Netwerken op het dorpsplein van de wereld

‘Davos’ is een machtig forum, maar met een onduidelijke status. Vóór alles is het een vrijplaats van de internationale politieke en zakenelite. Om die reden wordt het forum ook wel gewantrouwd.

Popmuzikant Bono (links) en modeontwerper Armani (tweede van rechts) met vertegenwoordigers van bedrijven bij de lancering van hun initiatief tegen aids, vorig jaar op het World Economic Forum in Davos. In het midden John Hayes (American Express) en Andrew Wolfe (GAP), rechts Bobby Shriver (RED). Foto Bloomberg From left to right: rock musician Bono, American Express Marketing Chief John D. Hayes, GAP President Andrew Wolfe, Fashion Designer Giorgio Armani, and RED Chief Executive Bobby Shriver announce the launch of Product RED, a global initiative to help raise funds for the fight against AIDS in Africa, in Davos, Switzerland, Thursday, January 26, 2006. Current partners in the program include Converse, American Express, Gap and Giorgio Armani. Photographer: Adam Berry/Bloomberg News Photographer: Adam Berry/Bloomberg News Bloomberg News

In het afgelegen Zwitserse Alpendorp Davos (13.000 inwoners, 1.500 meter hoogte) zijn maar twee straten. De Promenade en de Talstrasse, die samen een lus vormen. In de week van het World Economic Forum staat daar het verkeer voortdurend vast – en wel met limousines van Audi, BMW en Mercedes.

Op de trottoirs schuifelt het duurste en machtigste congrespubliek ter wereld over de aangestampte sneeuw. Iedereen heeft dezelfde congrestas met embleem en een witte naambadge. De dames dragen vrijwel zonder uitzondering bont. De mannen hebben onder hun kostuum bergschoenen aan. Stropdassen worden bij het congrescentrum afgedaan.

In de berm staan zwaar bewapende politiemensen, militairen en cameraploegen. Helikopters pendelen naar Zürich, om daar de eigenaren bij hun privéjets af te halen.

Vandaag verzamelen zich in Davos opnieuw zo’n 2.400 congresgangers, van wie 800 bestuursvoorzitter zijn van grote tot zeer grote ondernemingen. De overigen zijn minister, premier, staatshoofd, hoogleraar, kunstenaar, belangenbehartiger, bisschop, moefti, prins, filmster of diplomaat.

Wie van z’n lijfwachten toestemming krijgt, laat al gauw de limo in de file staan en gaat lopen – het gaat niet alleen sneller, je ontmoet ook nog eens iemand. Een paar jaar geleden zag ik de toenmalige Argentijnse president Carlos Menem, voortschuifelend op het trottoir, even afbuigen naar een zwarte limousine om een grijnzende Arafat te kunnen begroeten. De aartsbisschop van Canterbury bleef even op de stoep op ’m wachten.

Davos is elk jaar een paar dagen het dorpsplein van de internationale politiek en economie. Mandela en De Klerk troffen elkaar er voor het eerst. Net als Helmut Kohl en Hans Modrow, de partijleider van de imploderende DDR.

Aanstaande premiers of oppositieleiders komen zich in Davos discreet voorstellen. Recep Erdogan, nu premier van Turkije, debuteerde jaren geleden al op het forum. De Amerikaanse senator Hillary Clinton en presidentskandidaten John Kerry en John McCain ontbraken de afgelopen jaren niet.

Kofi Annan was er als secretaris-generaal van de VN altijd. China en India sturen regeringsleiders, centrale bankiers en zakenlui. De Europese Commissie zou er het liefst ‘en groupe’ heengaan. En dan is Davos ook nog het jaarlijkse trefpunt van de winnaars van de internetrevolutie: Michael Dell (computers), Bill Gates (Microsoft), Carly Fiorina (HP), Page & Brin (Google).

Op de agenda staan ieder jaar opnieuw vrijblijvende thema’s. Ze gaan over creativiteit, solidariteit, nieuwe evenwichten, vertrouwen en verzoening. En dat alles doorspekt met begrippen als global en challenge. Dit jaar is het centrale thema the shifting power equation: het verschuivende machtsevenwicht in de wereld.

Pakweg veertig panelbijeenkomsten per dag in een veel te klein congrescentrum. Achter de tafel: deskundigen van wereldnaam, voorgezeten door een bekende columnist of commentator. Wie een goed panel met een actueel onderwerp treft, is na een uur helemaal bij.

Misschien is dit wel het vreemdste congres ter wereld. Alle wereldleiders en bestuursvoorzitters bijeen: een machtig forum, maar met een onduidelijke status. Het World Economic Forum is immers geen politieke instelling, zoals de Europese Raad van Ministers of de assemblee van de VN. Het is ook geen officieel instituut, zoals de Wereldbank of de Wereldhandelsorganisatie WTO. Er wordt niet gestemd en er is geen plenaire vergadering.

Om die reden wordt het forum ook wel gewantrouwd. Zoveel macht en geld bij elkaar, intensief confererend over economie, welvaart, klimaat, technologie en volksgezondheid: het kan niet anders of daar worden besluiten genomen, verdragen getekend of contracten gesloten.

Dat kan inderdaad niet worden uitgesloten. Soms zullen in de marge van het World Economic Forum zaken worden gedaan en besluiten worden voorgekookt. Maar het forum zelf is toch vooral een vrijplaats voor de internationale politieke en zakenelite, die er mentaal even vakantie neemt van de hectiek van de dag. Wat ‘op de hei’ is voor het Nederlandse zakenleven is ‘in de sneeuw van Davos’ voor de internationale zakengemeenschap.

Formeel worden er dan ook alleen initiatieven aangekondigd. Meestal in de filantropie of de ontwikkelingshulp. Vorig jaar kwamen Bill Gates, de Britse minister van Financiën Gordon Brown en de Nigeriaanse president Obasanjo met het plan om 50 miljoen Afrikanen tegen tuberculose te beschermen. Het jaar ervoor werd een business advisory council opgericht over klimaatvraagstukken.

Het forum is vooral een vakbeurs voor wereldleiders, met informatie, analyse en de ietwat vage idealen uit het logo van het forum, committed to improving the state of the world. Daarnaast wordt het forum ook gebruikt voor pr- en lobbyactiviteiten. India bijvoorbeeld organiseerde er vorig jaar grote ontvangsten, om de aandacht te vestigen op de economische prestaties van het land. Iedere congresdeelnemer kreeg een pasjmina-shawl en een iPod met de opdruk ‘India-Davos 2006’. Zakenkrant The Financial Times houdt ballonvaarten. En Audi nodigt congresdeelnemers uit voor een korte slipcursus op de plaatselijke ijsbaan met de nieuwe A8.

En het officiële programma? De machtigste deelnemers kunnen ze alleen bezoeken wanneer het voor hun bedrijf of land echt relevant is. Of als ze zelf een rol als panellid moeten vervullen. De meeste bestuursvoorzitters zijn de hele dag op weg van het ene hotel naar het andere – om eindelijk de minister van Energie van Brazilië te kunnen spreken over een vergunning, de Chinese centrale bankier te ontmoeten of informeel kennis te maken met de nieuwe concurrent.

Wie wél het programma van het forum integraal volgt, is vermoedelijk journalist, wetenschapper, vrouw-van, politicus of zakenman uit de subtop. De echte top is aan het netwerken of zakendoen in een van de vele chique hotels aan de Promenade of de Talstrasse.

Voor het publiek zijn de grotere panels te volgen via www.weforum.org.

    • Folkert Jensma