Hot Club de Paris

De groepsnaam is misleidend, want Hot Club de Paris komt uit het Engelse Liverpool en heeft niets van doen met de zigeunerjazz van Django Reinhardt en diens Hot Club de France uit de jaren dertig. Ritmisch is dit jonge kwartet avontuurlijker dan de doorsnee Britse indiegroep, met mathematisch in elkaar passende gitaarpartijen en nerveuze drums. Daarin zijn ze vooral verwant aan de Amerikaanse Minutemen en het Engelse XTC, inclusief de opgewonden staccatoteksten die bij Hot Club de Paris in een plat Scouser-accent worden uitgespuwd.

De liedjes van hun debuutalbum Drop It ’Til It Pops zijn ambitieus van structuur, met spannende wendingen en onverwachte stop-startmomenten. In ultrakorte nummers als Yes/no/goodbye hollen ze zichzelf bijna voorbij, zo flitsend worden de puntige gitaarriffs afgevuurd. Afrikaanse highlife-gitaren, human-beatboxgeluiden en een zomaar uit het niets opduikend fragment van Silent night dragen bij aan een ideeënrijke cd die op den duur een beetje vermoeiend wordt. Te gebruiken in kleine porties.

Jan Vollaard

Hot Club de Paris: Drop It ’Til It Pops Moshi Moshi/V2)