Theologie met kerk op afstand

Nederland heeft er een nieuwe universiteit bij. De Protestantse Theologische Universiteit is vanmiddag geopend in de Domkerk in Utrecht. „De studenten merken er weinig van.”

Gerrit Immink Foto NRC Handelsblad, Leo van Velzen Utrecht, 24-01-07. F.G. Immink. Foto Leo van Velzen NrcHb. Velzen, Leo van

 De kerkgang stagneert, maar ook een krimpende kerk heeft goed opgeleide dominees nodig. De drie kerken die in 2004 samen de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) vormden, hebben daartoe één theologische opleiding gevormd, de Protestantse Theologische Universiteit (PThU). Daarin zijn onderdelen van de oude hervormde, gereformeerde en lutherse opleidingen, alsook de nascholing van predikanten samengebracht. Ook de nieuwe opleiding wordt door de overheid gesubsidieerd.

In zijn openingsrede signaleerde Gerrit Immink, rector van de nieuwe universiteit, vanmiddag het spanningsveld waarin de nieuwe universiteit haar werk begint. Enerzijds is er de voortgaande secularisatie, anderzijds groeit de belangstelling voor allerlei vormen van religieuze beleving.

Immink: „De theologie zal de kunst moeten verstaan om de openheid naar het gevoelsleven te combineren met de nadenkendheid die tot uitdrukking komt in het kerkelijk belijden en met de notie van verbondenheid die kenmerkend is voor geloofsgemeenschappen.”

Een belangrijke taak van de nieuwe universiteit, zegt Immink, is dat zij zich rekenschap geeft van de maatschappelijke en politieke dimensie van het geloof. „In onze samenleving wordt duidelijk dat het geloof niet kan worden teruggedrongen naar de privésfeer.”

Ook kondigde hij aan dat de nieuwe universiteit zowel in onderwijs als onderzoek meer aandacht zal besteden aan niet-westerse vormen van christendom, die ook in Nederland steeds manifester worden. Immink onderstreepte dat er juist in deze situatie behoefte is aan academisch gevormde predikanten. „Wij leiden mannen en vrouwen op die berekend zijn op hun taak in kerk en samenleving.”

Wat betekent de nieuwe opzet van de predikantsopleiding voor studenten?

Immink: „Voor studenten verandert er niet zoveel. Ze kunnen gaan studeren waar ze willen. Niet alleen met Leiden en Utrecht, maar ook met de theologische faculteiten van Groningen en de Vrije Universiteit in Amsterdam zijn afspraken gemaakt, zodat er een duidelijk traject is naar de predikantsopleiding van de Protestantse Kerken in Nederland. ”

Bestaat niet het gevaar van een zekere uniformiteit onder toekomstige predikanten, nu alle opleidingen in één kader zitten?

„Nee, juist de diverse locaties garanderen een behoorlijke mate van diversiteit. Bovendien kenmerkt de protestantse theologische traditie zich vanouds toch al door een grote mate van variatie. Kijk maar hoe de verschillende theologische richtingen met het gedachtegoed van de Verlichting omgaan. Dat verschil blijft wel.”

Betekent een eigen universiteit dat de greep van de PKN op de theologische opleiding nu groter wordt?

„Nee, integendeel, de kerk wordt meer op afstand geplaatst. Tot dusver werden kerkelijke hoogleraren aan openbare universiteiten rechtstreeks door de synode benoemd. In de nieuwe universiteit komt er een raad van toezicht, die het bestuur en beheer controleert. Wel heeft de benoeming van het college van bestuur en van hoogleraren goedkeuring van de synode nodig. Bovendien blijft er in Utrecht en Leiden een nauwe samenwerking tussen de protestantse universiteit en de openbare theologische faculteiten. Wij willen de goede contacten te met die faculteiten bestendigen, ook als ze onder namen als religiewetenschappen of geesteswetenschappen gaan werken. Daar hebben die faculteiten zelf trouwens ook belang bij, want de kerkelijke nabijheid die wij bieden trekt ook studenten.”

Zullen studenten die predikant willen worden in de PKN niet een voorkeur krijgen voor Kampen, waar een volledig geïntegreerde bachelor en master worden aangeboden?

„Niet per se. Vroeger waren er middelbare scholieren die op voorhand wisten dat ze dominee wilden worden. Maar tegenwoordig gaan jongeren theologie studeren omdat ze dat een interessante studie vinden. Pas halverwege stellen ze zich de vraag wat ze ermee kunnen. Dan komt aan de orde of het predikantschap iets voor hen is. Overigens blijkt Kampen voor veel theologiestudenten uit Azië en Afrika zeer aantrekkelijk. Internationaal heeft Kampen naam gemaakt en daar kan de PThU hopelijk van profiteren.”

Heeft een universiteit zonder één duidelijke vestigingsplaats toch niet een wat virtueel karakter?

„We zullen moeten proberen een eigen gezicht te krijgen als theologische universiteit. Een gerenommeerd theologisch instituut als Princeton Theological Seminary in de VS heeft ook een brede uitstraling verworven. In de complexe Nederlandse situatie, met een seculariserende omgeving, te midden van nieuwe religies en allerlei religiestudies, kan een sterke protestantse universiteit een soortgelijk oriëntatiepunt worden. Maar het wordt inderdaad een spannende periode, want er zijn nog veel onbeantwoorde vragen: over hoeveel studenten praten we, waar gaan ze studeren, wat gebeurt er met de imamopleiding, wat wordt de plaats van religiestudies. De komende jaren zullen duidelijkheid verschaffen over het toekomstperspectief van de nieuwe universiteit.”