Louise Arbour wil oorlogsmisdaden Nepal berechten

Nepalese militairen en maoïstische rebellen moeten terechtstaan voor oorlogsmisdaden begaan tijdens de vorig jaar beëindigde burgeroorlog. Dat heeft Louise Arbour, Hoge Commissaris voor de Mensenrechten van de Verenigde Naties, gisteren aan het einde van een zesdaags bezoek aan Nepal gezegd.

„Ik vind dat er vervolging moet zijn van degenen met de hoogste verantwoordelijkheid voor ernstige mensenrechtenschendingen, zoals verdwijningen, moorden en martelingen”, zei ze. Tijdens de tienjarige oorlog, waarin de maoïsten een guerrilla voerden voor een maoïstisch-communistische staat, zijn zeker 13.000 doden gevallen en honderden personen vermist geraakt. Volgens de VN zijn nog 600 personen spoorloos.

„Er is geen vooruitzicht op duurzame vrede zonder dat zij die de misdaden hebben begaan daarvoor verantwoordelijkheid afleggen”, aldus Arbour, die benadrukte dat beide partijen in het conflict vervolgd moeten worden.

Arbour liet in het midden wie de berechting zou moeten doen. Wel maakte ze duidelijk weinig vertrouwen te hebben in het huidige justitiële apparaat in Nepal. Over de families van vermisten zei ze: „Eerlijk gezegd is het een extra belediging voor ze dat hun zoektocht naar de waarheid afhankelijk is van een compleet geringschattend en hard systeem.” Bovendien heeft de regering vaak ongeloofwaardige informatie over mensenrechten verstrekt aan onderzoekers. Nepal erkent het Internationale Strafhof niet.

De interim-regering en de maoïsten hebben alleen koning Gyanendra en 200 van zijn helpers verantwoordelijk gehouden voor misstanden tijdens de oorlog. Gyanendra liet in april met geweld een volksopstand neerslaan.

Interim-premier Koirala en maoïstenwoordvoerder Mahara hebben gisteren hun medewerking toegezegd aan de door de Veiligheidsraad opgerichte missie van de VN, die Nepal verder moet begeleiden in de ontwapening en inkwartiering van ongeveer 35.000 ex-rebellen. (AP, AFP, BBC)