Rotterdam is al lang heel arm

Ruim honderd jaar geleden kende Rotterdam een straatarme onderklasse. Een heruitgave van het in 1903 verschenen boek Arm Rotterdam van een SDAP-politicus en een journalist herinnert aan de ‘schrijnende toestanden’.

Rotterdam en armoede, het is als een eeneiige tweeling. Van heinde en verre kwamen ze in de negentiende eeuw naar de havenstad aan de Nieuwe Maas, de ongeschoolde arbeiders, met name uit Brabant en Zeeland, voortgedreven door de hoop op een betere toekomst. Velen belandden in smalle achterafstraatjes en -steegjes, vaak ‘als ratten’ opeengepakt in een krap bemeten woning.

Ook anno 2007 voert Rotterdam nog altijd de ‘foute lijstjes’ aan, zo wordt op het stadhuis onomwonden toegegeven. Met ruim 120.000 inwoners met een inkomen op of net boven het sociaal minimum (tot 110 procent van het minimumloon) geldt de Maasstad (584.000 inwoners) als een van de armste steden van Nederland. Vooral in de ‘oude wijken’ ligt het gemiddeld huisinkomen onder de 24.400 euro per jaar, terwijl het landelijk gemiddelde uitkomt op 29.000 euro, blijkt uit de laatste cijfers van het Rotterdamse Centrum voor Onderzoek en Statistiek. Niet voor niets is armoedebestrijding een van de vier speerpunten van het vorig jaar aangetreden college van B en W.

Ruim honderd jaar geleden had het toenmalig gemeentebestuur amper weet van de vaak erbarmelijke omstandigheden, waarin de sociale onderklasse leefde. Die onwetendheid was voor Hendrik Spiekman (1874-1971), een van de oprichters van de Sociaal Democratische Arbeiders Partij (SDAP), reden om de armoede in woord en beeld te brengen. Samen met een geestverwant, de journalist Louis Schotting (1870-1957), bezocht Rotterdams eerste SDAP-raadslid bijna 170 gezinnen uit de binnenstad, waar beiden overigens niet altijd even hartelijk werden ontvangen. „Doe wat aan onze leefomstandigheden of laat ons met rust, dat was de houding”, vertelt historicus Sjaak van der Velden van het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis in Amsterdam.

Van der Velden, geboren en getogen in Rotterdam, schreef het voorwoord van de heruitgave (mét cd-rom) van het in 1903 verschenen tijdsdocument Arm Rotterdam! Hoe het woont, hoe het leeft (kosten 25 cent) van Schotting en Spiekman, dat eerder in de vorm van een feuilleton in het Dagblad van Rotterdam was verschenen. „Het thema armoede is nog steeds actueel”, verklaart Van der Velden zijn initiatief. „Het is vandaag de dag weliswaar niet meer zo schrijnend als bij het begin van de twintigste eeuw, maar Rotterdam geldt niet voor niets als de armste van de vier grote steden.”

‘Ga en zie!’ luidde de idealistische boodschap van Schotting en Spiekman, waarmee zij hoopten de ogen van de meer welgestelde elite te openen. Het onderzoek was vooral geïnspireerd door de wens om het gemeentebestuur aan te sporen tot daadkracht bij de uitvoering van de kort daarvoor in werking getreden Woningwet.

Het onderzoek van Schotting en Spiekman concentreerde zich op de wirwar van steegjes in het stadscentrum, waar duizenden mensen leefden op de plek waar nu het stadhuis en het postkantoor staan: de Coolsingel. Wat zij aantroffen in hun verkenningstocht door wat toen nog de Zandstraatbuurt of de Polder werd genoemd (631 huizen, 127 pakhuizen en 35 cafés), overtrof hun stoutste verwachtingen. ‘Diep beklagenswaardige schepsels’ omringd door ongedierte, en als vee bijeengedreven met soms wel negen familieleden in een kamertje van slechts een paar vierkante meter. „Schrijnende toestanden”, zegt Van der Velden. „Dieper kan een mens bijna niet zinken.”

Veel effect sorteerde de alarmerende armoede-inventarisatie van Schotting en Spiekman niet, weet Van der Velden. „Als de hogere klassen al kennis namen van het leven tussen de lorren, dan haalde een meerderheid daar de schouders over op. Op 31 december 1912 werd de hele wijk letterlijk schoongeveegd; alles ging tegen de vlakte, en de bewoners werden simpelweg met kop en kont op straat gezet. Ze zochten het maar uit.”

Toch heeft met name Spiekman volgens Van der Velden voor een omslag in het denken gezorgd. „Als voorman van de arbeidersbeweging in Rotterdam heeft hij de geesten hier langzaam maar zeker rijp gemaakt voor de armen.”

‘Arm Rotterdam. Hoe het woont! Hoe het leeft!’, uitgeverij Aksant, € 22,50.

Rectificatie / Gerectificeerd

In het artikel Rotterdam is al lang heel arm (31 januari, pagina 22) wordt historicus Van der Velden over de Zandstraatbuurt geciteerd: „Op 31 december 1912 werd de hele wijk letterlijk schoongeveegd.” De sluiting van het Zandstraatkwartier was formeel op 1 januari 1912.

    • Mark Hoogstad