit doorsnee. In de film Porte aperte (1990, naar een roman van de Siciliaanse schrijver Leonardo Sciascia) ontrafelt filmer Gianni Amelio hoe een van de rechters tot dat inzicht komt, juist wanneer de rechtbank een moordenaar wil afdoen als doorsnee.

Voorkennis

Wij weten dat uitgerekend deze moordenaar dat niet is, maar wij hebben voorkennis. Ons toonde Gianni Amelio al in de eerste tien minuten van Porte aperte hoe de man drie moorden op een rijtje pleegt. Niet in een roes, maar met weloverwogen opzet: het allereerste beeld van de film geeft zicht op het slijpen van het moordmes, de moordenaar in spe controleert of dat naar behoren gebeurt. We zien hem zijn superieur benaderen. We zien hoe hij hem verleidt met zijn onderdanigheid en hem dan overhoop steekt, deze arrogante topambtenaar die verantwoordelijk was voor zijn oneervol ontslag. Zijn tweede slachtoffer is zijn opvolger, een kruiper die, zoals de meeste kruipers, eerder zielig is dan onsympathiek.

Als derde vermoordt hij zijn echtgenote, met als vreemd element dat hij haar verkracht voor hij haar met een pistoolschot zo ongeveer standrechtelijk ombrengt. De eerste twee werden donker en ontkleurd gebracht, omhuld door het grafkamermarmer van het ministerie. De derde moord voelt heet en zonoverstraald, en geurt naar een olijfgaard.

De rechter heeft dit alles niet gezien. Niettemin slaat zijn instinct aan als de beklaagde bij de eerste zitting is losgebarsten in een tirade tegen het heersende bewind. Dat zou zijn fascistische idealen hebben verkwanseld, hem reducerend tot een hond. Het comfortabelst is het om die uitbarsting af te doen als de suïcidale actie van een aanstonds ter dood veroordeelde, onzinnig dus, en dat gebeurt ook. Maar niet door onze rechter.

Porte aperte is een heftige film, ondanks de bedompte, gedempte sfeer en dat komt door het spel van Gian Maria Volonté als de rechter en Ennio Fantastichini als de moordenaar. De ene een kalme roofvogel, de ander een razende roeland, zijn ze schijnbaar elkaars tegendeel, maar Amelio programmeert ze tot elkaars spiegelbeeld.

Wat deze twee acterende grootheden met hun lichaamstaal en ogen teweegbrengen, ontlokte Amelio met nauwgezette regie aan alle acteurs. Alle personages maken de indruk uitermate naturel neergezet te zijn, net 'echte mensen'. Je ervaart hun vrees, hun drift, hun verlegenheid vooral. Maar kijk nog eens en je ziet hoe zorgvuldig ze zich bewegen, hoe bedacht hun blikken zich richten, hoe hun gezichten, hun ledematen, hun romp, hun stemmen, deel zijn van een uitgewogen choreografie. Hoe een pols wordt gewreven, hoe een mond wordt gebet, alles werkt mee aan de duiding van dit verhaal dat zich afspeelt in een wereld waar het levensgevaarlijk kan zijn om een gedachte uit te spreken.

Consciëntieuzer dan goed voor hem is, doet de rechter zijn werk. Is de moordenaar misschien geestelijk gestoord? De beklaagde wordt getest, zijn schedel gemeten. De rechter kijkt toe. 'Normaal' oordelen de artsen. Aan het slot van hun onderzoek zijn de rollen omgedraaid: de beklaagde is zelfverzekerd als een rechter, de rechter verontrust als een aangeklaagde. Want hij doorgrondt nu de moordenaar, al kan hij dat nog niet onder woorden brengen. Zijn begrip wordt, achter tralies waarvan je je af begint te vragen wie eigenlijk aan welke kant zit, weer door de moordenaar opgemerkt.

Voor de rechter is dit het point of no return. De doodstraf past niet, dat realiseert hij zich en ook hoe subversief die gedachte is. Hij kan niet anders: 'De doodstraf is politiek. Hij dient niet de burger, maar wie er regeert.'

In brons gegoten

Omfloerst door Amelio's donkere tinten, alsof de wereld in brons gegoten is, breidt hij zijn onderzoek uit met kleine visites aan betrokkenen, zoals het zoontje van de moordenaar en de weduwe van een van de slachtoffers, een levende dode die zich als een furie van de wereld afkeert achter de voile voor haar geblankette gezicht. Niemand maakt hem iets wijzer, maar hij begrijpt steeds meer. Intussen ontwijkt hij het contact met een man van het platteland, die zich in alle eenvoud opwerpt als zijn geweten. Zodra hij opduikt zorgt regisseur Amelio voor zon en kleur, maar de rechter wantrouwt hem, tot Dostojevski's Schuld en boete hem manieren leert.

Een en ander bevalt zijn superieur, de president van de rechtbank, niet en ook de moordenaar verzet zich: 'Meneer de rechter! Wat zijn dat voor vragen!' smaalt hij, brutaler dan goed voor hem is. En dan ontfutselt de rechter hem dat de moord op zijn vrouw geen bijvangst was maar ook het resultaat van voorbedachte rade. Zij was de derde in een reeks.

Welke reeks? Wat verbindt haar met die twee voormalige collega's? Zij is de sleutel, maar waar geeft die sleutel toegang toe?

Als de rechter zich staande wil houden in deze 'moeilijke tijden' dan laat hij die deur dicht. Laat de waarheid de waarheid, alsjeblieft. Twijfel is al snel een belediging voor Mussolini's regime, want dat bracht immers rust in het land, orde, veiligheid.

Hè? Moet er een deur dicht blijven? Italië garandeerde toch juist een veilige nachtrust met de deuren open?

Porte aperte. Hoe gretig keert Gianni Amelio die notie van veiligheid voor allen binnenstebuiten.

Voor hij zijn voormalige superieur afslacht opent de moordenaar in diens opdracht de balkondeuren - alle paperassen waaien op de grond, weldra druppelt er bloed op. Zijn tweede aanstaande slachtoffer verzoekt hem juist om de deur even te sluiten - en wordt vervolgens onthalsd. De deuren open of de deuren dicht, het maakt niet uit, zeker niet als je erachter ligt te slapen en je dus je ogen dicht hebt: er is wanorde en er is moord.

Porte aperte gaat over een man die zich gedwongen voelt om zijn ogen open te doen. Hij houdt niet deuren open om braaf een schijnzekerheid te bevestigen, nee, hij gooit ze werkelijk open en hij kijkt. Zo krijgt hij zicht op de chaos, de smeerlapperij, de corruptie, alles waarvan men juist had afgesproken dat het niet meer kon bestaan, nu Benito Mussolini aan de macht was.

Porte aperte is een rechtbankfilm. In verspreide, tedere beelden transformeert hij zich, in enkele sous-entendres, in een film over vaderschap. Ook is hij een psychologisch drama en een politieke film. Allengs wordt hij wat hij het meeste is: een thriller van de geest. Wat heeft de moordenaar waarom gedaan, dat moet de rechter uitzoeken. Die opdracht brengt hem bij zichzelf: wat doet hij, als rechter, als vader, als mens? Waarom?

Hij leert een harde les. Niks porte aperte. 'Ik sluit in mijn huis mijn deur altijd af', is het meest expliciete dat hij daarover zegt, maar zijn standpunt is duidelijk. Volonté begeleidt het met een grimmige havikskop, maar niet zonder wat toegevoegde melancholie. De rechter is veranderd. Hij weet dat de bruine, ontkleurde wereld waar hij in verkeert een vuig bedenksel is, hij zal blijven streven naar licht en heldere ruimte. En hij kan niet meer terug.

Volgende maand: Le amiche van Michelangelo Antonioni.

De dvd is verkrijgbaar voor € 17,95. Wanneer u zich abonneert op de gehele serie, dan koopt u deze dvd voor € 12,95.

Zie voor de bestelwijze de advertentie die regelmatig in de krant verschijnt, of bestel via de webwinkel: www.nrc.nl/extra of bel met 010 406 6928