Paradijs in Patagonië

eilandtoren.jpgEen van de mooiste plekjes van Argentinië is zo klein dat het op de meeste landkaarten van het immense land niet eens staat aangegeven. Je komt er door vanuit Buenos Aires 1.800 kilometer zuidelijk te vliegen naar Comodoro Rivadavia. Daar vandaan rij je met de auto driehonderd kilometer verder naar beneden tot de vissersplaats Puerto Deseado. Vanuit dat stadje kun je, als de wind niet te hard waait, er in een half uurtje met de boot naar toe varen. Isla Pingüino heet het paradijs in Patagonië. Het natuurreservaat met de omvang van Schiermonnikoog is een exclusief toevluchtsoord voor pinguïns en zeeleeuwen. Gisteren stonden ze er allemaal te zweten bij een temperatuur van dertig graden.

islapinguino.jpgDe een paar honderd kilometer meer oostelijk gelegen Falkland eilanden, die van Groot Brittanië zijn, staan op elke Argentijnse kaart, maar het schitterende, geheel eigen Pinguïn eiland is op de meeste Argentijnse landkaarten gek genoeg niet te vinden. Dat verklaart waarschijnlijk ook waarom het er zo heerlijk rustig is. De files van bussen die in de Patagonische provincie Chubut rijden naar pinguïnreservaat Punta Tombo ontbreken hier volledig. Op de kaarsrechte weg van Fitzroy naar Puerto Deseado kom je in anderhalf uur tijd slechts vijf ander auto´s tegen. Die automobilisten knipperen met hun lichten en zwaaien naar je. Hee, nog een auto!

islapinguino1.jpgPinguïn eiland is de enige plek in Latijns Amerika - de Falklands niet meegerekend - waar je de rockhopper pinguïn kan zien. Deze pinguïn heeft gele veertjes op zijn kop en een kuif die hem het aanzien geeft van een punker. Ze delen het eiland met de Magelhaen pinguïn. En net zoals in Puerto Deseado de Argentijnen strikt gescheiden wonen van de Bolivianen die hier in de visindustrie werken, leven ook de twee verschillende soorten pinguïns op aparte delen van het eiland. De rockhoppers zitten in een spleet tussen de rotsen waar ze inderdaad eigenaardig rondspringen. Af en toe loopt er een Magelhaen langs maar veel contact lijken de twee niet te onderhouden.

Je vraagt je af of ze met elkaar kunnen praten? En of ze elkaar verstaan? Beide soorten maken een heel verschillend geluid. De Argentijnse biologe Chantal Torlaschi - die een paar keer per week het eiland bezoekt - denkt wel dat ze met elkaar communiceren. ,,Iets zegt me dat ze elkaar begrijpen. In ieder geval snappen ze wat het betekent om door de ander gepikt te worden met de snavel. Dat is universele taal´´, zegt Chantal. De biologe kwam hier tien jaar geleden vanuit Buenos Aires om de dolfijnen te bestuderen. Ze viel voor een ambtenaar van de sociale dienst en heeft sindsdien leeg Patagonië niet meer verlaten.

De pinguïns bewonen al vele honderden jaren deze plek. Darwin beschreef ze in de 19e islapinguino3.jpgeeuw. En de piraat Thomas Cavendish die in 1586 deze plek bezocht - en Port Desire noemde, naar de naam van zijn schip - schrijft hoe ze pinguïns doodknuppelden, inzouten en meenamen als proviand voor tijdens de lange reis rond de wereld.

Tegenwoordig worden de pinguïns bedreigd door de visserij. Een grote vloot opereert vanuit Puerto Deseado. De industrie en de gewoonte visresten overboord te kieperen, trekt ook grote groepen meeuwen aan. Die proberen op hun beurt weer pinguïneieren te eten. En omdat de pinguïns niet meer dan twee eieren per jaar leggen, vormen de meeuwen een grote plaag.

islapinguino4.jpgMaar voorlopig zitten ze nog redelijk vredig te broeden rond de grote vuurtoren. Die stamt uit het jaar 1903. Hij is sinds een paar jaar niet meer in gebruik. Isla Pingüino is nu volledig onbewoond. Raar eigenlijk want een mooier beroep dan vuurtorenwachter op Pinguïn eiland is nauwelijks denkbaar. De hele dag kijken hoe pinguïns ondanks de kolkende golven toch met opvallend gemak op de rotsen klimmen en gezellig naar hun nest wandelen. Het ruikt er ook zo lekker.

    • Marcel Haenen