Sisons strijd om van de terrorismelijst af te komen

De Filippijnse balling Sison staat op de Europese terreurlijst. Waarom? Dat krijgt hij definitief nìet te horen, is vandaag beslist. Maar zijn strijd tegen „dit onrecht” gaat door.

Stel je woont in Utrecht en op zekere dag merk je opeens dat je niet meer kunt pinnen bij de supermarkt. Even later blijk je ook geen bijstand meer te krijgen en je huurwoning uit te moeten. En je hebt geen idee wat er aan de hand is.

José Maria Sison is het allemaal overkomen. Op dinsdag 13 augustus 2002. En nog steeds heeft de nu bijna 68-jarige Filippijnse politieke activist, die dertig jaar geleden naar Nederland vluchtte, geen weet van het hoe en waarom.

In het kantoortje van de Filippijnse oppositie in Utrecht verontschuldigt hij zich met een vriendelijke glimlach. „U ziet het me misschien niet aan, maar ik ben vernederd. Ze hebben me beroofd van mijn waardigheid. Ik ben burgerdood gemaakt. En ik mag niet eens weten waarom”, zegt Sison.

‘Ze’, dat zijn de Verenigde Staten en de Europese Unie. Zij brandmerkten Sison als ‘terrorist’ door hem in die augustusmaand op hun openbare sanctielijsten te zetten van personen en organisaties wegens verdenking van terrorisme of contacten daarmee.

Sancties betekent in zo’n geval een van overheidswege opgelegd financieel isolement: geen bankverkeer, betaalpasjes, verzekeringen, reispapieren. „Van de ene op de andere dag was ik blut en dakloos en mijn bewegingsvrijheid kwijt”, zegt Sison. Sindsdien „schuilt” hij bij zijn vrouw en is hij van vrienden afhankelijk.

Al vierenhalf jaar vecht Sison, die zichzelf marxist noemt, nu tegen zijn ‘burgerdood’. Vandaag besliste het Europees Hof in Luxemburg dat hij definitief geen toegang krijgt tot de geheime documenten, die hem een plaats op de EU-sanctielijst bezorgden.

Maar voor Sison is dit bijzaak. Voor hem staat vast dat hij onheus is behandeld en niet op correcte wijze op de sanctielijst is beland. Nederland en de EU zouden daarbij steken hebben laten vallen. Of dat is gebeurd, daarover zal datzelfde Europees Hof binnenkort een definitief oordeel vellen.

In deze ‘hoofdzaak’ lijken Sisons kaarten gunstiger te liggen. Hij kan daarvoor hoop putten uit een recent arrest van het Gerecht van Eerste Aanleg (onderdeel van het Europees Hof van Justitie). Dat toetst niet het politieke oordeel van de EU-landen over plaatsing, maar wel de vraag of de procedure fatsoenlijk is verlopen en of elementaire Europese rechtsregels in acht zijn genomen.

Half december spraken deze Europese rechters zich voor het eerst uit over een betwiste plaatsing. Zij vernietigden het ‘bevriezingsbesluit’ over de Iraanse gewapende Mujahedeen Khalq-Organisatie (MKO, islamitische strijders van het volk), omdat de rechten van de verdediging (waaronder hoor en wederhoor) waren geschonden en de motiveringsplicht was veronachtzaamd. MKO was niet onmiddellijk na plaatsing op de hoogte gebracht en in de gelegenheid gesteld bezwaar te maken. Bovendien was geen „specifieke en concrete motivering” gegeven.

Directe gevolgen voor de bevriezing van de MKO-tegoeden had dit oordeel niet, omdat het formeel slaat op een oude sanctielijst uit 2005. Maar de boodschap aan de Europese hoofdsteden was niet mis te verstaan: huiswerk overdoen! „Men kan gerust concluderen dat het Hof de lidstaten heeft teruggefloten”, zegt de Amsterdamse rechtsgeleerde en CDA-Eerste-Kamerlid Hans Franken.

De EU en haar lidstaten zijn ijlings begonnen de gebreken te repareren en aan te passen aan de door Luxemburg geformuleerde spelregels. De procedure wordt herzien en onderzocht wordt wat de gevolgen zijn voor de personen en organisaties, die reeds op de EU-lijst staan. Moeten ze allemaal opnieuw tegen het licht worden gehouden om recht te doen aan beginselen die liggen verankerd in het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens?

Behalve voor de zaak-Sison heeft het MKO-arrest waarschijnlijk ook gevolgen voor het beroep dat de Stichting Al-Aqsa uit Heerlen heeft aangespannen tegen haar plaatsing op de EU-lijst. Dat gebeurde omdat „niet kan worden uitgesloten” dat zij ingezamelde gelden voor hulp in de Palestijnse Gebieden óók worden gebruikt voor terroristische activiteiten van de radicaal-islamitische Hamas.

De raadsman van de stichting, Victor Koppe, verwacht dat de bevriezing van de Al-Aqsa-tegoeden van 267.490,22 euro uiteindelijk moet worden opgeheven vanwege dezelfde procedurele missers als in de MKO-zaak. „Er is geen spoor van bewijs dat geld van de stichting voor terrorisme is bestemd. Nederland en de Europese Unie zijn volkomen doorgeschoten bij hun sancties. Ook hier is een correctie door het Europees Hof op zijn plaats”, aldus Koppe.

Nederland erkent dat niet volledig is voldaan aan de ‘plaatsingseisen’, maar wijst op een vervelend dilemma. De sancties zijn volgens Den Haag een groot succes, Al-Aqsa is „in slaapstand” gebracht. Als die wordt opgeheven zou het risico groot zijn dat de vrijkomende gelden worden aangewend om terreur te financieren.

Zie MKO-arrest T-228/02 opwww.curia.europa.eu

Rectificatie / Gerectificeerd

In Sisons strijd om van de terrorismelijst af te komen (1 februari, pagina 7) wordt senator Hans Franken aangeduid als Amsterdamse rechtsgeleerde . Hij is hoogleraar Informaticarecht aan de Universiteit Leiden.