Lang wachten op de zorgsector beu

Digitale patiëntendossiers kunnen miljarden besparen.

Vijf multinationals willen niet wachten. Ze beginnen vast. Op internet.

Artsen laten veelal eigen röntgenfoto’s maken, ook al zijn er van die patiënt elders al recente foto’s. Foto AFP AFP

Colin Evans’ echtgenote had kiespijn. Ze vroeg de tandarts om advies, werd doorverwezen naar een gespecialiseerde collega en uiteindelijk moest de kaakchirurg ingrijpen. „Geen van de drie zocht contact met een ander”, zegt Evans. Het gevolg: drie onderzoeken, drie dezelfde foto’s, drie rekeningen. Met een door misverstanden verkeerd voorgeschreven antibioticum om het af te maken.

Zomaar een illustratie van wat er mis kan gaan zonder een elektronisch patiëntendossier, bedoelt Evans. Hij is eindverantwoordelijke voor het gezondheidsbeleid van chipproducent Intel, een van Silicon Valley’s grootste ondernemingen.

Intel geeft elk jaar een half miljard dollar (387 miljoen euro) uit aan de ziektekosten van de 50.000 werknemers plus evenzoveel gepensioneerden en familieleden. „De meeste bedrijven zien ziektekosten niet als hun kernactiviteit, slechts als een rekening die betaald moet worden”, zegt Evans. „Intel beschouwt deze kosten hoe langer hoe meer als concurrentienadeel ten opzichte van buitenlandse bedrijven.”

Intel en regiogenoot Applied Materials, olieconcern BP America en ’s werelds grootste werkgever, winkelketen Wal-Mart, doen nu waar de gezondheidssector al jarenlang faalt: ze beginnen een eigen patiëntendossier. Op internet. Samen investeren ze een relatief verwaarloosbare 7,5 miljoen dollar (5,8 miljoen euro) in de software die moet uitgroeien tot een nieuwe Amerikaanse standaard.

De investering komt op het moment dat de discussie over de Amerikaanse gezondheidszorg oplaait. De VS moeten „kosten drukken en het aantal medische fouten verminderen door betere informatietechnologie”, zei president Bush deze week in zijn State of the Union.

Het bedrijfsleven in de VS vergoedt de helft van alle Amerikaanse ziektekosten. Niemand bestrijdt dat deze kosten hoger dan noodzakelijk uitvallen door het archaïsche systeem van patiëntendossiers. Een landelijk dossier van zou volgens onderzoeksbureau Rand jaarlijks 162 miljard dollar (125 miljard euro) uitsparen.

‘Dossia’ gaat de eerste aanzet daarvan heten en de vijf bedrijven denken voldoende macht te hebben medewerking af te dwingen. Nu wordt 80 procent van de dossiers nog op losse vellen papier bijgehouden zonder coördinatie tussen ziekenhuis, artsen, verzekeraars en bedrijven.

De ondernemingen investeren niet alleen om op termijn kosten te besparen. Pitney Bowes, deelnemer nummer vijf in het programma, wil bijvoorbeeld meer software verkopen, Intel denkt extra chips in nieuwe computers voor de sector kwijt te kunnen. „Hier is geld te verdienen”, zegt analist Scott Tiazkun van Health Industry Insights. „Dit is geen Intel-product”, benadrukt Intel-bestuurder Evans. „Maar we weten wel hoe je een betrouwbaar computersysteem moet bouwen.”

En dan is er altijd nog Google. Het zoek- en advertentiebedrijf investeert (nog) niet in Dossia, maar heeft wel laten weten voorstander te zijn van het elektronisch maken van patiëntendossiers. Werkgeversgigant Wal-Mart plus Googles innovatieve vermogen plus Silicon Valleys softwaresteun resulteren in een potentiële verandering die de gezondheidszorg zelf niet kon bewerkstelligen.

Bij Dossia wordt de patiënt zelf dossiereigenaar. Voorafgaand aan een artsenbezoek kan de patiënt inloggen op de dossierwebsite en aangeven welke onderdelen van de medische geschiedenis de arts mag inzien. Als de werknemer een andere baan krijgt wordt het dossier aan de patiënt meegegeven en uit het bestand gewist.

De macht van de patiënt gaat nog verder. Onwelgevallige gegevens zoals recepten voor antidepressiva of een ziekenhuisopname na een verkeersongeluk in beschonken toestand kunnen zelfs buiten het dossier gelaten worden.

Wie garandeert de volledigheid van de gegevens als de patiënt zoveel zeggenschap krijgt? Analist Tiazkun: „Het verstandigste deel van het plan kan ik het niet noemen.” Omnimedix, de non-profitorganisatie die de investering moet omzetten in het elektronische systeem, voelt zich gedwongen zulke privileges toe te staan, anders stemmen op controle beluste patiënten er niet mee in.

Volgens Omnimedix hebben artsen nu teveel economische stimuli om elke nieuwe patiënt als onbeschreven blad te beschouwen, opnieuw testen af te nemen en een nieuw dossier aan te leggen.

Deelname van het nu nog onoverzichtelijke web van gezondheidszorgverschaffers aan één website is dus cruciaal. „Hier is flink wat overtuigingswerk te doen”, zegt Omnimedix-bestuurder J.D. Kleinke. Hij zegt te kunnen dreigen met een boycot van een ziekenhuis of de verzekeraar in kwestie door alle werknemers. „We hebben dus een geladen pistool in de hand. Nu maar hopen dat we het niet hoeven te gebruiken.”

De bedrijfsmatige oplossing voor een maatschappelijk probleem spreekt Amerikanen misschien aan, zegt analist Scott Tiazkun, „maar dit gaat niet werken. Artsen voelen zich allemaal ondernemer. Dit kunnen ze er niet ook nog eens bij hebben.”

Privacyactivisten zijn kritisch. Geef nooit je medische gegevens uit handen, waarschuwen zij. En al helemaal niet aan een consortium van ondernemingen, die het daarna op internet zetten. De protesten hebben vooralsnog weinig effect. Dossia moet deze zomer van start gaan.

Meer informatie over Dossia staat op www.omnimedix.org/dossia.ht

    • Freek Staps