Taalverbetering

illustratie anki posthumus Posthumus, Anki

Welkom op onze eerste werkvergadering van de Commissie Taalverbetering. Ik wilde voorstellen om deze bijeenkomst te beginnen met een inventarisatie van de problemen. Waar gaat het om? Wat moet er gedaan worden? Wat kunnen we de minister adviseren? In de media gaat de meeste aandacht uit naar spelfouten. Logisch. Dat valt op en staat ook dom. Vooral de d’s en dt’s. Dat leren ze op de basisschool, maar op de middelbare school kijkt daar blijkbaar niemand meer naar om.

Voorzitter, mag ik daar een kanttekening bij plaatsen?

Ga je gang, Peter.

Ik kan u garanderen dat al die klachten niet gelden voor mijn school en, zou ik daaraan willen toevoegen, mijn school is beslist geen uitzondering. Ik schrik van de klachten van hogescholen en universiteiten net zo zeer als de gemiddelde Nederlander.

Dank je Peter voor deze waardevolle kanttekening. Het geldt dus niet voor alle scholen maar als ik de berichten lees wel voor heel veel scholen en daar zitten we hier voor. We moeten dus kijken of we een plan van aanpak kunnen ontwikkelen om het spellingsniveau te verbeteren. Peter, begrijp ik het goed dat je nog een vraag hebt?

Nee voorzitter, niet een vraag, maar een opmerking over waar de discussie naar toe gaat. U heeft het voortdurend over de spelling, en zoals u terecht opmerkt: spelfouten, vooral elementaire fouten, springen in het oog. Maar wat veel minder opvalt, is dat leerlingen niet meer in staat zijn om zich op papier goed uit te drukken en een helder en samenhangend betoog te schrijven. Die taalfouten waar iedereen over valt vormen niet het probleem, maar ze zijn een symptoom.

Bedankt Peter, maar het is niet de bedoeling dat we het nu al over de details gaan hebben. We moeten verder.

Voorzitter, het spijt me, maar hierover waag ik toch met u van mening te verschillen. In mijn ogen is die spelling eerder op te vatten als een detail, althans, zoals ik al eerder zei, als een symptoom.

Akkoord, Peter, het gaat dus over taalgebruik in meer algemene zin en spelling in het bijzonder. En zoals je al eerder terecht opmerkte, het geldt niet voor alle leerlingen van alle scholen. Dat sluit ook prachtig aan bij de richting die ik uit wil. Wat ik zou willen bepleiten is namelijk dat de leraren, met name de leraren Nederlands, hun verantwoordelijkheid nemen.

Gerard, jij wou daar iets over zeggen?

Ja zeker, voorzitter. Ik denk namelijk dat we van de leraren niets mogen verwachten. Ik wil dat toelichten aan de hand van het onderdeel samenvatting van het eindexamen Nederlands vwo. Leerlingen krijgen daarbij een tekst voorgelegd en moeten per alinea de relevante ‘informatieëlementen’ – zo noemen ze dat – eruit pikken en die achter elkaar zetten. Leraren krijgen nauwgezet voorgeschreven welke zinsneden hoeveel punten opleveren, en ik weet dat een beetje intelligente leerling die niet eens de moeite neemt om de hele tekst te overzien, daarbij gemakkelijk een voldoende haalt. Ooit werd bij de opdracht samenvatting leerlingen geleerd om in een samenhangend betoog de gedachtegang van de schrijver weer te geven, maar dit onnozele wegstrepen van wat wegkan, heeft daar niets mee van doen. En wat ik nu volstrekt onbegrijpelijk vind, is dat leraren Nederlands hun leerlingen opleiden voor zo’n stompzinnige opdracht.

Van leraren die dit pikken, verwacht u dat ze hun verantwoordelijkheid nemen? Als ze die ooit hadden genomen, was zo’n examen er nooit gekomen want dan hadden ze geweigerd om hun leerlingen iets zo onnozels voor te leggen. Laten we dus liever naar huis gaan en ons collectief schamen.

lgm.prick@worldonline.nl