Kamer beperkt vragen

De Tweede Kamer heeft vorig jaar minder vragen aan het kabinet gesteld dan in 2005. Het aantal schriftelijke vragen liep terug van 2.045 tot 1.772. De hoeveelheid mondelinge vragen daalde van 96 naar 92.

Dat blijkt uit het overzicht dat Kamervoorzitter Gerdi Verbeet (PvdA) gisteren bekend maakte. In 2006 waren er twee keer verkiezingen, in maart voor de gemeenteraad en in november voor de Tweede Kamer, hetgeen de daling grotendeels verklaart.

Verbeet maakte tevens bekend dat Jan ten Hoopen (CDA) de eerste ondervoorzitter blijft. Agnes Kant (SP) is benoemd tot tweede ondervoorzitter, nu de SP in omvang de derde partij is geworden in de Tweede Kamer.

Verbeet zei zich samen met de voorzitter van de Eerste Kamer te zullen inzetten voor het herstellen van de zogenoemde embargoregeling. Vorig jaar kregen Kamerleden de begrotingsstukken niet meer enkele dagen voor Prinsjesdag, maar op die dag zelf. Dat gaat volgens Verbeet ten koste van de tijd die Kamerleden hebben om zich op een debat voor te bereiden. Bovendien domineert nu de regering enkele dagen het nieuws zonder tegenspraak van de Kamer.

Het langste kamerdebat, vorig jaar juni, duurde negentien uur en 23 minuten en ging over de kabinetscrisis naar aanleiding van het afnemen van het Nederlanderschap door minister Verdonk van voormalig Kamerlid Ayaan Hirsi Ali (VVD).