Revolutie van de zelfstandigen

Dat meer mensen als zelfstandige werken heeft gevolgen voor Nederland. Het volgende kabinet doet er verstandig aan rekening te houden met deze ‘ZZP- revolutie’, vinden Pauline Smeets en Mei Li Vos.

Wij zien een stille revolutie op de arbeidsmarkt: steeds meer mensen stappen uit de loondienst en worden zelfstandige. Meestal beginnen ze als freelancer, soms naast een loonbetrekking, of als zelfstandige zonder personeel, de zogeheten ZZP-er.

Vorig jaar registreerde de Kamer van Koophandel 85.000 startende bedrijven. Daar zitten nog niet de freelancers bij, die zich (nog) niet hoeven inschrijven bij de KvK. Maar het is niet ondenkbaar dat er over enkele jaren een miljoen werkenden als kleine zelfstandigen de kost verdienen.

Waarom wordt iemand zelfstandige? Soms dwingen de omstandigheden daartoe, zoals werkloosheid. Ontevredenheid over de baan in loondienst kan ook een reden zijn. Vrouwen met kinderen kiezen voor het zelfstandig ondernemerschap, omdat ze dan de vrijheid hebben zelf hun tijd in te delen.

Vooral in de creatieve sector werken steeds meer zelfstandigen of freelancers. Er is bijna geen cameraman, geluidstechnicus of ondertitelaar die in loondienst voor een omroep werkt. Ook de pers werkt vaker met freelancejournalisten. Steeds meer bouwvakkers worden ZZP-er. Vooral allochtonen beginnen vaker een onderneming dan autochtonen – niet in de laatste plaats omdat ze bij sollicitaties vaker gediscrimineerd worden.

Het grote aantal zelfstandigen heeft gevolgen voor de economie. In de eerste plaats betekent het dat de roep om een flexibeler arbeidsmarkt een natuurlijk antwoord krijgt. Bedrijven die zelfstandigen of freelancers inhuren, beschikken daarmee over een flexibele schil. Als de klus klaar is, passen de personeelsomvang en de arbeidskosten zich vanzelf aan.

De economie wordt ook innovatiever: de kleine bedrijfjes of eenpitters passen zich snel aan nieuwe vragen aan. Faciliteiten die niet alleen gericht zijn op de grote spelers, zoals microkredieten, zijn hierbij meer dan welkom.

In de sociale zekerheid zijn er enkele aanpassingen wenselijk die zelfstandigen zouden helpen. Bijvoorbeeld een collectieve regeling voor zelfstandig werkende vrouwen die een goede uitkering van 16 weken garandeert tijdens de zwangerschap- en bevallingsperiode. Ook in de pensioenopbouw van zelfstandigen kan nog veel verbeterd worden.

Het nieuwe kabinet moet doorgaan met het verminderen van de administratieve lastendruk, maar dan vooral vanuit het perspectief van de kleine zelfstandige en de kleine bedrijven. Deze groep heeft totnogtoe weinig gemerkt van het schrappen van regels.

Daarnaast zou het kabinet moeten kijken naar de onderhandelingsmacht van kleine zelfstandigen. Ze mogen nu geen tarieven vaststellen vanwege Europese richtlijnen. Maar een collectief van zelfstandigen heeft veel minder macht dan de grote bedrijven, die hen inhuren en de macht hebben tarieven vast te stellen.

De stille ‘zelfstandigenrevolutie’ heeft ook gevolgen voor de ruimtelijke inrichting. Meer mensen zullen, net als voor de uitvinding van kantoren en fabrieken, aan huis werken. Het is de vraag of er nog wel zo veel behoefte zal zijn aan grote kantorencomplexen, bedrijfsterreinen en meer asfalt. De meeste zelfstandigen doen zaken via internet vanuit huis. Het is goed mogelijk dat er minder woon-werkverkeer is als meer mensen thuiswerken. Een ander positief effect is dat woonwijken als vanzelf werkwijken worden, waar overdag meer volk op straat is.

Dat meer mensen vanuit huis werken kan overigens ook een oplossing zijn voor regio’s waar het bevolkingsaantal terugloopt. Waarom in de dure Randstad zitten te vertalen vijf hoog achter, als je in Zeeland of Friesland twee keer meer vierkante meters en een tuin kunt krijgen voor hetzelfde geld?

Wat dat betreft zou het kabinet kunnen overwegen om de belastingaftrek voor kantoor aan huis weer in te voeren. Het levert waarschijnlijk meer op dan de directe voordelen van een vereenvoudiging van het belastingstelsel. Veel zelfstandigen zullen met alle liefde aan de extra informatieplicht rond dit aftrekpostje willen voldoen.

Of deze veranderingen zo gaan als wij ze nu schetsen is nog de vraag – voorspellen blijft lastig als het om de toekomst van de economie gaat.

Dat steeds meer mensen voor zichzelf beginnen is voorlopig goed nieuws voor een kabinet dat zich gesteld ziet voor de uitdagingen van een mondiale economie, de noodzaak van een innovatieve economie, de zorg voor het milieu en de sociale samenhang in buurten en wijken.

De stille kracht van de stille zelfstandigenrevolutie lijkt ons zowel een cadeau als een uitdaging voor een toekomstgericht kabinet.

Pauline Smeets is lid van PvdA-fractie in de Tweede Kamer.Mei Li Vos is mede-oprichter van het Alternatief voor Vakbond (AVV).

Eerdere artikelen in deze serie zijn na te lezen op www.nrc.nl/opinie

    • Mei Li Vos
    • Pauline Smeets