Steinmeier verder onder druk in vrijlatingszaak

De Duitse minister van Buitenlandse Zaken Frank-Walter Steinmeier (SPD) is verder onder politieke druk geraakt wegens zijn rol in de kwestie rond Murat Kurnaz, de uit Duitsland afkomstige Turk die na zijn vrijlating uit de Amerikaanse gevangenis in Guantánamo Bay de toegang tot Duitsland zou zijn ontzegd. Steinmeier heeft vandaag ontkend dat hij aan aftreden denkt.

De Süddeutsche Zeitung en de Berliner Zeitung melden vandaag dat Steinmeier direct betrokken was bij het besluit van de bondsregering in 2002 om Kurnaz niet tot Duitsland toe te laten. Steinmeier was chef van de Duitse geheime dienst onder de vorige regering.

Murat Kurnaz, die een Turkse pas bezit maar in Bremen woonde, werd na de aanslagen van 11 september 2001 in Pakistan opgepakt en gevangengezet in Guantánamo Bay. Amerikaanse en Duitse inlichtingendiensten constateerden al snel zijn onschuld. De afgelopen dagen dook materiaal op dat lijkt aan te tonen dat de Amerikanen al in 2002 Kurnaz’ vrijlating aanboden. De Duitse regering zou dit om nog onopgehelderde reden hebben geweigerd. Kurnaz keerde uiteindelijk in 2006 terug naar Duitsland, na bemiddeling van de net aangetreden kanselier Merkel.

Steinmeier ontkent destijds een „officieel” aanbod tot vrijlating te hebben ontvangen. In Bild-Zeitung zei hij vandaag dat aftreden „niet aan de orde is”. Steinmeier zal nog verschijnen voor een parlementaire enquêtecommissie die de rol van de Duitse geheime dienst in de oorlog tegen terreur onderzoekt.

De Frankfurter Allgemeine Zeitung meldt dat de VS Kurnaz in 2002 alleen wilden vrijlaten op voorwaarde dat hij in Duitsland zou opereren als informant in islamitische kring. Steinmeier zou zich echter niet hebben willen inlaten met „Agentenspiele”, aldus de FAZ.