‘Ik voorspel: het onderwijs gaat naar de verdommenis’

De vereniging ‘Beter Onderwijs Nederland’ hield haar eerste jaarvergadering. Een zaal vol leraren die zich zorgen maken over de „rampzalige” staat van het Nederlandse onderwijs.

Beter Onderwijs Nederland is niet de Vereniging van Ontevreden Leerkrachten, zegt rector magnificus Hans van Duijn van de Technische Universiteit Eindhoven. De vereniging is ook niet de hobby van een klein clubje gefrustreerden, zegt filosoof Ad Verbrugge, voorzitter van Beter Onderwijs Nederland (BON). Toch laten de sprekers op de eerste jaarvergadering zich vrijwel uitsluitend negatief uit over de toestand van het huidige Nederlandse onderwijs. „Rampzalig en schadelijk”, noemt Van Duijn het Nederlandse onderwijsbeleid. Verbrugge zegt dat hij zich „geen illusies” maakt: de schade valt niet binnen een paar jaar te herstellen. Het is de taak van BON, aldus de voorzitter, om de publieke opinie van de problemen te doordringen. De enige spreker die later iets positiefs over het onderwijs zegt, hoogleraar onderwijskunde Marijk van der Wende van de Universiteit Twente, krijgt hardop kritiek in plaats van applaus.

De ledenvergadering, met aansluitend een symposium over de staat van het Nederlandse onderwijs, trok naar schatting ruim 600 leden naar het auditorium van de Eindhovense universiteit.

Sinds de oprichting heeft BON geregeld de publiciteit gehaald met kritiek op de huidige onderwijspraktijk. De grootste ergernis is het ‘nieuwe leren’, waarbij leerlingen zich overwegend zelfstandig de lesstof eigen maken en leraren vooral als coach optreden. Volgens BON moet de leraar weer een centrale positie in het onderwijs krijgen. Hij moet weer voor de klas instructie geven, zodat leerlingen weer basiskennis opdoen.

Een ander struikelblok is volgens BON het management op scholen. Er zijn te veel managers, is de boodschap. Bovendien zouden ze leraren te veel administratieve taken opleggen, wat ten koste zou gaan van het lesgeven.

De wensen van de vereniging blijven niet zonder weerklank: onder meer het Wetenschappelijk Instituut van het CDA spreekt met BON over onderwijsvisies.

Kritiek op BON was er het afgelopen jaar ook. Rancuneuze leraren zouden hun eigen koninkrijkje voor de klas weer terug willen en de vereniging zou weer terug willen naar de onderwijspraktijk van de jaren vijftig. Niettemin meldden zich vele honderden mensen als lid.

Diverse toespraken op het symposium zijn koren op de molen van de aanwezigen. Publicist Paul Scheffer roept in herinnering dat Nederland internationaal slecht scoort met het hoge aantal schoolverlaters. Onderwijs moet leerlingen weer burgerschap bijbrengen, aldus Scheffer, en er moet een parlementaire enquête komen naar het onderwijsbeleid.

Vmbo-leraar Wim van de Merwe wint de sympathie van de aanwezigen door te laten zien hoe hij zijn leerlingen enthousiast maakt voor het lassen. Ook leraar Wim Sterken mag een open doekje in ontvangst nemen. Hij zingt het Competentielied, waarin hij zich beklaagt over de vele „veranderingsprocessen” die hij als leraar heeft moeten doorstaan.

Twee onderwijskundigen vergasten het publiek op zeer uiteenlopende visies. Hoogleraar Greetje van der Werf van de Rijksuniversiteit Groningen blijft het dichtst bij de boodschap van BON door met cijfers te onderbouwen dat het niveau op de basisschool en de middelbare school in de afgelopen jaren is gedaald. Vooral haar opvatting dat managers op scholen de juiste condities zouden moeten scheppen voor leraren, „en meer niet”, krijgt veel bijval uit de zaal.

Dat geldt bepaald niet voor het verhaal van hoogleraar Marijk van der Wende. Het niveau van de publieke discussie over onderwijs stelt teleur, zegt zij. Het is tegenwoordig „politiek correct” om te zeggen dat managers niet deugen, en een „woordenstrijd zonder feiten” bederft de discussie over het nieuwe leren. Van der Wende toont optimisme over ontwikkelingen als meer contacturen in het hoger onderwijs en wachtlijsten voor gymnasia. Als ze vervolgens zegt dat BON niet zo’n gepolariseerd standpunt in het onderwijsdebat zou moeten innemen, protesteren enkele aanwezigen hardop. Verbrugge wordt op zijn beurt toegejuicht met zijn boodschap dat hij niet zal ophouden met polariseren.

En dat willen de leden ook niet. Van der Wende is onterecht optimistisch, zegt leraar Duits W. Smeets van het Bouwens van der Boijecollege in Panningen. „Ik voorspel dat het onderwijs naar de verdommenis gaat als het zo doorgaat.” Smeets ergert zich aan managers, zegt hij. „Zij gaan op studiereis naar het buitenland. Daar hebben wij niets aan.” Lesgeven, daar gaat het volgens Smeets om. „Maar als je kritiek hebt, ben je een mopperaar.”

    • Derk Walters