Een ijlhoofdig tweetal

Dan Jacobson: All for Love. Penguin, 262 blz. €14,–Vertaald door Ella Aertsen als In Naam der Liefde. Atlas, 368 blz. €22,50

Bij lezers die iets weten van Dan Jacobsons werk zal Herschel’s Kingdom van acht jaar geleden wel de eerste titel zijn die hem of haar in gedachten komt. Daarin vertelde Jacobson over zijn reis door Litouwen om de geschiedenis van zijn familie uit te zoeken nadat zijn ouders geëmigreerd waren naar Zuid- Afrika. Wie dat boek met zijn verbeelding meebeleefde zal het zich blijven herinneren.

Dat laatste is onwaarschijnlijk bij In Naam der Liefde. De doden van Litouwen waren Jacobsons mensen. De doden van het nieuwe boek zijn onprettige Saksen-Coburgs van omstreeks 1900, met een stel hooggeplaatste Oostenrijkers en een scharrelende Kroaat. Pas in het laatste kwart van het verhaal komt er een persoon bij die een gunstige indruk nalaat: een Weense arbeidersdochter.

Maar ook met haar erbij blijft het onduidelijk waarom we met dit gezelschap moeten kennismaken. Van de twee hoofdpersonen is de ene een Saksen-Coburg, prinses Louise, dochter van Leopold II van België, die in Wenen woonde en er trouwde met een Saksen-Coburg van een andere tak, Prins Philipp, een saaie man die zij verliet voor een Kroatische officier genaamd Mattachich. Je kan gaandeweg vervuld raken van illusies over het Habsburgse hof, met zijn bals, walsen en blote schouders. Eventjes is die entourage ook inderdaad leuk, en dan vervliegen die illusies – al was het maar door die treurige Franz Joseph.

Voor de 21ste-eeuwer is het vertrouwder om Louise en haar officier, verbannen uit Wenen, door Europa te zien reizen als onverzadigbare shoppers: winkel in winkel uit, in Parijs en Londen en Madrid en overal, net als onze tijdgenoten, alleen op een nog grotere schaal. Alles ging op de pof, en de winkeliers dachten zich als het te gek werd altijd te kunnen wenden tot de koning der Belgen die zoveel verdiend had aan de Congo.

Toen de geldstroom was afgedamd ging het op verschillende manieren mis met de minnaars: ziekte, gevangenisstraf, nog meer ziekte, opsluiting in een inrichting. Het werd een zwaar maar ijlhoofdig leven, waarin zij elkaar desondanks trouw bleven, zoals de boektitel ook belooft.

Al schrijft Jacobson mooie passages, het blijft gissen naar wat hem in dit tweetal aansprak. Toch zal men zich prinses Louise blijven herinneren: dat heeft hij wel degelijk bereikt.