Hillary

Met Hillary Clinton als presidentskandidaat zal het wel goedkomen, vermoed ik. Na NRC Handelsblad kunnen ze in de Verenigde Staten moeilijk achterblijven: power to the women, why not? De mannen hebben lang genoeg de lakens uitgedeeld.

Als de machtsovername maar niet tot een soort bloedbad verwordt, zoals nu bij de PvdA waar die arme Klaas de Vries niet eens meer in de Eerste Kamer mag. „Wij willen een volstrekt gelijke man-vrouwverdeling”, zegt voorzitter Michiel van Hulten vanmorgen in de Volkskrant, „die was de afgelopen jaren scheef.” Tegen De Vries pleitte ook dat hij geen andere belangrijke maatschappelijke functie meer heeft.

De Vries is ‘beledigd’. Kan ik me iets bij voorstellen. Jarenlang heeft hij zich te pletter gelopen voor die partij, en hij staat nog maar een blauwe maandag op de keitjes van het Binnenhof als hem verweten wordt dat hij voor zichzelf nog geen topbaan in de maatschappij heeft gecreëerd. Heeft Van Hulten zelf wel ooit zo’n baan gehad? Pas maar op, er zijn genoeg dames die graag voorzitter van de PvdA willen worden.

Terug naar Hillary, die mijn fantasie blijft prikkelen, op een overigens keurige manier, „laat daar geen misverstand over bestaan”, zouden politici zeggen. Ze verwoordde een kloek motief voor haar kandidatuur: „Als senator zal ik de komende twee jaar alles doen wat in mijn vermogen ligt om de schade te beperken die George W. Bush aanricht. Maar alleen een nieuwe president is in staat de fouten van Bush teniet te doen.”

Duidelijke taal. De vraag is alleen of dit het enige motief van Hillary is om president te worden. Ik moest denken aan een bepaalde passage in het boek Bill and Hillary – The Marriage van Christopher Anderson.

„Op een dag stond Bill bij het bureau van zijn jeugdige vriendin. Hij boog zich voorover om naar de papieren op het blad te kijken, stak zijn arm uit en aaide het meisje over haar dij. Toen hij opkeek, zag hij Hillary’s auto voor het kantoor stoppen. ‘Shit, daar is Hillary’, schreeuwde hij. Hij haastte zich naar Mary Lee.‘Haal haar hier weg’, zei hij, naar de jonge vrijwilligster gebarend. ‘Nú – neem de achterdeur maar. Wegwezen, voor Hillary haar ziet.’”

Dat speelde zich al in 1974 af, ruim twintig jaar vóór ‘Monica Lewinsky’, toen Clinton campagne voerde voor een zetel in het Congres. De jonge vriendin was een vrijwilligster, Mary Lee was de vrouw die met haar man Paul Fray Clintons campagne runde. Het echtpaar moest ervoor zorgen dat Hillary niets merkte van wat binnen de staf de ‘speciale vriendinnen van Bill’ werd genoemd.

Hillary moet inmiddels van al dergelijke anekdotes kennis hebben genomen. Daarom stel ik me voor dat wij haar na een jaartje presidentschap plotseling doodgemoedereerd een knappe, twintig jaar jongere man in de menigte vóór haar zien omhelzen. Als je goed kijkt, is het net of ze elkaar al langer kennen. Hij lacht met dikke, sensuele lippen een nogal veelbetekenende lach, zij trekt hem niet naar zich toe, maar ze ontwijkt hem evenmin.

Een jaar en een reusachtig schandaal in het Witte Huis later.

Hillary kijkt trots in de camera’s en zegt, zonder moeite te doen de triomf in haar stem te onderdrukken: „Ik heb géén seks gehad met die knaap.”

    • Frits Abrahams