Gedragscode voor bestuur kunstsector

Culturele instellingen krijgen een gedragscode die beter toezicht en duidelijker verantwoordelijkheden beoogt. Opdrachtgever voor de code, die morgen wordt gepresenteerd, is het ministerie van OCW.

In de ‘code culturel governacne zijn rechten en plichten van bestuurders en directieleden vastgelegd. Volgens het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap worden de regels niet verplicht. De code cultural governance wordt morgen aangeboden aan de minister. Het adviesbureau Kunst en Zaken heeft de code opgesteld.

De regels zijn nodig, meent projectmanager Mike Anderson, al heeft hij niet de indruk dat slecht bestuur overheerst in de Nederlandse instellingen. „Maar we willen voorkomen dat zaken mislopen.”

Een van de valkuilen is volgens Anderson de taakverdeling tussen bestuur en directeur. „Wie doet wat. Het is bijvoorbeeld soms niet duidelijk tot welke bedragen een directeur zelfstandig mag beslissen.” De code beoogt juist hiervoor afspraken vast te leggen.

Het culturele veld reageert over het algemeen instemmend op de code. Bestuursvoorzitter H.J. Neeleman van het Haagse theater Diligentia: „De code bevat voor ons niet veel nieuws. Ze legt in feite vast wat al gebeurt.”

Directeur E. de Groot van de openbare bibliotheek in Amersfoort meent dat de code ook kan gaan fungeren als een soort keurmerk voor goed bestuur. De regels zijn bovendien minder voor de hand liggend dan ze in eerste instantie lijken, meent hij. „De aanbevelingen in de code lijken vanzelfsprekend, maar tussen logica en toepassing zit nog wel eens een lacune. De code scherpt aan.”

Nederland telt zo’n 3.500 culturele instellingen; 2.100 daarvan zijn een stichting. Uit onderzoek dat Kunst en Zaken eind vorig jaar onder deze organisaties deed, blijkt dat vooral bij kleinere stichtingen de taken in elkaar overlopen; vaak houdt het bestuur niet alleen toezicht maar voert het ook taken uit.

Culturele organisaties moeten als ze niet meedoen daarvoor een goede verklaring geven aan hun subsidiegever, aldus Anderson: „Pas toe of leg uit.”

    • Yaël Vinckx