Advocaat klem tussen twee cliënten

Advocaat Moszkowicz lag al onder vuur wegens de banden met Holleeder.

De familie van Endstra denkt dat de advocaat geheime informatie van de een gebruikt voor de ander.

Het was een supergeheime politieoperatie die in de zomer van 2000 werd gestart. Inbreken in het kantoor van Willem Endstra, een vastgoedhandelaar die zaken deed met grote financiële instellingen, maar die ook op grote schaal geld investeerde voor de Amsterdamse onderwereld. De bewijzen daarvoor ontbraken echter.

Justitie besloot een ongekend zwaar middel in te zetten en camera’s in zijn kantoor te plaatsen. Maar het liep allemaal anders. Endstra was op de hoogte van de inbraak. En zo werd niet vastgoedmagnaat Endstra, maar de politie op de band gezet. De banden werden zorgvuldig bewaard, in afwachting van de volgende poging van politie en justitie om Endstra achter de tralies te krijgen. Het scenario lag dus klaar toen officier van justitie Joost Tonino zich in 2001 meldde met een nieuwe verdenking. Als u meneer Endstra gaat vervolgen, komt dit staaltje recherchewerk ook naar buiten, zo liet Endstra’s advocaat Bram Moszkowicz weten.

Zonder in de publiciteit te treden deed Moszkowicz zijn naam als strafpleiter eer aan. De ongrijpbare Willem Endstra ontsnapte voor de zoveelste keer aan een vervolging. En dat zonder ook maar een seconde van het videomateriaal te openbaren.

Endstra werd in mei 2004 doodgeschoten, waarna het videomateriaal niet meer nodig leek. En toch kwam het naar buiten. Twee jaar na de dood van Endstra, in mei van 2006, via misdaadverslaggever Peter R. de Vries. Die bleek ook te beschikken over een serie geluidsopnames van Endstra in gesprek met zakenpartners. Volgens De Vries bleek hieruit dat Endstra minder onschuldig was dan hij zich deed voorkomen. En zo werd het beeldmateriaal dat was opgenomen om Endstra te verdedigen, opeens een middel om hem te beschuldigen.

Hoe kwam De Vries aan het materiaal? De misdaadjournalist wil die vraag niet beantwoorden, maar uit twee verklaringen in het Holleeder-dossier valt af te leiden dat de tv-journalist de banden waarschijnlijk van Holleeder zelf heeft gekregen. De Heinekenontvoerder heeft na zijn arrestatie tegen de Nationale Recherche verklaard dat hij beschikte over beeldmateriaal van Endstra. Daarnaast verklaarde een kennis van de vastgoedhandelaar dat Holleeder hem zelf heeft verteld dat hij beeldmateriaal aan De Vries had gegeven.

Maar hoe kwam Holleeder aan dat materiaal? Diverse bronnen verklaren dat Endstra heeft verteld dat Moszkowicz het beeldmateriaal aan Holleeder in bewaring had gegeven, zonder Endstra’s toestemming.

Een vertrouwelijke briefwisseling tussen de advocaten Moszkowicz en Jurjen Pen, die in 2002 de verdediging van Endstra in een strafrechtelijk onderzoek naar de vastgoedhandelaar overnam, zou dat bevestigen. Pen, die niet op de zaak wil ingaan, zou meermalen bij Moszkowicz hebben geïnformeerd over de bedoelde beelden en geluidsfragmenten. Zonder resultaat, zo melden ingewijden. Moszkowicz zou hebben gemeld dat hij het materiaal niet meer had.

De erven Endstra leiden hieruit af dat het verhaal van Willem Endstra het meest aannemelijk is: Moszkowicz heeft dat materiaal aan Holleeder gegeven. Die vermoedelijke schending van de geheimhoudingsplicht is de reden voor het indienen van de tuchtklacht. Dat kan ertoe leiden dat Moszkowicz de verdediging van Holleeder moet opgeven.

Moszkowicz ligt al sinds de arrestatie van Holleeder onder vuur. Volgens justitie is Endstra eind 2002 op het kantoor van Moszkowicz met een pistool bedreigd door Holleeder en zijn mensen.

Sinds duidelijk is dat Holleeder wordt vervolgd voor de afpersing van Endstra, speelt nog een andere vraag: kan de advocaat Holleeder bijstaan in een zaak waarbij belangrijk bewijsmateriaal afkomstig is van Endstra? De gedragsregels van de Orde van Advocaten schrijven voor „dat een advocaat zich niet met de behartiging van twee of meer partijen mag belasten indien de belangen van deze partijen tegenstrijdig zijn of een daarop uitlopende ontwikkeling aannemelijk is”.

Moszkowicz houdt staande dat daar geen sprake van is. Nu de broer van Willem Endstra een tuchtklacht tegen hem heeft ingediend zal de tuchtraad van de advocatenorde die stelling ongetwijfeld moeten onderzoeken. Net als de vraag of Moszkowicz zijn geheimhoudingsplicht heeft geschonden.

    • Jan Meeus