Vertrek babyboomers is nog maar het begin

Babyboomers gaan massaal met pensioen en het aanbod van jonge, goedgeschoolde werknemers neemt snel af. Het tekort aan personeel nadert dit jaar de records van veertig jaar geleden.

Corus heeft een eigen bedrijfsschool om technische werknemers op te leiden die het bedrijf nodig heeft. Er is in Nederland een tekort aan leerlingen in technische opleidingen. Daarom is Corus zeer actief in de werving van leerlingen. Het bedrijf heeft contact met scholen en ouders, en ontwikkelt lesmateriaal voor basisscholen en middelbare scholen. Niels Kip (17 jaar) volgt de opleiding tot monteur, Maup de Gier (18 jaar) en Max van der Stoep (24 jaar) worden operators. Foto Roger Cremer Nederland, IJmuiden, 25-01-2007 Maup de Gier (18 jaar) uit IJmuiden heeft VMBO-Theoretisch gedaan en doet nu de 'All Round Operator Niv.3' opleiding bij Corus. PHOTO AND COPYRIGHT ROGER CREMERS Cremers, Roger

Staalbedrijf Corus Nederland kon het zich niet veroorloven de gevolgen van de vergrijzing af te wachten. De gemiddelde leeftijd van de 10.000 werknemers is 47 jaar. De komende vier jaar gaan bijna 2.000 van hen met pensioen; eenvijfde van het totale personeelsbestand. Als er één vergrijsd bedrijf is in Nederland, dan is het Corus in IJmuiden.

De vervanging van zo’n grote groep werknemers is voor ieder bedrijf lastig, maar Corus moet bovendien zijn nieuwe aanwas halen uit een schaarse groep: jongeren met een technische opleiding.

Reden genoeg om drie jaar geleden al in te grijpen. Vroeger gingen 55-plussers standaard minder werken of ander werk doen. Het proceswerk en de nachtdiensten zouden voor hen te zwaar zijn. Nu blijven de werknemers tot hun pensioen hetzelfde werk doen. „Tenzij het echt niet anders kan”, zegt hoofd personeelszaken Geert Jan Haveman. Het vertrek van grote groepen oudere werknemers dwong Corus ook beter na te denken over het behouden van kennis binnen het bedrijf. Haveman: „Er zit veel kennis in de hoofden van mensen op de werkvloer. Die kan nu niet meer geleidelijk worden overgedragen. De kennis moet op een andere manier voor anderen toegankelijk worden gemaakt.”

Corus is een gunstige uitzondering. Hoewel het geen verrassing kan zijn, lijkt het bij veel bedrijven nu pas door te dringen dat de geboortegolf van na de Tweede Wereldoorlog nu en masse ophoudt met werken. En dat er niet genoeg mensen zijn om hen te vervangen.

De grote klap moet nog komen. Volgend jaar zijn er in Nederland 241.000 61-jarigen, tegen 174.000 dit jaar. 61 jaar, dat is de gemiddelde leeftijd waarop Nederlanders met pensioen gaan. Voeg daaraan toe dat de economie na jaren van stagnatie weer een robuuste groei laat zien, en zie daar: recordtekorten op de arbeidsmarkt.

Nederland staat pas aan het begin van een economische opleving, maar heeft nu al te maken met het grootste personeelstekort sinds 1970. Vorig jaar steeg het aantal vacatures naar 219.000. Als dat aantal stijgt tot 254.000, wat nog dit jaar verwacht wordt, dan zal het personeelstekort het 37 jaar oude record evenaren.

De Metaalunie liet deze week weten al 7.000 „moeilijk vervulbare vacatures” te hebben. De bouwsector berekende vorige week dat de werkgelegenheid vorig jaar groeide met 20.000 ‘arbeidsjaren’, en dat er in de komende twee jaar nog eens ruim 30.000 werknemers nodig zijn. Het Economisch Instituut voor de Bouwnijverheid vermeldde ook waar de bedrijven die werknemers moesten zoeken: in het buitenland. Want hier zijn ze op korte termijn niet te vinden.

De tekorten op de arbeidsmarkt zijn niet uitsluitend het gevolg van het vertrek van de babyboomers. Niet alle sectoren zijn even grijs. Bij banken, verzekeraars, ICT-bedrijven, ziekenhuizen en zakelijke dienstverleners is het aandeel ouderen relatief laag. En dus ook de uitstroom in de komende jaren. Dat stelt de Raad voor Werk en Inkomen (RWI) op basis van cijfers van de Universiteit van Maastricht en het Centraal Bureau voor de Statistiek.

Toch hebben ook deze ‘jonge’ sectoren, vooral de zakelijke dienstverlening en de zorg, last van tekorten. Zo groeit de zorg sterk en daarmee de vraag naar zorgpersoneel. Maar ook sectoren die niet groeien, zitten krap. Het aanbod van jonge, goedgeschoolde werknemers neemt af, simpelweg doordat er minder zijn. Volgens de RWI geldt dit voor alle beroepen voor hoger opgeleiden.

Aan de andere kant betekent de pensioengolf geen grote personeelsproblemen voor sommige sterk vergrijsde bedrijfstakken. Voorbeelden van grijze sectoren zonder ‘knelpunten’ zijn de landbouw en visserij en de voedingsindustrie. Doordat ze krimpen of efficiënter werken, hebben deze sectoren minder werknemers nodig. De uitstroom van ouderen is dan een oplossing, geen probleem.

De grootste krapte ontstaat in de vergrijsde sectoren waar de vraag naar personeel niet afneemt, of zelfs groeit. Het onderwijs staat om die reden grote tekorten te wachten, hetzelfde geldt voor de chemische industrie. Ook Corus valt in deze categorie.

Een belangrijke oorzaak van de tekorten in bepaalde beroepen is wat vaak de mismatch wordt genoemd. Mensen die naar werk zoeken zijn er genoeg, maar zij zijn niet altijd geschikt. De werkloosheid daalde vorig jaar met 15 procent, toch zijn er nog bijna 250.000 werkzoekenden. Bijna twee keer zoveel als het aantal vacatures.

Veel van deze werkzoekenden zijn te oud, arbeidsongeschikt of verkeerd opgeleid. Hier zit een belangrijk verschil met de situatie begin jaren zeventig van de vorige eeuw. Weliswaar bestaat dit jaar een soortgelijk personeelstekort, maar nu staan er veel meer mensen aan de kant. In 1970 waren er maar 44.000 werkzoekenden.

Het is daarom logisch dat nu alle aandacht uitgaat naar het aan het werk krijgen van deze groepen. Iedere zichzelf respecterende branchevereniging in de technische hoek heeft speciale scholing voor allochtonen of vrouwen. De vakbeweging hamert op permanente opleiding en omscholing. En de overheid maakt het financieel aantrekkelijk om werknemers aan te nemen en vervolgens om te scholen.

Ook Corus zoekt actief naar werknemers die niet van nature in techniek geïnteresseerd zijn. „Op de bedrijfsschool met 400 leerlingen is een speciale klas voor allochtonen van boven de 23 jaar die de boot gemist hebben, en ook een voor schoolverlaters die nog geen startkwalificatie hebben”, legt Haveman uit.

Op de school worden procesoperators, werktuigbouwkundigen en elektrotechnici opgeleid op mbo- en hbo-niveau. Ook volgen 800 eigen werknemers opleidingen om hun kennisniveau te verhogen. „Corus ligt goed op schema voor de vervanging van gepensioneerden, vooral doordat we op tijd hebben geïnventariseerd wat er moest gebeuren.”

Belangrijke maatregelen van de kabinetten-Balkenende om iedereen aan het werk te krijgen en te houden waren het afschaffen van de vervroegde uittreding (vut) en het sterk beperken van het recht op een arbeidsongeschiktheidsuitkering, inclusief de herkeuring van tienduizenden arbeidsongeschikten de afgelopen twee jaar. De komende jaren moet blijken in hoeverre dit ‘activeringsbeleid’ en alle scholingsinitiatieven van werkgevers soelaas bieden.

Wanneer hiermee de kloof tussen vraag en aanbod niet overbrugd wordt, dan heeft dat negatieve gevolgen. Denk daarbij aan verplaatsing van activiteiten naar het buitenland en de kwaliteit van de publieke dienstverlening.

De zorg en het onderwijs kunnen moeilijk mee concurreren in de strijd om de schaarse werknemer. Zij kunnen maar beperkt meegaan met de loonstijgingen die zullen volgen. Patiënten en leerlingen worden daarom misschien wel de grootste verliezers van het personeelstekort.

    • Elsje Jorritsma
    • Ben Vollaard