Hoofdstad praktisch musloos. In Jordaan is nog maar één mus

Gratis kranten kunnen wel degelijk schokkend nieuws bevatten, leest Paul Steenhuis in de week dat het gratis dagblad De Pers verscheen

VERWIJNEND STADSGEZICHT: De laatste mus uit de Amsterdamse Jordaan Foto Dijkstra vogel mus mussen huismus Dijkstra bv

Het echte spraakmakende bericht uit de gratis verspreide kranten deze week was niet het openingsbericht ‘Nederwiet in België gekweekt’ in het eerste nummer het nieuwe, gratis dagblad De Pers, dat afgelopen week verscheen.

Nee, het spraakmakendste bericht lijkt vooralsnog deze week gepubliceerd te zijn in een ander gratis verspreid blad, het Amsterdams Stadsblad, dat woensdag opende met het bericht met de fantastische kop: ‘Unieke telling: hele wijken musloos’.

Hele wijken musloos.

De Amsterdamse stadsecoloog Martin Melchers, meldt de krant, heeft gedurende 2005 en 2006 de huismussen in Groot-Amsterdam geteld: de hoofdstad en ondermeer Weesp, Amstelveen, Aalsmeer en delen van Zaandam. Nog nooit eerder, zegt Melchers, werd zo nauwkeurig geteld. „Het gaat om een gebied van 410 vierkante kilometer, dat ik bijna straat na straat door fietste.” In totaal telde de stadsecoloog in Groot-Amsterdam 5400 huismussenparen – terwijl er in 1996 nog werd uitgegaan van minstens 30 duizend. „Het oude stadshart, dus burgwallen en de grachtengordel tot aan de Amstel is nu musloos.”

Daar lees je in de betaalde, landelijke pers helemaal niets over. Wel meldde onder meer Trouw onlangs nog, dat de huismus bij de recentste nationale vogelteldag toch nog de meest getelde vogel was.

Reden van de dramatische mussendaling in de hoofdstad is volgens het Amsterdams Stadsblad tweeërlei: het bouwbesluit van 2003 om gaten groter dan 1 cm in daken ontoegankelijk te maken, waardoor mussen, die graag onder dakpannen nestelen, geen broedplaats meer kunnen vinden. Daarnaast is de toename van roofvogels in de stad een belangrijke oorzaak, volgens Melchers. Eksters, kraaien, gaaien, meeuwen en ook vooral ook sperwers zijn nu tot diep in de stad te vinden – en die eten graag de makkelijk te vangen, weinig schuwe mussen. Er zijn video-opnames van een sperwer in de grachtengordel, die in een broedseizoen vierhonderd huismussen naar het nest bracht. Op andere plukplaatsen van sperwers in de stad worden alleen maar mussenveren gevonden.

Melchers telde fietsend de tsjilpende mannetjes – en in de Jordaan hoorde hij maar één tsjilpen. ‘Nog één mus in de Jordaan’, kopt de krant dan ook. Overigens loopt door de Amsterdamse naoorlogse wijken Geuzenveld, Slotermeer, Slotervaart, Osdorp en Overtoomse veld nog wel een ‘huismuszone’.