De beste crosser ter wereld, maar geen wereldkampioen

De Belg Erwin Vervecken werd voor de derde maal wereldkampioen veldrijden.

Weer moest Rabo-renner Sven Nys in het stof bijten.

Ook Enrico Franzoi (links) kon niet overeind blijven op het lastige parcours. De latere winnaar Erwin Vervecken ontwijkt hem net. Foto Reuters Italy's Enrico Franzoi falls next to Belgium's Erwin Vervecken during the Cyclo-Cross World Championships in Hooglede-Gits, January 28, 2007. Vervecken won ahead of Jonathan Page of the U.S. while Franzoi finished third. REUTERS/Francois Lenoir (BELGIUM) REUTERS

Al jaren is hij de beste veldrijder van de wereld, maar zelden op de dag van het wereldkampioenschap. Weer twijfelde geen Belg gisteren aan zijn kansen op de dag dat het echt moest gebeuren. Had hij dit seizoen niet 23 van de 32 wedstrijden glansrijk gewonnen? Dat telde gisteren in het West-Vlaamse Hooglede niet. Sven Nys werd slechts elfde. Mede als gevolgen van een handvol valpartijen zijn slechtste uitslag van het seizoen.

„Dat kan altijd gebeuren op zo’n dag. Ik sta zaterdag weer aan de start voor een mooi resultaat”, reageerde Nys opvallend nuchter. Alleen in 2005 mocht Nys een seizoen lang de regenboogtrui dragen. Gisteren moest hij landgenoot Erwin Vervecken voorlaten. Die heeft een veel kleinere prijzenkast, maar is nu wel drievoudig wereldkampioen veldrijden.

Nys viel gisteren geen complex aan te praten. Hij lijkt het inmiddels gewend om de wereldtitel te missen, al moet het hem onder het oog van zo’n 40.000 chauvinistische Vlamingen wederom pijn hebben gedaan. „Zo’n dag zit altijd vol verrassingen. Ik ben in elk geval blij dat ik al een schitterend seizoen heb gereden”, zei de 30-jarige Rabo-renner koeltjes na de finish. Geen spoor van frustratie van weer een gemist kampioenschap. Terwijl hij toch tweemaal (onopzettelijk) onderuit was gereden door zijn grootste concurrenten Bart Wellens en Vervecken. „Natuurlijk dacht ik: ‘verdomme, het gebeurt me weer’. Maar ja, morgen is het weer gewoon maandag.”

Dan lagen de frustraties van Wellens heel wat meer voor het opscheppen. Deze Vlaming, eerder tweemaal goed voor een wereldtitel, was al vroeg in de koers gevallen, nadat een motorrijder van de televisie een wegmarkering voor zijn wiel had geschoven. Nys kon Wellens vervolgens niet meer op het harde asfalt ontwijken. „De verkeerde mensen staan op het podium”, zei Wellens – toch ploeggenoot van Vervecken – verontwaardigd.

Zijn frustratie was verklaarbaar. Weer werd het podium gevuld met mensen die dit seizoen nauwelijks in de prijzen waren beland. De Amerikaan Jonathan Page vervulde op het gevarieerde en daardoor moeilijke parcours verrassend een hoofdrol: in een van de eerste wedstrijden van dit winterseizoen liep hij een schouderblessure op, waardoor hij een lange reeks koersen moest laten schieten. „Door die blessure heb ik vroeg besloten om het WK centraal te stellen”, zei de 30-jarige Amerikaan, die amper nog een crossoverwinning heeft weten te behalen. „Dit is het begin van een nieuwe toekomst.”

Ook Enrico Franzoi, goed voor brons, had de tijd genomen om op het WK te pieken. Als wegrenner had hij na de Ronde van Spanje rust gekregen en nauwelijks aan wedstrijden deelgenomen. „De [Italiaanse] federatie heeft mij tijd gegund, waardoor ik een heel precieze voorbereiding voor vandaag kon treffen.”

Zo kwam het dat de winnaars van dit seizoen – die als professionals de profijtelijke startgelden niet graag laten lopen – de verliezers waren. „Ik heb ook nog maar twee wedstrijden gewonnen”, zei Vervecken met enige schroom. „Vorig jaar ging het al precies zo. Ook toen ging Nys onderuit, ook toen had hij geen superdag en werd ik wereldkampioen.”

De 34-jarige Vervecken geloofde niet dat de grote druk van het vaderland voor de vele valpartijen zorgde. Zelf viel hij tweemaal en pas na een indrukwekkende inhaalrace was de Fidea-rijder erin geslaagd om de kop van de wedstrijd te bereiken. „Natuurlijk zou het hier een grote teleurstelling zijn geweest als geen Belg op het podium was gekomen. Maar de meeste incidenten waren een gevolg van pure pech. Ik reed bijvoorbeeld in een perfect spoor, maar mijn voorwiel zakte te diep weg, waardoor ik over de kop sloeg.” Eén keer slipte hij weg, waardoor hij Nys meesleepte.

Het had weinig gescheeld of Richard Groenendaal was nog op het podium geëindigd. Ook de routinier – in 1994 al samen met Vervecken op het podium tijdens een WK – heeft dit seizoen slechts incidenteel kunnen imponeren. Gisteren reed hij langere tijd op kop, tot hij zelf onderuitging. „Toen was het gebeurd. Ik heb nog lang hoop gehouden op een podiumplaats, maar twee ronden voor het eind raakte de pijp leeg.” De 35-jarige renner, als zesde geëindigd, wil nog graag twee jaar doorgaan, maar dat zal niet bij de Rabobank-ploeg zijn. Hij kreeg onlangs een sterk verlaagde aanbieding. „Erger nog vind ik dat de ploeg er niet voor open staat dat ik iets in de begeleiding ga doen. Maar dat kan nog wel ergens anders.”

Groenendaals ploeggenoot Nys hoeft zich nog geen zorgen te maken over een nieuw contract, want het huidige loopt nog tot en met 2008. En volgend jaar, in zijn tiende seizoen als Rabo-renner, mag hij weer een poging doen om op één dag te laten zien wie de beste veldrijder van de wereld is. Met wellicht de eerlijke woorden van wereldkampioen Vervecken als stimulans. „Ik weet dat als Nys op 95 procent rijdt, dat ik hier niet win.”

    • Erik van der Walle