‘Vredesmissie moet snel naar Somalië’

De kans op vrede in Somalië slinkt naarmate de inzet van een vredesmacht langer op zich laat wachten, zegt de vicevoorzitter van de AU.

Addis Abeba, 24 jan. - De kans op vrede in Somalië na zestien jaar burgeroorlog dreigt verloren te gaan. „Als de Afrikaanse Unie niet snel financiële steun krijgt om vredestroepen te sturen naar Somalië wordt de vredeskans verspeeld”, waarschuwt Patrick Mazimhaka, vicevoorzitter van de Afrikaanse Unie, in Addis Abeba. Ethiopië trok gisteren zijn eerste soldaten terug uit de Somalische hoofdstad en laat Mogadishu zonder effectieve ordetroepen achter.

De AU kan niet voor een vredesmacht betalen en is afhankelijk van buitenlandse donoren. De EU wil 15 miljoen euro bijdragen. „Wat tot nu toe is toegezegd door de Verenigde Staten en de Europese Unie is een peulenschil”, klaagt Mazimhaka. De Veiligheidsraad van de AU nam vorige week een resolutie aan om 8000 vredessoldaten te sturen. Oeganda heeft 1500 man beloofd, maar nog geen enkel ander Afrikaans land heeft zich gecommitteerd voor een vredesmacht. Nigeria en Malawi overwegen een bijdrage.

Er bestaat een meningsverschil wat hoogste prioriteit heeft: een vredesmacht of een politiek akkoord in Mogadishu. „De EU stelt als duidelijke voorwaarde voor steun aan een vredesmacht dat de huidige interim-regering van Somalië haar basis verbreedt”, vertelt Somalië-expert Matt Bryden. „Eerst moeten de politieke omstandigheden worden gecreëerd waarin een vredesmacht kan slagen.” Ook de VS vinden dat de interim-regering van president Abdullahi Yusuf een bredere basis moet krijgen.

Mazimhaka van de Afrikaanse Unie daarentegen stelt de prioriteiten in een andere volgorde. „Afrikaanse landen willen eerst vredestroepen zenden om de situatie te stabiliseren. Zo hebben we het destijds ook in Burundi gedaan toen de burgeroorlog nog gaande was. En in het Soedanese Darfur is de situatie niet anders. We moeten niet wachten tot er een politieke overeenkomst is bereikt. Na zestien jaar burgerstrijd in Somalië moet er nu bovenal stabiliteit worden gevestigd.” Binnen de AU zou de kwestie tot controverses kunnen leiden. Mazimhaka gelooft evenwel niet dat de verdrijving van de Unie van Islamitische Rechtbanken door het Ethiopische leger vorige maand en het machtsvacuüm dat met hun terugtrekking ontstaat een reden vormt voor onenigheid binnen de AU.

De Afrikaanse staatshoofden komen volgende week bijeen voor hun jaarvergadering in de Ethiopische hoofdstad Addis Abeba, waar het hoofdkantoor van de AU is gevestigd. „Vrijwel geen Afrikaanse staat heeft sympathie voor de islamitische fundamentalisten. En het Somalië-probleem is niet ingewikkelder dan bijvoorbeeld Darfur, met het verschil dat er buiten Afrika meer bereidheid bestaat te helpen bij Darfur dan bij Somalië. De oorlog in Somalië is niet alleen de verantwoordelijkheid van de AU, de Verenigde Naties zouden verantwoordelijkheid moeten nemen.”

Somalië-expert Bryden verwacht dat Somalië weer zal afglijden naar een situatie waarin krijgsheren de dienst uitmaken en een zwakke en verdeelde regering geen invloed uitoefent. Zoals ook het geval was vóór de islamitische rechtbanken zeven maanden geleden de macht in Mogadishu overnamen en er orde vestigden. „Het belangrijkste verschil is dat er nu een grotere internationale belangstelling bestaat en het besef dat de grootste uitdaging is om een politieke oplossing te vinden.” Net als Mazimhaka gelooft hij dat de interim-regering alléén geen politieke uitweg kan bieden; andere clan- en politieke leiders moeten aan boord komen om verzoening in Somalië mogelijk te maken.

    • Koert Lindijer