Duizend Afghaanse burgerdoden in 2006

In Afghanistan zijn vorig jaar meer dan duizend burgers omgekomen door geweld van de Talibaan en andere opstandelingen. Dat meldt mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch (HRW) vandaag. Door geweld van NAVO- en coalitietroepen kwamen volgens de organisatie zeker honderd burgers om. De levensstandaard is er volgens HRW voor de gewone Afghaan vorig jaar bovendien nauwelijks op vooruitgegaan.

In totaal stierven het afgelopen jaar 4.400 Afghanen door gewelddadige conflicten, met name in het Zuiden. Dat is twee keer zoveel als in 2005 en meer dan enig ander jaar sinds de val van het Talibaan-regime in 2001, aldus HRW. Persbureau AP schat het dodental in 2006 – gebaseerd op gegevens van functionarissen van de Afghaanse regering, NAVO en coalitietroepen – iets lager in, op 4.000. De meeste doden zouden rebellen zijn.

President Karzai van Afghanistan zei gisteren bereid te zijn tot vredesoverleg met de Talibaan. „Hoewel we vechten voor onze eer, houden we nog steeds de deur open voor gesprekken en onderhandelingen met onze vijand, die ons wil vernietigen en ons bloed wil doen vloeien”, zei hij op een religieuze bijeenkomst in Kabul.

In een interview met een Duitse tv-zender later op de dag zei NAVO-chef Jaap de Hoop Scheffer dat vredesoverleg met de Talibaan geen zin heeft. „Je hebt te maken met mensen die het doel hebben de reconstructie en democratie te vernietigen”, aldus De Hoop Scheffer. „Ik kan me niet voorstellen dat de NAVO zou onderhandelen met mensen die schoolkinderen en leraren doden.”

Het nieuwe hoofd van de Amerikaanse troepen generaal David Rodriguez zei gisteren te verwachten dat het aantal zelfmoordaanslagen komend jaar toeneemt. In 2006 bliezen 139 rebellen zich op. (Reuters, AP, AFP)