Schaatsers delen rake klappen uit

Marathonschaatsers raakten slaags in Zweden. Arjan Mombarg zit nog opgesloten.

Marathonschaatser Arjan Mombarg uit Vorden zit sinds zaterdagnacht in een Zweedse cel nadat hij een politieagent had geslagen.

De Achterhoeker was collega-schaatser Peter de Vries uit Heerenveen te hulp geschoten, die na afloop van een wedstrijd op natuurijs in Börlange ruzie had gekregen met een vijftal Zweden.

Wat is er precies voorgevallen?

Peter de Vries: „Bij het verlaten van een discotheek werd ik geprovoceerd door een meisje dat bij een groep hoorde die schijnbaar op ruzie uitwas. Nadat ze me had uitgescholden, sloeg ze me. Ik pakte haar arm, waarna ze viel. Dat was voor de jongens aanleiding mij aan te vallen. Ik heb toen enkele klappen uitgedeeld. De ruzie werd gesust door twee portiers, die zeiden dat ik me beter koest kon houden omdat het gevaarlijke jongens zouden zijn.”

Maar hoe was Mombarg dan bij de vechtpartij betrokken?

„Hij voegde zich later bij ons in een snackbar waar we een patatje aten. En in die gelegenheid waren ook de jongens met wie ik kort daarvoor ruzie had gehad. Zij waren uit op revanche en vielen mij opnieuw aan, evenals collega-schaatser Roel van Hest, die een klap van een meisje had kreeg. Binnen een mum van tijd had ik een man of vijf om me heen. En ik heb toen enkele rake klappen uitgedeeld. Ik ben niet uit op ruzie, maar ik laat me niet slaan. Kort daarna kwam Mombarg de snackbar binnen en toen hij in zijn rug werd geduwd, meende hij met een van die Zweedse jongens te maken te hebben. Mombarg bedacht zich geen moment en sloeg degene die hem een por gaf in het gezicht. Maar het slachtoffer bleek een politieagent te zijn, waarna hij werd gearresteerd.”

Weet je hoe lang Mombarg gevangen blijft?

„Nee. Zijn ploeggenoot Erik Hulzebosch heeft vanochtend nog contact met Mombarg gehad, maar werd niet veel wijzer.”

In hoeverre ben jij schuldig aan de vechtpartij?

„Niet, omdat ik niemand heb uitgelokt. Het schijnt daar elk weekeinde raak te zijn met jongeren die op ruzie uit zijn. En daar ben ik nu het slachtoffer van geworden.”