Nederlandse topman Belgisch luchtruim

Jules Kneepkens, directeur-generaal luchtvaart in België, ook verantwoordelijk voor de inspectie. Foto Johannes van Assem foto Johannes van Assem 18-01-2007 Den Haag Jules Kneepkens Assem, Johannes van

De Nederlander Jules Kneepkens, directeur luchtvaart op het ministerie van Verkeer en Waterstaat, is met ingang van vandaag topambtenaar voor de luchtvaart in België. Zaten de buren zo omhoog dat ze een Nederlander moesten vragen, de eerste buitenlander op die post? Nee, Kneepkens (51) heeft zelf gesolliciteerd, zegt hij, en voor de Belgen is hij geen Nederlander, maar een Limburger. Dat scheelt.

Waarom wilt u naar België?

„In België is op het gebied van de luchtvaart, anders dan in Nederland, beleid en de inspectie nog één geheel. En dat trekt me. Het betekent een verbreding van mijn horizon, voor het eerst krijg ik ook inspectie er bij.”

Waarom wil België u?

„Ik heb zelf gesolliciteerd op de functie. Mijn internationale ervaring en managementstijl paste goed in hun concept.”

U bent vier jaar directeur geweest. Wat zijn uw verdiensten?

„We zijn er in geslaagd om een samenwerking op te zetten op het gebied van beheer en indeling van het luchtruim met de ons omringende landen. Zo konden we onder meer onze mainport Schiphol bereikbaar houden. De indeling van de vliegroutes kan hierdoor worden verbeterd, zodat het vliegen schoner en stiller wordt.”

België is sterk verdeeld, een tweestrijd tussen Vlamingen en Walen. Is dat geen nadeel?

„Het is een land waar je met veel partijen moet praten, waardoor besluiten langer kunnen duren. Maar daar kunnen we in Nederland ook wel wat van, kijk maar eens hoe lang het heeft geduurd voordat de vijfde baan op Schiphol er lag, meer dan dertig jaar.”

In België is veel te doen geweest over regionale luchthavens, met name Charleroi, waar prijsvechters gebruik van mochten maken. Gaat u daar iets aan doen?

„Dat is simpel: de Belgische luchthavens vallen onder de jurisdictie van de gewesten. (Vlaanderen en Wallonië, red.) Dat is dus niet mijn verantwoordelijkheid, de veiligheid van het Belgische luchtruim wel.”

Het Europese luchtruim is nog steeds een lappendeken van bevoegdheden. Wilt u dat veranderen?

„Ja. Ik ben ook vicevoorzitter van Eurocontrol (de organisatie voor de veiligheid van het Europese luchtverkeer, met 37 leden, red.) Deze organisatie heeft in de loop der jaren wel meer bevoegdheden gekregen, maar landen zijn nog steeds bang om hun soevereiniteit op te geven. Alleen in de Benelux en het westen van Duitsland heeft Eurocontrol nu de leiding van het luchtverkeer en dan alleen voor de hoogste luchtlagen. We doen nu een haalbaarheidsstudie om dit uit te breiden naar de lagere luchtlagen. Uiteindelijk moeten we toe naar een ‘single sky’ in Europa.”

De Europese Commissie vindt dat de luchtvaart via de emissiehandel moet bijdragen aan bestrijding van luchtvervuiling. Wat is uw mening?

„Ik vind hetzelfde als de Nederlandse regering en straks de Belgische. Als ambtenaar ben ik niet in een positie om daar anders over te oordelen.”