Vechten om burcht Bellingwedde

In het Groningse Wedde is opschudding ontstaan over de voorgenomen verkoop door de gemeente van een middeleeuwse burcht. „Straks rijden er hier treintjes rond het gebouw.”

„Dat lieve gebouwtje” moet behouden blijven voor bezichtiging, dat vinden alle partijen in de strijd rond de burcht in Wedde. Foto Sake Elzinga Nederland - Wedde - ( Groningen ) - 22-01-2007 De Weddeburght , deze historische burght in het Oost-Groningse Wedde is onderwerp van een omstreden verkoop aan een particulier. Foto: Sake Elzinga Elzinga, Sake

In het Oost-Groningse dorp Wedde woedt een felle strijd om een veertiende-eeuwse burcht. Dat is niet de eerste keer. Het huurleger van Willem Lodewijk van Nassau veroverde het al eens in het eerste jaar – 1568 – van de Opstand tegen de Spanjaarden.

De gemeente Bellingwedde heeft het kasteeltje sinds 1990 in eigendom, maar wil er vanaf omdat zij er jaarlijks geld op toelegt. Vijf jaar is er onderhandeld met kandidaten, waaronder het Groninger Monumentenfonds en een aantal particulieren. De gemeente en de raad gunnen het nu aan recreatieondernemer Peter Kuijer.

Maar verkoop aan een particulier is onrechtmatig, betoogt onafhankelijk raadslid René Caderius van Veen van de gemeente Bellingwedde. „De gemeente verkwanselt een historisch monument.” In de akte van overdracht van het waterschap aan de gemeente staat dat de burcht niet aan natuurlijke personen ‘vervreemd’ mag worden, vertelt hij aan de keukentafel van zijn landhuis in Blijham. „Behalve als die zich ten doel stellen het beschermde monument te behouden. En daar is met een commerciële marktpartij als Kuijer geen sprake van.” Kwalijk is volgens hem dat een openbare aanbesteding uitbleef. Caderius van Veen heeft hierover een klacht ingediend bij de Europese Commissie. De oppositie in de raad is vooral bezorgd over de toekomst van de burcht. Zal die zijn openbare functie behouden en nog belangrijker: blijft het kasteeltje behouden als monumentaal erfgoed?

Behalve op de procedure is er ook kritiek op de verkoop zelf. De burcht zou voor 1 euro aan Kuijer in erfpacht worden gegeven, die vervolgens 249.999 euro subsidie zou krijgen voor de restauratie. Caderius van Veen is beducht voor een teloorgang van het historische kasteel. „Kuijer is het type kermisexploitant, die het om spektakel gaat. Straks rijden er hier treintjes rond het gebouw”, gruwt hij.

De andere kandidaat-koper Frank Ferrari, die de burcht wilde onderbrengen in de door hem opgerichte stichting Westerwolds Monumentenfonds, is verbijsterd over de gang van zaken. De oud-ondernemer wilde de burcht aankopen en voor 2,5 miljoen euro restaureren. In het kasteeltje wilde hij opvangweekeinden en vakanties organiseren voor kinderen uit minder bedeelde gezinnen. Een half jaar sprak hij over deze mogelijkheid met de gemeente Bellingwedde „tot er opeens nieuwe gegadigden ten tonele verschenen”. „Pure vriendjespolitiek”, hoont hij, „want de nieuwe kandidaat was Kuijer, die op de CDA-kieslijst voor de gemeenteraad stond. Als Kuijer de burcht ooit verkoopt, haalt hij vele tonnen belastinggeld naar zich toe.”

Ook Beno Schouten van het Groninger Monumentenfonds hekelt de verkoop aan Kuijer. „De burcht moet worden beheerd door mensen die verstand hebben van monumenten, zoals wij.” Als een particulier een pand in handen krijgt, ben je dat kwijt. „Met Kuijer wordt het een debacle”, voorspelt hij. „Die kan de exploitatie financieel niet trekken en verkoopt het op de vrije markt. Dan wordt het een woonhuis.”

Ferrari spande onlangs een kort geding aan tegen de gemeente vanwege de in zijn ogen „ondoorzichtige en willekeurige selectieprocedure.” De rechter veroordeelde de gemeente tot het betalen van de kosten van het kort geding. Maar volgens de gemeente is er geen belemmering om de verkoop aan Kuijer door te zetten.

PvdA-wethouder Melle Wachtmeester van Bellingwedde verklaart dat de gemeente jaarlijks 10.000 euro toelegt op de verhuur van het kasteeltje, waar nu de streekraad in huist. Een nieuwe exploitatie, die recht doet aan het „lieve gebouwtje, dat mensen graag willen bezichtigen”, is nodig, onderstreept hij. Overigens spreekt wethouder Wachtmeester niet van verkoop, maar van erfpacht. „Wij blijven als gemeente eigenaar van de grond en het gebouw. Er moet een constructie komen waarbij gewaarborgd is dat de burcht instand blijft als monument en zijn publieke functie houdt.” De keuze voor Kuijer is simpel. „Hij had het beste plan.”

De burcht wordt deels een museum en krijgt een beperkte horecafunctie. Een openbare aanbesteding waar „jan en alleman” op af komt, vond de gemeente te bewerkelijk. De wethouder noemt Caderius „een malloot die overal tussendoor fietst”. Het is bovendien zeer ongewenst wat hij doet, vindt Wachtmeester. „Al eerder is een potentiële exploitant door hem kopschuw gemaakt.”

Ferrari zegt door te procederen tot het Europese hof en daarna, als de verkoop toch de instemming van ‘Brussel’ zou krijgen, opnieuw naar de rechter te stappen. Peter Kuijer weigert „uit respect voor alle partijen” commentaar. Na enig aandringen zegt hij het jammer te vinden dat de besluitvorming nu vertraging oploopt. „Er is een grote verliezer en dat is de burcht. Maar het behoud ervan staat bij mij voorop. Ik ben bereid om met alle partijen om de tafel te gaan. De burcht moet behouden blijven voor de gemeenschap.”

Rectificatie / Gerectificeerd

In het artikel Vechten om burcht Bellingwedde (23 januari, pagina 2) staat dat Willem Lodewijk van Nassau de burcht in 1568 veroverde. Hij deed dat in 1593.

    • Karin de Mik