Het heilige gelijk van oud-president Jimmy Carter

Jimmy Carter: Palestine. Peace not Apartheid. Simon & Schuster, 264 blz. € 26,99 **---

Jimmy Carter: Palestine. Peace not Apartheid. Simon & Schuster, 264 blz. € 26,99

**---

Het was oud-president Jimmy Carter nog nooit overkomen. Voor het eerst in zijn leven werd hij uitgemaakt voor ‘leugenaar, kwezel, antisemiet, lafaard en plagiator’. Reden: de publicatie van zijn nieuwe boek, Palestine. Peace not Apartheid, waarin hij het beleid van Israël op de Westelijke Jordaanoever vergelijkt met dat van Zuid-Afrika tijdens het apartheidsregime – zij het primair gedreven door honger naar land. De situatie van de Palestijnen is volgens Carter rampzalig. Ze zien machteloos toe terwijl joodse kolonisten aan landjepik doen. Opstandelingen krijgen geen eerlijk proces. Kortom: de Palestijnen worden als tweederangs burgers behandeld.

Veertien leden van zijn eigen Carter Center in Atlanta hebben vanwege het boek hun functie neergelegd. Voormalig Midden- Oostengezant Dennis Ross heeft hem beschuldigd van plagiaat, wegens het afdrukken van landkaarten die Ross oorspronkelijk had gebruikt in zijn boek over de regio. In verontwaardigde recensies en ingezonden brieven is hij beschuldigd van geschiedvervalsing en antisemitisme. Karakteristiek voor de opgewonden reacties is de recensie van de journalist Jeffrey Goldberg in de Washington Post (10.12.06). Deze beweert dat Carter met zijn boek evangelische Amerikanen ervan wil overtuigen hun steun aan Israël te heroverwegen. Bewijs: in het boek verhaalt Carter hoe hij tegen de voormalige premier van Israël, Golda Meir, zijn verontrusting uitsprak over het seculiere karakter van haar land. Impliciete boodschap: Israël is minder godsdienstig dan jullie denken. Dat Carter in het boek regelmatig het treurige lot van christelijke Palestijnen beweent heeft volgens Goldberg hetzelfde doel.

De opmerkingen van Goldberg zijn niet helemaal uit de lucht gegrepen. Carter wil gematigde geloofsgenoten inderdaad een nieuw onderdak bezorgen. Volgend jaar organiseert hij in Atlanta de viering van een Nieuwe Baptistische Convenant, die in het teken staat van armoedebestrijding en internationale hulp. Maar daarmee is nog niet gezegd waarom Carter dit boek schreef. Als president was hij al begaan met het lot van de Palestijnen. Palestine. Peace not Apartheid is vooral typisch Carter: hij bijt zich vast in zijn eigen gelijk en wrijft dat de lezer in. Dat heeft een averechts effect: na ruim 200 bladzijden begrijp je opnieuw waarom de Amerikanen in 1980 voor een volstrekt andere president kozen.

Menno de Galan