Superstaat Europa?

Hoeveel nationale wetten en regels hebben een ‘Brusselse’ oorsprong. Kan dat worden nagegaan?

Ja, dat kan, stellen onderzoekers van het T.M.C. Asserinstituut voor internationaal en Europees recht, gevestigd in Den Haag. Bij nationale wetten kan als het ware terug worden gezocht in hoeverre ze voortvloeien uit Brusselse richtlijnen, stellen ze in een gisteren gepubliceerd rapport.

Ingewikkeld is het wel, veel werk is het zeker, maar belangrijk is het ook, vinden de onderzoekers. Immers, tijdens het referendum over de Europese Grondwet, juni 2005, scoorde de SP met het spookbeeld van superstaat Europa. Alsof Nederland in de greep was van Brussel.

Door die invloed te kwantificeren kunnen zulke beelden op z’n minst van nuance worden voorzien, aldus de onderzoekers. Bovendien kan dan beter worden bekeken welke rol Brussel precies speelt bij de toenemende regeldichtheid in Nederland.

Kwantitatief meten kan dus, kwalitatief wegen is echter veel moeilijker. Immers: Hoe vergelijk je de invloed van het Europese Stabiliteitspact met strenge begrotingsregels voor de lidstaten precies met de gevolgen van een Europese richtlijn omtrent de kromming van een banaan?

Op verzoek van de ministers van Justitie en Buitenlandse Zaken bekeken de onderzoekers twee terreinen, respectievelijk milieu en onderwijs. Ze plozen anderhalf jaar honderden wetten en regels uit gedurende een bepaalde periode. Bij milieu bleek tenminste 66 procent van de nationale wetten en regels een Brusselse oorsprong te hebben, bij onderwijs was dat tenminste 6 procent.

Andere lidstaten zoals Zweden, Portugal en nieuwkomer Slovenië hebben al een systeem dat de invloed van Europese richtlijnen, verordeningen, beschikkingen en jurisprudentie van het Europese Hof van Justitie traceert. Nederland zou volgens de bezoekers ook zo’n monitoringsysteem moeten ontwikkelen.

Het onderzoek is te lezen op: www.asser.nl