Milan Kundera ontdekt Hermans

„Ik weet het, u heeft er nog nooit van gehoord”, schrijft Milan Kundera in het boekensupplement van Le Monde van afgelopen vrijdag. Het is een passende inleiding bij een Franse recensie van De Donkere Kamer van Damokles. Want W.F. Hermans is, onveranderlijk, een volslagen onbekende auteur in het land waar hij twintig jaar woonde.

Misschien komt daar nu verandering in. Kundera, de Franse schrijver van Tsjechische origine die bekend werd met zijn roman De Ondraaglijke Lichtheid van het Bestaan, heeft zich aangemeld als ontdekker van Hermans in Frankrijk.

Op aanraden van ‘een Nederlandse vriend’ heeft hij de vertaling gelezen van De Donkere Kamer die een jaar geleden bij Gallimard verscheen (ook Kundera’s uitgever). In Duitsland sloeg dit boek na de uitgave van 2001 direct aan bij het publiek. Kundera verbaast zich er over dat hij sinds vorig jaar „in de hele Franse pers (…) geen enkele regel” heeft kunnen vinden.

Hij suggereert omzichtig dat het komt omdat Hermans niet politiek correct is – oftewel omdat „het concrete leven” van een periode als de Tweede Wereldoorlog die een romancier ‘herontdekt’ „op schokkende wijze” kan afwijken van de collectieve herinnering.

Kundera noemt De Donkere Kamer een roman die „bezeten is van het werkelijke en tegelijk gefascineerd door het onwaarschijnlijke en het vreemde.” Hij prijst de ‘zwarte poëzie’ en ‘morele dubbelzinnigheid’ in Hermans wereld. Bovendien is hij verbaasd dat deze grote roman ook een snel lezende thriller is.

Maar vooral is zijn nieuwsgierigheid gewekt. Kundera wil meer weten van de schrijver die de Nederlanders „sinds zijn dood in 1995 eren als hun grootste moderne romancier.” Neigde hij naar surrealisme? Was hij anti-conformist om politieke redenen? Wat waren zijn betrekkingen met zijn vaderland?

Alsof Kundera in Hermans een geestverwant in de Europese literatuur vermoedt. Zou dat vreemd zijn?